Rita Verdonk heeft toch gewonnen

Achter de glimlach van Rutte gaat een ander beleid schuil: het geloof in vooruitgang wordt door de premier verloochend.

Bij haar definitieve vertrek uit de politiek zei Rita Verdonk dat haar taak goeddeels was volbracht, nu het kabinet-Rutte háár beleid uitvoerde. Hoewel zonder twijfel ook bedoeld als plaagstootje naar Rutte, haar oude rivaal in de strijd om het VVD-lijsttrekkersschap, is die opmerking niet geheel en al onwaar, integendeel. Onder invloed van de concessies die Rutte doet aan Geert Wilders, de erfopvolger van Verdonk, wordt Nederland een in zichzelf opgesloten land. Verdonk zou het niet anders hebben gewild, om het land te beschermen tegen alles wat vreemd en anders is.

Als de tekenen niet bedriegen, krijgt de uitvoering van het programma-Verdonk dezer dagen in het Catshuis verder gestalte. De coalitiepartners VVD, CDA en PVV hebben zich daar opgesloten, met het doel een akkoord te sluiten over nieuwe bezuinigingen. In ruil verlangt Wilders verder terugtrekkende bewegingen uit de wereld, in de vorm van nog hogere drempels tegen immigranten en minder hulp aan arme landen.

In het Catshuisberaad staat zowel het regeer- als het gedoogakkoord waarop de coalitie berust ter discussie. Daarmee is het beraad welbeschouwd een tussentijdse formatie, waarin de partijen opnieuw hun politieke positie markeren. De mate waarin VVD en CDA tegemoetkomen aan Wilders’ eisen moet ook in dat licht worden beschouwd. Voor het CDA is de geloofwaardigheid in het geding van de keuze voor het ‘radicale midden’, in de woorden van de strategiecommissie van deze partij. In het geval van de VVD is van belang in hoeverre het vooruitgangsoptimisme de liberalen nog begeestert.

In de tweestrijd met Verdonk om het VVD-lijsttrekkersschap in 2006 belichaamde Rutte destijds dat optimisme. „Politiek kan niet zonder het idee dat er ergens een groene grazige weide is, iets wat mooier is dan het heden”, is een typerende uitspraak van hem uit die tijd. Zo verwoordde hij zijn overtuiging dat vooruitgangsgeloof de motor van de samenleving is en een drijvende kracht achter het liberalisme. Zowel in dat soort retoriek als in zijn luchtige pose bracht Rutte het geloof tot uitdrukking dat de wereld een uitdaging is en geen bedreiging. Zwarigheid was hem vreemd, in tegenstelling tot Verdonk. Zij sprak over bedreigingen, vooral van de kant van immigranten met een andere cultuur en religie, waartegen krachtig leiderschap en goed bewaakte grenzen waren geboden.

Hun controverse weerspiegelde de toestand in de VVD. Al sinds haar oprichting in 1948 draagt de partij die twee zielen van behoudzucht en vooruitgangsgeloof in haar borst. In tijden van voorspoed, wanneer de politiek over niet zoveel meer hoeft te beslissen dan de verdeling van groeiende overvloed, hoeft dat niet zo’n probleem te zijn. In tijden van neergang, zoals nu, wordt de tegenstelling evenwel acuut. Behoudzucht uit zich dan in protectionisme, een bescherming van wat verworven is, en dat verhoudt zich slecht met een optimistisch geloof in het nemen van risico’s, openheid naar de wereld en leergierigheid naar het vreemde.

Tot ergernis van liberalen verbond de behoudzucht zich in de persoon van Verdonk bovendien met een populistisch verhaal, waarin de bedreiging van de bestaanszekerheid van Nederlanders altijd van buiten komt. De hoop van Verdonks tegenstanders was gevestigd op Rutte met zijn onverwoestbare optimisme. Dat was tevergeefs. Hoewel Rutte anno nu onveranderd is in woord en houding, gaat achter zijn glimlach een beleid schuil waarmee hij het vooruitgangsgeloof verloochent. In het wetsvoorstel tegen de dubbele nationaliteit, om een recent voorbeeld te noemen, is het Nederlandse paspoort veeleer een soort verklaring van loyaliteit aan Nederland dan een document dat zijn houder overal ter wereld de rechten van het Nederlandse burgerschap garandeert. In het migratiebeleid gaat de aandacht vooral uit naar het weren van ongewenste vreemdelingen, niet naar werven van de gewenste. De internationale realiteit is dat landen in toenemende mate concurreren om het schaarse talent. De nationale realiteit evenwel is dat Nederland in die concurrentiestrijd afhaakt, om Wilders tevreden te stellen.

Wilders bestrijdt het veelkoppige monster van de moderne complexiteit met een handzame reductie tot een probleem dat moslims, Polen en Grieken ons bezorgen. Voorzover Rutte die simplificatie afwijst, verkiest hij daarvan weinig te laten blijken, mede om de steun van de gedoogpartner voor het bezuinigingsprogramma niet in de waagschaal te stellen. Ook deze week weigerde hij afstand te nemen van het PVV-meldpunt tegen Oost-Europeanen, ondanks een klemmende oproep van nagenoeg alle fracties in het Europarlement.

Zo krijgt zijn voorganger Jozias van Aartsen ongewild toch nog gelijk. Bij zijn afscheid van de fractie, eind 2006, schreef hij aan Rutte ten zeerste te betwijfelen of een VVD-leider, wie het ook is, ‘in de politieke realiteit van nu’ zal slagen in het verbinden van de vooruitgangsoptimisten in de VVD met de ‘naar populisme neigende’ vleugel.

Marcel ten Hooven is freelance journalist. Hij was eerder politiek redacteur bij Vrij Nederland en Trouw.