Filmen stilde de honger maar even

Gisteren sprak Robert M. in het openbaar. Eerst wilde hij niet toegeven aan zijn gevoelens. Daarna wilde hij niet opgepakt worden.

Amsterdam. Er waren voor hem maar twee mogelijkheden, legde zedenverdachte Robert M. uit aan de Amsterdamse rechtbank. Zelfmoord plegen of zijn „honger” naar jonge kinderen stillen. Na zich tien jaar te hebben ingehouden, werd het dat laatste.

De 28-jarige M. schetste gisteren voor de rechters zijn problematische jeugd in Letland, hoe zijn moeder met een bijl achter hem aan zat en alles in huis om drank draaide. Hij probeerde zich te presenteren als iemand die het bange, „ongetrooste kind” dat hij ooit zelf was, wilde helpen. Daarom ging hij met kinderen werken. Tegelijkertijd had hij al vroeg beseft dat hij een gevaar voor ze zou kunnen zijn.

Hij werd opgewonden van blote kinderen toen hij vijf was. En dat bleef zo toen hij ouder werd. Op zijn elfde, toen er een grote zedenzaak in Letland speelde, vroeg hij zich af of hij ooit tegenover een rechter zou zitten als zedendelinquent. Of had hij een keuze? Zijn eigen vader zei dat ze de dader moesten „ophangen aan zijn ballen”.

Uit chatverslagen die gisteren werden voorgelezen, bleek dat M. met anderen over die worsteling chatte, maar ook over manieren om kinderen ongestraft te kunnen misbruiken. Hij gaf aanwijzingen. ‘Zorg dat je binnen 10 seconden alles opgeruimd kan hebben. Doe het tijdens het verschonen, dat is een natuurlijk moment. Houd je broek aan, maak geen vlekken op kleding. Huid veeg je makkelijk schoon.’

M. vertelde op de chat ook uitgebreid over het langdurig misbruik van een kind van 18 maanden. Een vaste klant, schreef hij. Gelukkeling, antwoordde zijn chatgenoot. „Het is geen geluk”, corrigeerde M. hem, maar een kwestie van lange voorbereiding, geduld en planning.” Hij beklaagt zich in dat chatgesprek ook; het misbruik was niet meer zo spannend.

Robert M. zegt dat hij zich tot 2006 heeft kunnen inhouden. Voor die tijd was hij al veroordeeld in Duitsland wegens bezit en verspreiden van kinderporno. Zijn latere echtgenoot Richard van O. kwam hem er op de motor halen. Ze kenden elkaar via internet. Van O. viel op tieners, M. op baby’s en peuters.

Hun huwelijk was niet gelijkwaardig. Voor Richard van O. is Robert ‘alles’ – ook nog nu hij weet dat hij zeer belastend over hem heeft verklaard. M. noemt hem ‘een zitzak’ die hij evenwel kon vertrouwen. Toen M. vastzat in het Duitse Heidelberg, zag hij Richard van O. als ‘redder in nood’. „Ik dreigde te verdrinken in een groot meer toen hij met een bootje langskwam”, zegt Robert tegen een agent die hem verhoort. „Maar ik was ook bij jou ingestapt.”

Robert M. vertelde de agenten dat Richard op de hoogte was van het misbruik. Dat hij hem hielp bij het zoeken naar werk met kinderen. Hij zou Richard verteld hebben dat hij het niet langer kon tegenhouden, de avond voordat hij naar eigen zeggen voor het eerst een kind misbruikte.

Rechter M. Diemer: „Ik zie uw nood om kinderen te misbruiken, maar ik zie niet uw nood om de stappen te zetten die u daarna hebt genomen. Chatten over het misbruik, dat te delen met anderen, er foto’s en filmpjes van te maken.”

M.: „Ik dacht dat de beelden zouden helpen om het niet meer te doen. Ik dacht, als ik het film, heb ik het. Maar dat hielp maar even.”

Diemer houdt hem een chat voor waarin iemand zegt dat M. de beste kindermisbruiker van de wereld is.

M.: „De beste kindermisbruiker is iemand die niet gepakt wordt.”

Nadat hij had toegegeven aan zijn lust, was zijn prioriteit veranderd, legt M. uit. Eerst wilde hij niet toegeven aan zijn gevoelens. Daarna wilde hij „niet gepakt worden”.

Het verhoor van de 39-jarige Richard van O. werd gisteren op zijn verzoek voortijdig gestaakt. Sinds hij medicijnen krijgt tegen angsten en depressie is hij volgens zijn advocaten zichzelf niet meer. „Hij is vlak en niet meer strijdbaar.” Van O. zei aan het begin van zijn verhoor „alleen eenvoudige vragen” te kunnen beantwoorden. Tijdens de beantwoording kwam hij geregeld in de problemen, waar M. gemakkelijk en op niveau met de rechters sprak.

De rechter hield Van O. voor dat hij een keer of tien beelden van het misbruik door M. had gezien. Niet alleen van het minst erge misbruik, maar ook van penetratie. Bij de politie zei Van O. dat hij wist dat M. soms kinderen ‘bevochtigde’. „Dat naar binnen gaan wilde ik niet zien en niet weten.” En hij zei ook tegen agenten: „Ik wou dat hij bij mij deed wat hij bij de kinderen deed.” De zitting gaat nu enkele dagen verder achter gesloten deuren. Dan wordt over individuele kinderen gesproken.