Nieuwe bijstand wil veel, maar kan het ook?

Het bedrijfsleven dreigt te stoppen met de inhuur van ‘zwakkere’ werknemers als de nieuwe Wet Werken naar Vermogen ingaat. De ambitie van de wet is goed, maar is mogelijk niet waar te maken.

Bedrijven als Ahold en PostNL hebben grote zorgen over de nieuwe bijstandswet. Ze vrezen dat de bemiddeling en de begeleiding vanuit de overheid wegvalt voor werknemers met psychische, fysieke of sociale problemen. „Dan zullen grote bedrijven stoppen met het in dienst nemen van deze mensen,” zei Peter Lindenbergh, manager personeelszaken bij supermarktconcern Ahold, gisteren tijdens een hoorzitting over de nieuwe Wet Werken Naar Vermogen in de Tweede Kamer. De managers van de andere aanwezige bedrijven vielen hem bij.

„Wij hebben uitstekende ervaring met sociale werkplaatsbedrijven die ons personeel leveren en ons compleet ontzorgen als we die mensen in dienst hebben,” zei Laurens Tuinhout, manager bij PostNL. „Als die begeleiding wegvalt, zullen wij teruggrijpen naar flexibele arbeidskrachten uit Oost-Europa.” Omdat de wet gepaard gaat met een bezuiniging dreigen veel gemeenten te weinig geld over te houden voor de begeleiding die werkgevers verwachten.

Het mogelijk wegvallen van deze begeleiding wordt niet verzacht door de mogelijkheid in de nieuwe wet om moeilijk bemiddelbare werknemers minder te betalen dan het minimumloon. Verschillende directeuren waren erg kritisch over deze zogenoemde loondispensatie. Tuinhout van PostNL: „Ik heb daar verdomd weinig fiducie in. Onze administratie kan dat niet eens aan. Bovendien is het geen duurzame oplossing.” Erwin Wigbold, bestuurder van de branchevereniging van schoonmaakbedrijven OSB, noemde het „genant” om mensen onder het minimumloon te laten werken.

Staatssecretaris Paul de Krom (Sociale Zaken, VVD) heeft juist hoge verwachtingen van de loondispensatie. Hij hoopt dat daardoor weinig productieve mensen een baan weten te bemachtigen bij gewone werkgevers. De werkgevers vreesden dat juist die loondispensatie voor veel gedoe gaat zorgen. Gemeenten moeten ‘de loonwaarde’ van deze werknemers vast gaan stellen: welk percentage van het minimumloon kunnen ze wél verdienen? De bedrijven denken daardoor zaken te moeten gaan doen met meer dan 400 verschillende gemeenten, die allemaal op hun eigen manier bepalen hoe productief werknemers zijn. „Zo’n toets is al enorm complex. Als elke gemeente dat op zijn eigen manier gaat invullen, wordt de wet een gedrocht,” zei Niel Cortenraad, directeur van facilitair bedrijf Vebego.

Meer dan zestig deskundigen en belanghebbenden deden woensdag en donderdag in de Tweede Kamer hun zegje over de Wet Werken Naar Vermogen, die in 2013 de bijstand, de Wajong-uitkering voor jonge arbeidsongeschikten en de regeling voor de sociale werkplaatsen vervangt. Vrijwel alle gehoorden spraken hun steun uit voor de gedachte en de ambities achter de wet: meer mensen uit de onderkant van de arbeidsmarkt aan het werk. Velen twijfelden echter of dat zou lukken met de huidige wet.

Rode draad in de vraaggesprekken tussen Kamerleden aan de ene kant en wethouders, werkgevers, deskundigen, gehandicapten en uitvoerders in de sociale zekerheid aan de andere kant: zijn er wel banen voor deze mensen, die vaak een vlekje hebben? Ze zijn niet erg productief, ze hebben sociale, fysieke of psychische problemen, of ze hebben simpelweg lang niet gewerkt.

Daarop kwam een gemengd antwoord. Ahold gaf aan zijn vacatures niet te kunnen vullen. PostNL daarentegen zag geen tekort aan werknemers aan de onderkant. „Je kan uit heel Europa flexwerkers invliegen.” De meeste werkgevers, wethouders, deskundigen, en sociale werkplaatsen gaven aan alleen in detacheringsconstructies deze werknemers aan een baan te kunnen helpen. Werkgevers lopen dan geen risico.

Wethouders van Amsterdam en Rotterdam lieten zich zeer kritisch uit: ze houden te weinig geld over om mensen naar werk te begeleiden. Marco Florijn (PvdA) van Rotterdam: „Er is een groot conflict tussen gemeenten en het kabinet over deze wet.” Andrée van Es (GroenLinks) van Amsterdam: „Er zit een ambitie achter deze wet die heel goed is. Maar die kunnen we onder deze condities niet waarmaken.” Eén wethouder was juist zeer enthousiast. Wouter Kolff (VVD) uit Nieuwegein vertelde recent te hebben ontdekt dat slechts 10 procent van de bijstandsgerechtigden in zijn gemeente echt zorgbehoevend is. De rest kan met een beetje hulp aan de slag. „Ik vind het schokkend dat we dat zo lang hebben laten voortduren.”