Tonnen omzet in de eerste seconden

De Tefaf, The European Fine Art Fair, in Maastricht, opende gisteren met een run op gewilde objecten. Van een crisis leek even geen sprake.

Een beeld uit de serie ‘Housewives Shopping’ van de Amerikaan Duane Hanson (1925-’96) op de Tefaf bij galerie Vandeweghe uit New York. Foto Chris Keulen

Een uur voordat de 25ste editie van The European Fine Art Fair (Tefaf) officieel voor genodigden geopend wordt, voel je de spanning onder de 260 deelnemende galeries toenemen. Kunsthandelaren ijsberen door hun als minimuseumpjes ingerichte stands. Vitrines worden een laatste keer opgepoetst, het hoogpolige tapijt nog maar eens gestofzuigd. Voor veel galeriehouders is de Tefaf het hoogtepunt van het jaar. Hier zetten ze het grootste deel van hun omzet om, hier leggen ze contacten met musea en verzamelaars uit heel de wereld. Maar nu Europa zich in een crisis bevindt, houdt iedereen zijn hart vast.

Als om twaalf uur de deuren opengaan en het publiek met drommen tegelijk binnenkomt, blijkt die vrees ongegrond. Gretig wordt er naar prijzen gevraagd, in het Amerikaans, Duits en Chinees. Een Franse dame die informeert naar een piepklein vleeskleurig abstract doekje van Gerhard Richter, te koop bij de Hopkins-Custot Gallery voor 180 duizend euro, druipt teleurgesteld weer af. Het blijkt luttele seconden na de opening al gereserveerd.

Ook voor een onlangs herontdekte serie vroege tekeningen van Andy Warhol, te koop bij Galerie Daniel Blau voor prijzen variërend van 20.000 tot 60.000 euro, moet je er snel bij zijn. De meeste hebben al in het eerste uur van de vernissage hun weg gevonden naar diverse particuliere collecties. Op de vraag of hij het niet jammer vindt dat de serie nu versnipperd raakt, moet de galeriehouder lachen. „Natuurlijk niet, dit is mijn vak. Anders zou ik werkloos zijn.” Al beaamt hij dat het mooi geweest zou zijn als ze samen in een museum terecht waren gekomen. „Maar musea hebben geen geld meer om kunst te kopen. En trouwens, als je maar lang genoeg wacht, gaat zo’n verzamelaar dood en komt het alsnog in een museum terecht.”

Museumdirecteur Benno Tempel van het Haags Gemeentemuseum ontkent dat musea geen aankoopbudgetten meer hebben. „Er wordt weliswaar bezuinigd op onze exploitatie, maar dankzij de Bankgiroloterij is er nog wel degelijk geld voor aankopen.” Trots laat hij op zijn mobiele telefoon een foto zien van een Weissenbruch die hij zojuist heeft gekocht bij de New Yorkse galerie Daphne Alazraki – een schets op karton van een gezicht op Haarlem, met de St. Bavokerk aan de horizon. „Het komt uit een Amerikaanse privéverzameling en sluit mooi aan bij een schilderij dat we al van hem hebben.”

Hij heeft nog veel meer mooie dingen gezien op deze Tefaf, vertelt Tempel. „Een mooie kleine Corot bijvoorbeeld. En de Van Gogh die galerie Simon Dickinson te koop aanbiedt voor 3,75 miljoen dollar. Maar die kan ik echt niet betalen.”

Net als de tekeningen van Warhol is ook Van Goghs schilderij De Aardappelwroeters uit 1883 lang niet te zien geweest omdat het zich in een privécollectie bevond. Dat is wat een bezoek aan de Tefaf zo bijzonder maakt, ook als je geen geld hebt om kunst te kopen: je loopt er tegen werken aan van de grote namen uit de kunstgeschiedenis die je nooit eerder gezien hebt, zelfs niet als afbeelding. Zoals een prachtig intiem portretje dat Géricault in 1819 maakte van een man op zijn sterfbed, met akelig ingevallen slapen en holle ogen. Of een klein doekje van Dalí, van twee vlinders in een kaal landschap. Stuk voor stuk voelen ze als persoonlijke ontdekkingen.

Aan het eind van de middag, wanneer de champagneflessen ontkurkt worden, ziet het zwart van de bezoekers op de beursvloer en halen de kunsthandelaren opgelucht adem. „Het gaat hartstikke goed”, zeggen de galeriehouders van de Leslie Smith Gallery. Ze bieden onder meer hedendaagse Chinezen aan, rekenend op de Chinese kopers die tegenwoordig de dienst uitmaken op de kunstmarkt. Hun primeur is een tweede verdieping in hun stand, die hun vloeroppervlak verdubbelt. „Iedereen valt van zijn stoel van die tweede verdieping.” Ze hebben al drie schilderijen van Zhuang Hong Yi verkocht. Aan Duitse verzamelaars, niet aan Chinezen.