Greenpeace scoort met walvissenleed

Greenpeace hoopt met walvissenfilm Big Miracle de oceanencampagne kracht bij te zetten, zo bleek in Utrecht.

Drew Barrymore probeert in ‘Big Miracle’ een gezin walvissen van de verstikkingsdood te redden.

Voor Greenpeace Nederland kan de première van Big Miracle niet op een beter moment komen. Deze op ware gebeurtenissen gebaseerde film over de redding van een onder het ijs gevangen gezin grijze walvissen in Alaska biedt de ideale aanleiding om aandacht te vestigen op de oceanencampagne die Greenpeace nu voert.

„Deze film gaat over jullie”, zegt Kumi Naidoo, de Zuid-Afrikaanse directeur van Greenpeace International, die afgelopen weekend een voorpremière van de film in Utrecht bijwoonde. „Over hoe Greenpeace, de Sovjet-Unie, de VS, de oliemaatschappijen en gewone mensen samen iets voor elkaar kregen.”

Het komende jaar wordt het Europese visserijbeleid herzien. Voor Greenpeace reden om te proberen de overbevissing van de zeeën hoog op de politieke agenda te krijgen. „Gigantische drijvende visfabrieken”, zoals oceanoloog Tom Grijsen ze omschrijft, „met soms wel een kilometer lange netten vissen momenteel de Afrikaanse zeeën leeg. Daar zijn ook Nederlandse schepen bij. Bijvangst, waaronder dolfijnen, beschermde hamerhaaien en roggen worden dood weer in zee geloosd.”

De rest van die vis komt slechts in beperkte mate op de Nederlandse markt terecht. Aldus Grijsen op een vraag uit de zaal: „De Nederlandse multinationals verschepen hun vangst naar Azië of dumpen die op de lokale markt tegen prijzen waar de lokale vissers niet tegenop kunnen concurreren.” Grijsen, zelf net terug uit de Senegalese wateren, onthaalde het publiek op filmpjes en foto’s die actieschip de Arctic Sunrise de afgelopen weken maakte voor de kust van Senegal en Mauretanië. Een Skype-verbinding met actievoerder Pavel Klinckhamers op het schip brengt de beelden nog dichterbij.

De link met Big Miracle is snel gelegd. Niet alleen omdat er in de woorden van Naidoo opnieuw een „big miracle” nodig is, maar omdat de film benadrukt dat bewustwording beelden eist. Zoals sentiment over stikkende walvissen onder het ijs de afkeer van walvissenjacht versterkte, zo is Greenpeace nu naarstig op zoek naar manieren om de huidige vijand te visualiseren: de drijvende visfabrieken van honderd meter die, vaak ongecontroleerd en illegaal, in slagorde de oceaan uitmoorden. Laten zien hoe groot ze zijn? Hoe Greenpeace de afgeschermde namen van deze zeemonsters tracht bloot te leggen en er pillage en plunder op te schilderen?

Big Miracle vertelt het gedramatiseerde verhaal van de fanatieke Greenpeace-actievoerder Cindy Lowry die in 1988 aan de wieg stond van een reddingsactie van een groepje verdwaalde walvissen, waar uiteindelijk het leger, een oliemaatschappij, president Reagan en Russen met een ijsbreker aan te pas kwamen. Het is een heroïsch verhaal van het soort waar Hollywood dol op is. De saamhorigheid die erin tentoon wordt gespreid is het perfecte smeermiddel om ook nu weer de handen op elkaar te krijgen. Al is Greenpeace verder op geen enkele manier commercieel bij de productie van de film betrokken geweest, bezweert men.

Tegelijkertijd laten de filmmakers heel vaag een zeker cynisme door het poolijs schemeren. Heel sympathiek, dat walvissengezin, maar de reddingsactie was vooral ook een mediaspektakel waarin iedereen zijn belang had. Van de plaatselijke bevolking die een centje meepikte met verhuur van sneeuwscooters tot politici op de hoogste niveaus die de samenwerking aangrepen om de dooi in de Koude Oorlog te versnellen.

Big Miracle. Regie: Ken Kwapis. Met: Drew Barrymore, John Krasinski. In: 10 bioscopen.