In films lukken onmogelijke missies ook

De gevierde hockeycoach Marc Lammers (42) moet Den Bosch behoeden voor degradatie. Een complexe klus. „Dit is mijn club. Bij alle andere ploegen had ik nee gezegd.”

Den Bosch/Amsterdam. „Papa, mag ik de autosleutels?”, vraagt de dochter van Marc Lammers een half uur voor aanvang van de wedstrijd tegen Pinoké aan haar vader. „Het is toch wel een beetje koud buiten.” Lammers lacht en geeft haar de sleutels. De trainer van de hockeymannen van Den Bosch voelt zich thuis op het complex van de hockeyclub die hij zo goed kent. Toch kijkt hij zorgelijk naar de voorbereiding van zijn mannen op een cruciaal duel tegen Pinoké uit Amstelveen. Lammers weet dat er punten gepakt moeten worden om degradatie uit de hoofdklasse te voorkomen.

Marc Lammers (42) is terug van weggeweest op de Nederlandse hockeyvelden. De man die met de Nederlandse hockeydames olympisch kampioen werd in Peking (2008) en zich daarna stortte in het lezingencircuit en het bedrijfsleven is begonnen aan wat hij zelf omschrijft als zijn moeilijkste klus ooit.

Lammers is sinds januari coach van de hockeyers van Den Bosch. Een ploeg die onderaan staat in de hoofdklasse met slechts vier punten uit vijftien wedstrijden. Achterstand op nummer voorlaatst Hurley bedraagt negen punten.

Op een stralende zondagmiddag in Den Bosch zit de stemming er bij het thuispubliek al goed in. Zo’n vierhonderd toeschouwers staan langs de kant op het hockeycomplex dat tussen de Bossche Oosterplas en de snelweg ligt ingeklemd. „Mannen, vanaf het begin hé”, zegt Lammers tegen een groepje studentikoze fans die met glazen bier in hun handen de spelers luidruchtig ondersteunen.

Twee dagen voor de wedstrijd vertelt Lammers in een Amsterdams café dat hij progressie ziet in het spel van zijn ploeg sinds zijn aantreden in januari. „Den Bosch nam in de eerste helft van het seizoen te veel risico. Ongecontroleerd aanvallen zonder een stukje zekerheid in te bouwen”, vertelt hij. „Wat ik probeer, is meer structuur aanbrengen zodat iedereen weet waar hij aan toe is en wat hij moet doen in het veld. Dat gaat nu steeds beter.”

Toch is volgens Lammers de meeste winst op het mentale vlak te halen. „Ik kan die spelers in een maand tijd niet beter laten hockeyen. Wat ik wel kan doen, is zorgen dat ze meer zelfvertrouwen krijgen, waardoor ze met meer lef en durf gaan spelen.”

Lammers erkent dat de laatste plaats van Den Bosch terecht is. De ploeg die in 1998 en 2001 landskampioen werd, heeft volgens de huidige trainer de afgelopen jaren geen goed beleid gevoerd. „Door die successen in het verleden is de club in slaap gesust. Andere clubs zijn gaan investeren in buitenlandse spelers en zijn spelers uit de eigen opleiding gaan vastleggen”, zegt hij.

„Den Bosch dacht dat die spelers uit clubliefde wel zouden blijven, net zoals bij de vrouwentak. Maar de meesten kozen toch voor het geld, waardoor er de afgelopen tien jaar veel goede spelers zijn vertrokken bij Den Bosch”, aldus Lammers.

Het is nu aan Lammers om Den Bosch voor de hoofdklasse te behouden. Een volgens kenners onmogelijke missie, alleen al door het kwaliteitsverschil tussen de Bosschenaren en de andere ploegen in de hoofdklasse. „Het is de moeilijkste missie waar ik ooit aan ben begonnen”, vertelt Lammers.

„Maar goed, in films lukken die onmogelijke missies ook altijd.” Over de reden waarom hij aan deze klus is begonnen, is Lammers duidelijk. „Dit is mijn club. Bij alle andere ploegen had ik waarschijnlijk nee gezegd, maar ik kom al mijn hele leven bij Den Bosch. Mijn kinderen lopen hier rond, ik ken hier iedereen. En het is ook een uitdaging voor mij als trainer.”

De wedstrijd tegen Pinoké eindigt in 3-3, nadat Den Bosch in de laatste minuut nog een doelpunt moet incasseren. „Dit is heel zuur”, zucht Lammers na afloop. „Je geeft het zelf weg. Die voorsprong moet je vasthouden. Concurrenten HGC en Hurley winnen ook weer, dus wordt het nog moeilijker om erin te blijven.”

Lammers weet het, hij is aan een zeer complexe missie begonnen. Het is zeer de vraag of deze ‘film’ wél goed afloopt.