Beleggers verpesten Griekse feestsfeer

Ook na de schuldsanering bevindt de Griekse marktrente zich op grote hoogte. De markt rekent op een derde steunronde.

Hoopvolle gezichten, opgeluchte politici en zonnige voorspellingen. De laatste dagen was Griekenland vooral positief in het nieuws. Na maandenlange onderhandelingen stemden banken en pensioenfondsen in met een grootschalige kwijtschelding van Griekse schulden.

Uitstaande staatsleningen zijn grotendeels ingewisseld voor nieuw papier met langere looptijden en lagere schuldbedragen. Dat effende voor Europese politici de weg om zondag in te stemmen met een tweede reddingspakket voor Griekenland. Het Internationaal Monetair Fonds komt nu ook met miljarden over de brug.

De schuld van Griekenland wordt weer houdbaar, is de boodschap uit Brussel. Dat wisten zij zelfs met buitengewone nauwkeurigheid te voorspellen. De staatschuld ten opzichte van het nationaal inkomen zal in 2020 niet gedaald zijn naar 120 procent, zoals aanvankelijk beoogd, maar zelfs naar een gunstiger 117 procent – om precies te zijn: 116,5 procent, zoals minister De Jager (Financiën, CDA) gisteren stipuleerde.

Maar beleggers zijn minder overtuigd. Want welk rentetarief eisten zij gisteren toen de eerste nieuwe Griekse obligatie met tien jaar looptijd in de markt werd gezet? Een slordige 18 procent. Dat is weliswaar een ruime halvering van het tarief van vorige week, maar ook dit niveau wijst erop dat beleggers weinig fiducie hebben in de schuldenaar, zelfs niet nu het land uit de schuldsanering komt.

„De markt houdt er serieus rekening mee dat dit niet de laatste herstructurering van schulden was”, zegt Elwin de Groot van Rabobank. „De prognoses over schuldverhoudingen in 2020 zijn ver weg, voor die tijd zien beleggers veel risico’s. In dat opzicht heeft het weinig zin om over zulke percentages over acht jaar te spreken.”

De grootste onzekerheid op korte termijn zijn de verkiezingen in Griekenland, in april of wellicht mei. Zullen de politieke opvolgers van de huidige regering zich houden aan de afspraken die gemaakt zijn? Daarnaast worden cijfers over de economische groei nog regelmatig neerwaarts bijgesteld. Zo blijkt de economie in het vierde kwartaal niet 7,0 maar 7,5 procent te zijn gekrompen.

Als vuistregel wordt vaak een rente van 7 procent als nog net betaalbaar gezien, maar dat is vooral afhankelijk van het verdienvermogen van de debiteur. Met de 18 procent van vanochtend blijven de Grieken het hoogste tarief in de eurozone betalen, meer dan de Portugezen over wie steeds openlijker wordt gespeculeerd dat zij evenmin uit de neerwaartse spiraal kunnen komen.

Wie betaalt er in de wereld meer dan de Grieken? Alleen Belize, het voormalige Brits Honduras. Dat land kan tegen 19 procent lenen op de financiële markten. Voor landen als Zimbabwe of Tanzania werden vanochtend geen prijzen afgegeven, maar Pakistan (13 procent), Cyprus (met 16,7 procent na Griekenland het zwakste land van de eurozone) en Botswana (8,2 procent) konden volgens gegevens van Bloomberg vanochtend goedkoper aan geld komen dan Griekenland.

Er zijn twee verzachtende omstandigheden voor Athene. Allereerst betaalt het land op dit moment een aanmerkelijk lager tarief dan de marktrente die beleggers vragen. Het hogere markttarief moet pas betaald worden zodra de Grieken kapitaal moeten aantrekken.

Ten tweede is er zeer weinig handel in Griekse obligaties. Het verschil tussen bied- en laatprijzen is groot, waardoor de kans groter is dat de marktprijzen geen goede afspiegeling zijn van de waardes van de Griekse staatsleningen.