Column

De rechtspraak verliest het vertrouwen in de Kamer

‘Zelden vertoond’ en ze ‘waren niet in control’ , aldus panellid Maurits Barendrecht vorige week over het publiek dat hij meemaakte in de grote zaal van het gerechtshof in Amsterdam.

Waren het boze buurtbewoners? Ontredderde familie van misbruikslachtoffers? Stakende schoonmakers? Nee, de rechtspraak zat zelf in de zaal. Op de voorste rijen presidenten van rechtbanken en gerechtshoven. De top van de Hoge Raad en de bestuursrechtspraak was demonstratief aanwezig. Net als de landelijke deken van de Orde van Advocaten en van de grootste balie, Amsterdam. En tientallen rechters, hoogleraren en advocaten uit het hele land.

De bijeenkomst werd geleid door de Nationale ombudsman die afsloot met de observatie dat hij ‘enorm teleurgesteld’ is in de democratie. Hij hekelde het ‘cynisme’ van de wetgever die stilaan het evenwicht tussen de staatsmachten verandert. De rechtspraak wordt ‘weggedrukt’, de ‘rechtstatelijkheid’ van Nederland komt in gevaar. „Werkt het democratisch systeem eigenlijk wel”, vroeg hij zich zelfs af.

Achteraf trof mij vooral het brede onheilsgevoel onder de magistraten dat dit kabinet geen flauw benul heeft van wat de rechtsstaat is. En het zich kennelijk ook niet wil laten uitleggen. Hier openbaarde zich een vertrouwenscrisis binnen de trias politica – de rechtspraak dreigt het vertrouwen in het parlement te verliezen. Toch opmerkelijk voor deze meestal vrij trouwe dienaren van de politieke besluitvorming. Er was volledig onbegrip over het feit dat de rechtspraak ‘gepakt’ wordt op basis van een regeerakkoord waarover kennelijk geen redelijk woord meer te wisselen valt. De burger die knel zit in een conflict met de buurman, de gemeente of de baas heeft straks geen bruikbare toegang meer tot de rechter. Niemand kon zich voorstellen dat dit zal gebeuren. Maar het lijkt er wel op.

Ombudsman Brenninkmeijer vatte de stemming samen toen hij tegen het kabinet zei: „U plaatst zich in een verdachte positie in een democratische rechtsstaat.” Alle hoop vestigt de rechtspraak op de Eerste Kamer. Maar oud-rechter en senator Marijke Scholten (D66) herinnerde de zaal aan de realiteit van de politieke machtsverhoudingen. Als de zaal iets wil tegenhouden dan moet er gelobbyd worden. En wel binnen CDA, VVD en PVV, zei ze droog. Een nieuw perspectief voor de magistraten, die aan de gedachte van politiek handwerk niet gewend zijn. Laat staan aan dat handwerk zelf.

De opstand draaide, uiteraard, om de sterk verhoogde eigen bijdrage die burgers, bedrijven en overheden straks moeten gaan betalen om zich bij de rechter te mogen verdedigen of iets te mogen eisen. De vakterm daarvoor luidt ‘griffierechten’, een term die bij de doorsnee burger hooguit associaties wekt met mensenrechten. Het zal wel iets zijn iets wat je toekomt. Niet iets wat je moet betalen, terwijl het dat wel is. Die griffierechten zijn de eigen bijdrage, de tol die de burger moet betalen voordat de rechter überhaupt aan de slag mag. Het kabinet wil ze zodanig verhogen dat de rechtspraak er kostendekkend door wordt en het aantal zaken drastisch afneemt. Dat wordt bereikt met schriktarieven, onder het motto ‘de vervuiler betaalt’ – de overheid als bedrijf en de burger als afnemer. Maar dan in de rechtspraak, wat toch lang een kerntaak van de overheid was. Vicepresident van de Raad van State Herman Tjeenk Willink heeft het podium nauwelijks verlaten of ook de rechtspraak wordt omgetoverd in een bedrijf met klanten die hun eigen lasten mogen dragen.

Dat ziet er zo uit: een minimumloner die zijn bovenmodale buurman voor de rechter wil dagen mag dat nog voor 375 euro doen, een gesubsidieerd tarief. Verliest hij echter, dan moet hij ook de volle mep van de buurman vergoeden: 1500 euro. Denk ook aan de sukkelaars die bij hun huurschuld van 600 euro nu al een zelfde bedrag aan griffierecht op mogen tellen. Dat wordt straks 1000 euro, waarschuwde een kantonrechter. Dat zal betekenen dat kleine vorderingen tot zo’n 1000 euro feitelijk oninbaar worden. Want te duur om nog via de rechter op te eisen.

Zou er zijn nagedacht over de effecten daarvan op het handelsverkeer? En op de zogeheten ‘schaduwwerking’ van het recht – de ‘stok achter de deur’-functie van de rechter? De stad Amsterdam verliest nu 60 procent van de parkeerzaken en driekwart van de beroepen tegen de waardetaxaties van de woning. Het scheelt vast tijd en geld als de burger geen bezwaren meer indient wegens de kosten. Maar dan moeten de parkeerwachters voortaan wel gewapend de straat op. En het stadhuis heeft pantserglas nodig. Conflictbeslechting door de rechter is het ventiel van een boze samenleving. En garantie voor veiligheid. Een algemeen belang pur sang.

Debat op nrc.nl/rechtenbestuur twitter via @folkertjensma