‘Vechten tot de laatste snik tegen slecht besluit’

Besluiten van de staatssecretaris van Cultuur om de subsidie te beëindigen kunnen worden aangevochten. Stichting Muziek Centrum Nederland spant een zaak aan, uit principe.

Stichting Muziek Centrum Nederland in Amsterdam procedeert tegen staatssecretaris Halbe Zijlstra (VVD) van OCW. Het landelijke kennis- en promotiecentrum voor de Nederlandse muziekwereld tekent beroep aan tegen de opheffing van zijn status van langdurig subsidieerde instelling.

Op 2 december 2011 wees de staatssecretaris het bezwaarschrift af dat MCN bij het ministerie van OCW had ingediend tegen de beëindiging van de rijkssubsidie, met als gevolg het wegvallen van MCN uit de nieuwe basisinfrastructuur. Daarop besloot MCN in beroep te gaan bij de bestuursrechter te Amsterdam. Ook het Nederlands Muziek Instituut en het Muziekcentrum van de Omroep zijn, onafhankelijk van elkaar, in beroep gegaan tegen de beslissing van de staatssecretaris. De zaak van MCN dient 23 april.

Het is een rechtszaak waar ‘naar uit wordt uitgekeken’, maar waarover binnen MCN de gevoelens dubbel zijn, zegt MCN-directeur Leo Pot. MCN is immers aan zijn laatste jaar bezig en is al de weg ingeslagen om muziekprojecten onder te brengen en taken te beëindigen. Een herstart, extra tijd in een traject van afbouw, maakt het er niet gemakkelijker op. „Wat gebeurt er straks als je wint?” zegt Pot. „Een bodemprocedure kan heel lang duren, dat is tijdwinst. Maar stel dat de subsidie nog een half jaar of langer doorgaat. Met welke medewerkers, die we nu aan het begeleiden zijn naar nieuwe banen, werken we dan door?”

Er zijn collega-instellingen, zoals De Kunstfactor – het sectorinstituut voor de amateurkunst – die om die reden van een rechtszaak afzien. Simpelweg omdat zij uitstel voor onbepaalde tijd eigenlijk niet kunnen gebruiken in hun afbouwtraject. Als het alleen maar om tijdwinst gaat, trekken ze toch maar liever zelf al de stekker eruit.

Maar daar staat bij MCN vooral de overtuiging tegenover dat er „tot de laatste snik” gevochten moet worden. „We willen hoe dan ook laten zien dat wat er gebeurt niet goed is en dat onze opheffing ten onrechte is”, zegt Leo Pot. Dat MCN nu nog, in zijn geheel, van de ondergang gered gaat worden is ‘ijdele hoop’. „Het gaat ons vooral om het feit dat de rechter zich moet uitspreken over een slecht onderbouwd besluit zonder visie van de staatssecretaris”. Plus: „Als je je niet verzet, en andere organisaties worden in het gelijk gesteld, hoe voel je je dan? En wat betekent dat dan weer naar onze medewerkers toe?” Winst voor MCN zou bij een goede afloop vooral het versterken van de onderhandelingspositie zijn.

Het ministerie van OCW wil geen commentaar geven op de zaak.