Westers en ongelovig, en ook nog vrouw

Is het lastig voor vrouwen om in conflictgebied te werken? Vrouw zijn is slechts één van de factoren die de verslaggeving bemoeilijken.

Is het gevaarlijker voor een vrouwelijke journalist om naar een oorlogsgebied te reizen dan voor een mannelijke collega? Ja, maar slechts een beetje. Een buitenlandse verslaggever wordt vaak ervaren als buitenstaander, pottenkijker, westerling, ongelovige, christen of jood, ballast, aasgier, spion en klaploper. Vrouw zijn is slechts een factor die de zaak verder kan compliceren.

Het probleem met de oorlogsverslaggeving is dat elk van de genoemde factoren, hoe onzinnig je ze zelf ook vindt, voor gevaar kan zorgen en dus maar beter serieus kan worden genomen. De situatie is altijd onvoorspelbaar en complex en de journalist is altijd afhankelijk van mensen ter plekke met meer kennis of macht. In het boek No Woman’s Land, On the frontlines with female reporters vertellen 38 verslaggeefsters hoe zij met de ‘vrouwenfactor’ omgaan in gevaarlijke gebieden. Hun verhalen bieden een rijk inzicht in de afwegingen die oorlogsverslaggevers maken.

Vrijwel allemaal concluderen ze dat er verschillen bestaan met de omstandigheden voor mannen. Opvallend vaak klagen zij niet over de gevaren, maar over het feit dat zij zich niet serieus genomen voelen door hun mannelijke collega’s of chefs. Dat zij denken dat ze meer te bewijzen hebben.

Maar de meesten wijzen erop dat bommen niet op sekse discrimineren, zoals vorige maand weer bleek toen verslaggeefster Marie Colvin en fotograaf Rémi Ochlik werden gedood door een mortiergranaat in het Syrische Homs. Veelal is de conclusie dat het werk te doen is, mits je je goed laat doordringen van de extra risico’s voor vrouwen, vooral wat betreft seksueel geweld. Een anonieme journaliste schetst het gevaar van seksueel geweld in streng-islamitische landen als volgt: „De mannen kunnen hier heel naar zijn, maar ze geven zichzelf veel meer ruimte om een vrouw aan te vallen als ze toch al denken dat die het op seksueel gebied niet zo nauw neemt. Jouw idee van ‘vrij’ kan voor hen gelijk staan aan ‘hoer van Babylon’.”

Aanpassen is het advies. Wijde en bedekkende kleding, niet moeilijk doen over een hoofddoek, het nut van een boerka inzien. Maar tegelijk: stevige schoenen om te kunnen rennen en zonodig trappen uit te delen. Een journaliste vertelde dat ze na de massale aanranding van Lara Logan (CBS) op het Tahrirplein in Kairo vorig jaar een riem was gaan dragen, zodat het wat minder makkelijk zou zijn om haar broek uit te krijgen.

Bescheidenheid, respect en goede manieren worden in conservatieve moslimlanden veel belangrijker gevonden dan in het Westen. Zorg voor mannelijk gezelschap en trek je er niet te veel van aan als die personen zich bevoogdend opstellen, want zij ervaren hun taak – het beschermen van de vrouwelijke eer – als een enorme verantwoordelijkheid. Tegelijkertijd is het belangrijk om niet timide te zijn en de controle over de operatie te houden.

Mannen afpoeieren op zo’n manier dat zíj zich niet in hun waardigheid voelen aangetast is een kunst apart. Een westerse militair die de grootste macho van de eenheid is, kan ‘s avonds als een verlegen jongetje komen vragen of hij bij je mag komen slapen, omdat hij het niet meer houdt zonder zijn vriendin. De juiste grap maakt dan een einde aan een ongemakkelijke situatie.

De meeste voorzorgmaatregelen gelden ook voor mannen: zorg dat je fit bent, je mag anderen niet in gevaar brengen doordat jij niet hard genoeg kunt rennen. Een vechtsport beheersen kan van pas komen. Een goede cursus ‘vijandige gebieden’ met daarin wapenkennis, ontvoeringsscenario’s en eerste hulp is tegenwoordig onontbeerlijk.

Veel verslaggeefsters in No Women’s Land benadrukken de voordelen van het vrouwzijn, vooral in streng-islamitische landen, waar het voor mannelijke journalisten verboden is om met de lokale vrouwen te spreken. Al moet hierbij gezegd worden dat het omgekeerd niet altijd mogelijk is om als vrouw goed contact met de mannen te krijgen. In de meest conservatieve delen van Afghanistan en Pakistan valt het gesprek van mannen stil als je binnenkomt, en wordt het pas weer opgepakt als je je schoenen hebt aangetrokken en de deur uit bent.

Vaak hangt er tussen verslaggeefsters een stilzwijgende kameraadschap: wij hoeven niet steeds te benadrukken hoe stoer we zijn, wij hoeven niet steeds zelf in beeld of over onszelf te schrijven. Maar naarmate er meer vrouwen naar oorlogsgebieden gaan, nemen ook onder hen de competitiedrift en de ijdelheid toe.

In alert zijn komt makkelijk de klad. Je ontsnapt aan een bom of ontvoering en denkt: gelukkig, ook weer overleefd. Je besluit het niet aan je moeder te vertellen en gaat door naar het volgende verhaal. Waarschijnlijk schuilt daarin het grootste gevaar: dat je geleidelijk het onterechte gevoel ontwikkelt dat je alles aankunt.

Hanneke Chin-A-Fo reisde voor deze krant veel door Afghanistan, Pakistan en andere conflictgebieden.