Protest in Colombo tegen VN

Gisteren gingen in de Sri-Lankese hoofdstad Colombo meer dan tienduizend mensen de straat op om te protesteren tegen pogingen van het buitenland om internationaal onderzoek te doen naar mensenrechtenschendingen in de laatste, uiterst bloedige fase van de strijd tegen de Tamil Tijgers, bijna drie jaar geleden. Mensenrechtenorganisaties en vertegenwoordigers van de Tamilminderheid op Sri Lanka dringen juist aan op onderzoek.

De kwestie laait opnieuw hoog op nu de Mensenrechtenraad van de Verenigde Naties zich volgende week in Genève zal buigen over een resolutie waarin (opnieuw) wordt opgeroepen tot onafhankelijk onderzoek onder VN-toezicht. De regering van president Mahinda Rajapaksa wil daar niets van weten. Ze weigerde vorig jaar de toegang aan drie door VN-topman Ban Ki-moon benoemde deskundigen. Maar de VN willen zich daar niet bij neerleggen.

Aan de decennialange burgeroorlog in Sri Lanka kwam in mei 2009 een einde met de gewelddadige dood van de commandant van de Tamil Tijgers, Velupillai Prabakharan. Volgens mensenrechtenorganisaties kwamen in de laatste maanden van de strijd tienduizenden mensen om het leven, onder wie mogelijk 40.000 Tamilburgers, van wie velen werden gegijzeld door de Tamil Tijgers en die het slachtoffer werden van bombardementen en beschietingen door de regeringstroepen.

Het einde van de strijd heeft president Rajapaksa groot electoraal gewin opgeleverd. Een groot deel van se Sinhalese meerderheid in Sri Lanka is het met hem eens dat buitenlands onderzoek naar oorlogsmisdaden neerkomt op onaanvaardbare inmenging in binnenlandse aangelegenheden. Bij de demonstraties voor de regering van gisteren in Colombo liepen ook veel boeddhistische priesters mee. Die hebben zich in het verleden vaker sterk nationalistisch uitgelaten.

Gisteren veroordeelde de regering ook een documentaire van het Britse Channel 4 waarin onder andere wordt geopperd dat de twaalfjarige zoon van Tamilleider Prabakharan door het leger werd geëxecuteerd nadat hij zich had overgegeven. De aantijging is „ongegrond en onaanvaardbaar”. (Al Jazeera, BBC, AP)