Zij : 'De winkel is mijn ding niet'

Gerard (59) en Karin (55) Peeters zijn 35 jaar samen, waarvan 34 getrouwd. Hij is eigenaar van groentewinkel het Trostomaatje, zij doet de boekhouding en werkt parttime in een sieradenwinkel.

Gerard en Karin gefotografeerd door David Galjaard in hun huis in Blerick voor de rubriek "Het Huishoudboekje" - Economie pagina zaterdag editie NRC Handelsblad

Karin: „Wij hebben een heerlijk leven samen. We hoeven geen tonnen op de bank te hebben. Dat boeit me voor geen meter en Gerard nog minder.”

Gerard: „We kunnen royaler leven sinds ik zestien jaar geleden het Trostomaatje overnam. Ik had jarenlang gewerkt als bedrijfsleider in supermarkten en wilde de vloer weer op, met klanten bezig zijn.”

Karin: „Mijn ding is het niet, de winkel.”

Gerard: „De groente maakt haar nageltjes vuil. Karin heeft altijd heel veel gewerkt; 80, 90 uur in de week. Dat was ze een beetje moe tegen de tijd dat ik de winkel kocht.”

Karin: „Ik ben heel blij met mijn baan in een sieradenwinkel. Daarnaast doe ik de boekhouding voor Gerard. Ik houd het consequent bij, want anders wordt het een puinhoop.”

Gerard: „Ik heb er een hekel aan…”

Karin: „Maar iemand moet het doen. Thuis regel ik de financiën ook.”

Gerard: „Ik haal de rekeningen nog niet eens uit de brievenbus. Wel denk ik soms na over onze ouwe dag. Het is wel slecht dat we daar niks voor opzij zetten.”

Karin: „Dat zien we dan wel weer. Als het moet, kunnen we altijd nog ons huis verkopen. Als je 75 bent, heb je ook minder nodig. Dus dan wordt het leven goedkoper.”

Gerard: „Nou, dan ga jij gewoon met een rollator winkelen in Parijs. Maar goed, in geval van nood kan ik altijd nog met mijn accordeon voor de supermarkt gaan zitten.”

Karin: „Stoppen met werken is voor mij nog lang niet aan de orde. Wat moet ik thuis doen? Ik hou niet van poetsen.”

Gerard: „Ik wil over een jaar of twee de zaak wel verkopen, en hier dan een dag of drie blijven werken voor de nieuwe eigenaar. Een beetje afbouwen, totdat ik uiteindelijk alleen inval tijdens vakanties en drukke periodes. Ik zou meer vrijwilligerswerk gaan doen, bij de bejaarden.”