Rinnooy Kan stopt als voorzitter SER

Wie volgt Alexander Rinnooy Kan op als voorzitter van de Sociaal-Economische Raad (SER)? Hij maakte vrijdag bekend dat hij in september stopt en hoogleraar wordt aan de Universiteit van Amsterdam.

Rinnooy Kan (62) geldt als een van de machtigste mannen van Nederland. Hij heeft 39 functies naast zijn voorzitterschap. Zijn vertrek komt niet als een verrassing, ook al wilde het kabinet hem herbenoemen. Vorig jaar lekte uit dat hij had gesolliciteerd als vicepresident van de Raad van State.

Rinnooy Kan is een onvermoeibaar pleitbezorger van de overlegeconomie tussen werkgevers, kabinet en werknemers, waarvan de SER als adviesorgaan van de regering de belichaming is. Toch slonk onder zijn voorzitterschap de invloed van de SER verder. Het lukte de vakbonden en werkgeversorganisaties nog maar zelden om het in de SER eens te worden over adviezen op cruciale dossiers als hervorming van het ontslagrecht, de sociale zekerheid en het pensioenstelsel. Zo’n SER-advies is invloedrijk omdat een kabinet zich dan verzekerd weet van de steun van werkgevers en vakbonden. Sinds vorig jaar ruzie uitbrak bij de grootste vakbond, de FNV, ligt het overleg in de SER vrijwel stil.

Het is nog onduidelijk wie Rinnooy Kan gaat opvolgen. Kandidaten hebben idealiter een niet al te uitgesproken politiek profiel, en zijn zowel voor werkgevers als voor werknemers acceptabel. Een sociaal-economische achtergrond is een pre. Vaak genoemd in het poldercircuit is Job Cohen, zojuist afgezwaaid als fractievoorzitter van de PvdA. Maar juist Cohens kennis van sociaal-economische dossiers werd de afgelopen jaren vaak te licht bevonden. Ook genoemd worden Doekle Terpstra, nu bestuursvoorzitter van hogeschool InHolland, en Paul van der Heijden, voorzitter van de Universiteit Leiden. Kansrijk lijken twee vrouwen, Yvonne van Rooij en Louise Fresco. Ook klinkt vaak de naam van ex-minister Aart Jan de Geus, en die van Wim van de Donk, commissaris van de koningin in Noord-Brabant.