Wij én Rutte werden aangevallen, zegt de PVV

De PVV hoopte nog op enige steun van VVD en CDA in Straatsburg, in het debat over haar meldpunt. Maar die partijen hielden zich koest in het Europees Parlement.

PVV-Europarlementariër Barry Madlener komt net uit de vergaderzaal van het Europees Parlement in Straatsburg. Daar werd een uur lang gedebatteerd over het PVV-meldpunt dat klachten verzamelt over Midden- en Oost-Europeanen en Madlener zegt dat hij is geschrokken. De fractieleider van de Europese christen-democraten, waar het CDA bij hoort, had het meldpunt „racistisch en gewelddadig” genoemd.

Madlener had nog gekeken of een CDA-Europarlementariër het woord had willen hebben om er iets van te zeggen. Maar nee. De avond vóór het debat, bij een glas bier, had Madlener ook al tegen VVD-Europarlementariër Hans van Baalen gezegd dat hij zich in de steek gelaten voelde. Van Baalen had het internetmeldpunt een „k-u-t-website” genoemd. Dat mocht hij vinden, zei Madlener. Maar hij zou tenminste in de vergaderzaal het recht van de PVV kunnen verdedigen om „reële problemen van de mensen bespreekbaar te maken”.

Helemaal alleen waren Madlener en de drie andere PVV-Europarlementariërs ook weer niet geweest in het debat. „Mark Rutte werd samen met ons flink aangevallen.”

Premier Rutte zal pas rond de zomer naar het Europees Parlement komen. Maar het ging nu al steeds over hem. Eurocommissaris Viviane Reding van Justitie, die ook bij het debat aanwezig was, zei dat de Nederlandse regering moet uitzoeken of het meldpunt in strijd is met de wet. Volgens Marije Cornelissen (GroenLinks) was het echte onderwerp van debat de regering-Rutte. De Europarlementariër die namens de Europese Groenen het woord voert, zei dat die regering in Europa al een „emmer met kwaad bloed” had gevuld.

De christen-democratische fractieleider Joseph Daul citeerde de conservatief Edmund Burke, omdat Rutte het meldpunt nog steeds niet publiekelijk had veroordeeld. „Burke zei: ‘Het enige wat nodig is om het kwade te laten overwinnen, zijn goede mensen die er niets tegen doen.’”

Met zijn harde woorden liet Daul ook zien hoe het politieke spel in het Europees Parlement gaat. In een debat over de Hongaarse regering, was de Fransman Daul nog vriendelijk geweest voor premier Viktor Orban, ook al kwam die met wetten die volgens veel Europese politici de vrijheid van mensen en de democratie aantasten. Maar Orban is binnen Europa een partijgenoot van Daul, en veel christen-democraten vonden dat hij in het Europees Parlement door de anderen wel heel hard was aangevallen. Dit keer richtte de kritiek zich op een politieke tegenstander, namelijk een liberaal.

De leider van de Europese liberalen is de Vlaamse oud-premier Guy Verhofstadt. Hij zei in het debat dat „we allemaal het recht hebben om te weten wat de Nederlandse regering van het meldpunt vindt” en dat hij Rutte daar als partijgenoot op aangesproken had. Hij draaide zich om naar Joseph Daul en zei: „Ik hoop dat u hetzelfde doet bij uw partijgenoot Maxime Verhagen.”

De PVV-Europarlementariërs keken toe vanaf hun banken bovenin de zaal, met altijd Nederlandse vlaggetjes erop. „Het wordt velen tegen één”, had fractielid Auke Zijlstra van tevoren gezegd. Maar er waren extreemrechtse parlementariërs, uit Hongarije bijvoorbeeld en een ex-lid van het Vlaams Belang, die het soms toch voor de PVV opnamen. De PVV’ers applaudisseerden op die momenten.

VVD’er Van Baalen had lang met zijn zogenoemde ‘blauwe kaart’ gezwaaid om het woord te krijgen – tevergeefs. Hij zei na afloop dat hij niet van plan was de PVV te verdedigen om een website die volgens hem „stinkt” en „Nederland een slechte dienst bewijst”. Van Baalen vond het „kinderlijk” dat Madlener zich in de steek gelaten voelde. „Je trekt belletje, iemand houdt je bij je oor vast en dan wil je door iedereen geholpen worden. Hij moet zijn eigen straatje schoonvegen.”

Van Baalen had zich van tevoren wel opgewonden: volgens hem wilden de Europarlementariërs vooral laten zien dat ze „aan de goede kant van de geschiedenis” stonden.

Dat zijn er wel heel veel. Zoals het er nu naar uitziet, is er bij een overgrote meerderheid in het Europees Parlement, van de Britse conservatieven tot uiterst links, steun voor de resolutie waarover morgen wordt gestemd. In die resolutie wordt Rutte gevraagd afstand te nemen van het meldpunt en de regering zou moeten nagaan of de PVV discrimineert en aanzet tot haat. De Nederlandse regering wordt opgeroepen „niet blind te zijn voor beleid van de PVV dat in strijd is met fundamentele Europese waarden”.

Nederland, zei CDA-Europarlementariër Wim van de Camp vlak voor het debat, is gewend geraakt aan een andere manier van discussiëren en omgang in de politiek. „Wilders heeft het niveau enorm naar beneden gehaald. In Midden- en Oost-Europa is men niet zo direct. Daar wordt de website gezien als zeer discriminatoir.”

Buiten de vergaderzaal zei Barry Madlener tegen de Oostenrijkse televisie dat zijn partij precies hetzelfde had gedaan voor Oostenrijkers als die „massaal” naar Nederland zouden zijn gekomen en overlast zouden hebben veroorzaakt. De tv-verslaggever zei later tegen collega’s: „Nederlanders komen massaal naar Oostenrijk om te skiën en veroorzaken veel overlast. Maar geen Oostenrijker zegt daar iets van. We verdienen eraan.”