Brieven opinie

Churchill gebruikte IJzeren Gordijn niet als eerste

In het artikel ‘Churchill ontwaart een IJzeren Gordijn’, in ‘De Wereld’ (5 maart), bericht Paul Luttikhuis over de beroemde Amerikaanse rede van de Engelse staatsman op 5 maart 1946 in Fulton, Missouri. Minder bekend is dat Winston Churchill dit begrip in deze betekenis niet als eerste heeft gebruikt. Degene die dat deed, was Joseph Goebbels, minister van Propaganda van het Derde Rijk.

In een artikel in het weekblad Das Reich van 23 februari 1945 heeft Goebbels, in een reactie op de uitkomsten van de conferentie van Jalta, gezegd dat in geval van een Duitse capitulatie voor het door de Sovjet-Unie bezette deel van Duitsland „sofort ein eiserner Vorhang [würde] heruntersenken”, „hinter dem dann die Massenabschlachtung der Völker [begänne]”. Dit artikel is destijds overgenomen door The Times. Waarschijnlijk heeft Churchill op deze manier kennisgenomen van Goebbels’ woorden.

J.P. Barelds

Woudenberg

Juist de VS misdragen zich ten aanzien van Syrië

De berichtgeving in de krant over Syrië was de laatste maanden onvolledig. Het leek wel of we terug waren in de tijd van de Koude Oorlog. De Russen zouden zich schandalig gedragen, door de westerse resoluties in de Verenigde Naties over Syrië te blokkeren met een veto. Waarom werd er niet evenveel aandacht besteed aan de drie door Rusland opgestelde ontwerpresoluties over Syrië die door het Westen werden getorpedeerd? Waarom werd niet duidelijk gemaakt dat er in de Verenigde Naties ook verder weinig steun bestond voor de westerse aanpak? We werden er veel minder aan herinnerd dat ook de Amerikanen hier hun eigenbelang nastreefden. Door de val van het regime zou er een zware slag worden toegebracht aan hun grootste vijand, Iran, dat zo verder in een isolement zou worden gedwongen.

Terwijl de Amerikanen uitsluitend uit waren op de val van het Assad-regime, was de inzet van de Russische resoluties vanaf het begin om een eind aan de wrede oorlog te maken door onderhandelingen tussen het Syrische bewind en de verzetsbeweging. Terwijl de Amerikanen met de onrealistische eis kwamen dat Assad zijn troepen eenzijdig uit de steden moest terugtrekken, kwamen de Russen met de veel realistischer oproep aan beide partijen om zich gelijktijdig terug te trekken.

Het is opvallend dat de Amerikanen sinds enkele weken plotseling de Russische koers overnemen. Ze aanvaarden dat Kofi Annan de besprekingen tussen de oorlogvoerende partijen op gang poogt te brengen. De Russische minister Lavrov (Buitenlandse Zaken) had al de toezegging van Assad gekregen dat hij bereid is tot onderhandelingen. Alleen het verzet weigert nog te praten. Hier ligt een taak voor alle landen om samen te werken met Rusland.

Sietse Bosgra

Driebergen

Vrouwendag zou ons veel meer moeten interesseren

In ‘Het Grote Verhaal’ (8 maart) stelt Arjen van Veelen dat Internationale Vrouwendag niemand meer interesseert en vindt Marike Stellinga dat we deze dag maar moeten laten zitten. In hun blikveld komen armoede en discriminatie kennelijk niet voor.

De kloof tussen hoog- en laagopgeleiden wordt groter. Terwijl de hogere klassen zich over de verdeling van prestigieuze en lucratieve functies druk maken, dreigt de situatie van de lagere klassen uit de publieke aandacht te verdwijnen.

Erg plezierig zijn de baantjes van laagopgeleide vrouwen meestal niet. Steeds vaker wordt er bezuinigd op hun toch al lage lonen, of worden zij niet doorbetaald tijdens ziekte. Doordat ze vaak conjunctuurgevoelige banen hebben, liggen ze er bij een economische crisis bovendien het eerst uit. Van de jonge Turkse en Marokkaanse vrouwen tussen de 25 en 34 jaar heeft 58 procent geen betaald werk, tegenover 10 procent van de autochtone vrouwen. Hierbij komen nog andere problemen, zoals huiselijk geweld. Maar liefst tweeduizend vrouwen moesten in 2011 onderdak zoeken bij de Vrouwenopvang.

Internationale Vrouwendag is in 1908 in de Verenigde Staten ontstaan, als protest tegen de buitengewoon slechte arbeidsomstandigheden van industriearbeidsters. Wie een einde wil maken aan deze traditie, verdient echt geen bloemetje.

Nora Kasrioui

Breda

Ik ben geen feministische man, maar dat is niet erg

Maarten Huygen verbaast zich erover dat er maar weinig mannen zijn die zich feminist noemen (Opinie, 8 maart). Zelfs in het vooruitstrevende publiek van Gary Barker tijdens diens globaliseringslezing telde hij er maar drie. Ik was een van de mannen die zijn vinger niet opstak. Ik ben geen feminist, ik ben niet voor gelijke rechten en kansen voor vrouwen. Ik ben voor gelijke rechten en kansen voor iedereen. Hierbij heb ik een masculinistische bril op, bijvoorbeeld wat betreft vaderschapsrechten. Daarmee is het feminisme nog niet achterhaald. Laten we hopen dat masculinisten en feministen elkaar niet bestrijden, maar dat zij samen willen werken aan gelijkwaardigheid. Barker leverde hieraan met zijn lezing een zinvolle bijdrage.

Charles Picavet

Onderzoeker bij Rutgers WPF