Het is weer volle bak in de vergrijsde stadskerk

Zes jaar geleden ging er bijna niemand meer naar de Kruiskerk in Amsterdam-Noord. Maar nu zit-ie weer vol met mensen van allerlei nationaliteiten. Ook moslims.

In de Kruiskerk in Amsterdam-Noord zitten elke zondag zo’n tweehonderd mensen. Foto Bram Budel

Voorganger Jurjen ten Brinke spreekt over het Bijbelboek Jesaja. Drie tolken brengen de boodschap over. Een in gebaren. Een in het Engels. En een in het Perzisch. De dienst heeft wat weg van een vergadering van de Verenigde Naties. Sommige kerkgangers dragen een koptelefoon om verwarring te voorkomen.

Dit is de Kruiskerk, misschien wel de meest multiculturele kerk in Amsterdam. Christenen van allerlei nationaliteiten vormen een kleurrijke, bloeiende gemeente.

Begin 2006 was deze christelijke gereformeerde kerk er bepaald anders aan toe. Ze telde nog dertig, vooral oudere leden. Zo was de kerk niet overeind te houden. Er moest een ‘kerkplanter’ komen, iemand die de gemeente kon activeren. Op de advertentie ervoor reageerde Jurjen ten Brinke uit Kampen, toen 27 jaar.

Ten Brinke zag het multiculturele Amsterdam-Noord wel zitten. Na studies tropisch landgebruik en theologie was hij op zoek naar een baan. Eerder al deed hij zendingswerk onder asielzoekers. „Ik heb een grotere klik met allochtonen dan met Nederlanders”, stelt hij. „Afrikanen kunnen heerlijk uitbundig zijn.”

Waar de ‘oude’ Kruiskerk was blijven steken in het verleden, wist Ten Brinke contact te leggen met de nieuwe bewoners van Noord. Die konden de kwijnende kerk nieuw leven inblazen. Hij noemde de gemeente Hoop voor Noord en gooide in elk opzicht de gordijnen open. „Een missionaire gemeente, die uitreikt naar de wijk. We wilden ons nadrukkelijk laten zien en richtten ons op verschillende bevolkingsgroepen, ook moslims.” De Kruiskerk zit nu iedere zondag vol: 150 volwassenen en vijftig kinderen, „van wie tweederde zes jaar geleden geen kerk bezocht”.

Het geheim? Ten Brinke, een charismatische bevlogen spreker, trok het eerste jaar de buurt in. Met medechristenen ruimde hij er afval. Hij ging klussen bij asielzoekers. Hij nodigde buurtbewoners uit voor een maaltijd. Ontmoeting – dat was het trefwoord.

„De manier van kerk zijn is veranderd”, legt Ten Brinke uit. „Je moet aansluiten bij de leefwereld van mensen zonder concessies te doen aan de boodschap van het evangelie. Veel traditionele kerken zijn vooral naar binnen gekeerd.”

Daarom, zegt hij, investeert hij in relaties. „Het is uiteindelijk aan God om mensenlevens te veranderen.”

Erik de Boer, hoogleraar geschiedenis van de Reformatie aan de Vrije Universiteit, herkent de aanpak van Ten Brinke. ‘Kerkherplanting’ noemt hij de trend, en het is een oplossing voor stadskerken die door vergrijzing in hun bestaansrecht worden bedreigd. Ook in Amstelveen, Den Haag, Mijdrecht en Zaandam heeft hij het zien gebeuren. Protestantse kerken die zich openstellen voor hun veranderde omgeving, bloeien op. Logische consequentie: „Een meer multicultureel karakter.”

Geen probleem, vindt Ten Brinke. „Er wonen nieuwe groepen mensen in Nederland. Waarom zouden we hun geloofsbeleving niet bundelen met die van de traditionele kerken?”

En het werkt. De Kruiskerk trekt niet alleen meer gelovigen, maar weet ook het christendom aan de man te brengen. Tientallen mensen lieten zich dopen, onder wie vijf islamitische Iraniërs. Dat brengt nieuwe verantwoordelijkheden met zich mee: de vijf zijn als asielzoeker uitgeprocedeerd en teruggekeerd naar Iran. Christenen moeten daar voorzichtig zijn, weet Ten Brinke: „We doen aan Bijbelstudie met ze via Skype.”

Bekering is voor Ten Brinke belangrijk. Hoop voor Noord wil gelovigen een podium en onderdak bieden. Zo komen er tweemaal per maand veertig Iraniërs naar de Kruiskerk, christenen én moslims. De leidster van de Iraanse huiskerk: „Als wij hier het Iraanse Nieuwjaar vieren, komen er zelfs tweehonderd Iraniërs naar de Kruiskerk.”

Bijbelstudie en zingen doet de groep in het Perzisch. Volgens Ten Brinke is dat cruciaal. „Mensen bidden het liefst in hun moedertaal tot God. Daarom hebben we ook taalgroepen in het Hindi, Koerdisch, Perzisch en Afrikaans opgericht.”

En de dertig ‘oude’ leden van de Kruiskerk? Die juichen de veranderingen toe, maar vieren er toch graag iedere zondag hun eigen dienst. Ten Brinke: „Ik droomde in het begin van een grote boom met dikke takken waar vogels van verschillende pluimage zouden nestelen. Dat is gelukt.”

Naschrift (3 juni 2015): Op verzoek van betrokkenen is de naam van de leidster van de Iraanse huiskerk uit de online versie van dit artikel geschrapt. [red.]