De grote vraag is: wie stopt Vettel?

Met een zestal wereldkampioenen aan de start en nieuwe neuzen op de bolides, begint zondag in de straten van Melbourne het nieuwe Formule 1-seizoen. Wordt het dit jaar opnieuw de Sebastian Vettelshow?

Giedo van der Garde, eerder deze week in Melbourne. Foto AFP

In Melbourne gaan zondag de lichten op groen en begint Sebastian Vettel aan een lang seizoen waarin hij antwoord moet geven op de vraag of hij daadwerkelijk een van de allergrootste coureurs ooit is. Met twee opeenvolgende wereldtitels veroverde de jonge Duitser rap de heldenstatus.

Dit seizoen heeft hij het sterkste rijdersveld ooit tegenover zich; een beter Umfeld kan hij zich niet wensen om nu al tot de legenden van de sport te worden gerekend. Want op het stratencircuit in Melbourne Park staan liefst zes wereldkampioenen aan de start. En dat gebeurde nog nooit. Vettel wordt geflankeerd door landgenoot Michael Schumacher, Fernando Alonso, Lewis Hamilton en Jenson Button. Kimi Raikkonen, die na een pauze van twee jaar terugkeert, volmaakt het bijzondere deelnemersveld.

„Iedereen verzamelt wel wat. Ik verzamel graag prijzen”, grapte Vettel deze week op de hem kenmerkende gevatte manier. Maar van praten over zichzelf als een van de groten van de sport wordt de -coureur ongemakkelijk. „Er zijn een paar coureurs die ik beschouw als ware grootheden.” Hij noemt Ayrton Senna en Schumacher. Wat minder bescheiden: „Natuurlijk is het een eer als kenners je tussen die mannen plaatsen. Geen verkeerd gezelschap.”

Baby Schumi, zoals Vettel wordt genoemd, kan zijn jeugdheld dit jaar zelfs overvleugelen. Alleen Schumacher, en Juan Manuel Fangio in de jaren 50, behaalden driemaal op rij de wereldtitel. Lukt Vettel dat dit seizoen, dan staat de coureur niet op gelijke maar eenzame hoogte. Hij is dan de enige wiens trilogie eveneens de eerste drie titels uit zijn carrière zijn. En dat als 24-jarige, waar Schumacher (33) en Fangio (45) veel ouder waren. De geschiedenis leert dat zijn kansen klein zijn. En bij falen valt een topfavoriet des te harder.

„Er is niks mis met verliezen”, zegt Vettel daarover. Hij ligt niet wakker van de kans op een drieluik. „Ik moet volwassen genoeg zijn om te beseffen dat het niet altijd zo goed zal blijven gaan.” Aan de brille van de topfavoriet valt niet te ontkomen, de hegemonie van de jonge Duitser moet anderzijds niet overdreven worden.

Want niet vergeten moet worden dat hij in 2010 pas in de laatste race de titel pakte na geen moment leider in het klassement te zijn geweest. Vorig jaar was hij inderdaad ongenaakbaar wat dan wel weer inhield dat hij zelden onder druk zijn positie hoefde te verdedigen.

Vettel en Red Bull worden in hun queeste naar de legendestatus in elk geval niet geholpen door de belangrijkste regelwijziging voor dit seizoen. Het blazen van uitlaatgassen naar de achtervleugel om zo extra grip te genereren, is nu verboden. En juist met die technische vondst bouwde het Oostenrijkse team sinds 2010 zijn heerschappij op.

Vettel is zonder twijfel de te kloppen man. Vorig jaar ongenaakbaar en vrijwel foutloos met superieur materiaal: in negentien races vijftien keer pole position, elf zeges en slechts twee keer buiten het podium.

De jacht wordt geopend door Button en Hamilton, met in hun slipstream Rosberg, Schumacher en Alonso. Webber en Massa komen simpelweg tekort en Raikkonen heeft niet het goede materiaal. Heeft Vettel opnieuw de beste auto? En verloopt daardoor ook 2012 eentonig?

Dit jaar rijden veel bolides rond met de ‘getrapte’ neus: een esthetisch minder geslaagde bult vóór de cockpit. Mooi is het niet, veiliger wel. De neus is verplicht lager gemaakt zodat de wagens bij een crash niet zo snel gelanceerd worden. Alleen McLaren en Marussia wisten de nieuwe maatregel te koppelen aan schoonheid, de rest rijdt met een krokodillenbek. Verder heeft Pirelli de banden zo gemaakt dat er snel slijtage optreedt. Veel actie in de pitstraat dus.