Onbedaarlijk lachwekkende tirade van bittere grappen

Volgens Theo Maassen liggen niet alleen zijn eigen beste jaren achter hem, dat geldt ook voor het land waarin hij woont. Het levert gek genoeg een superieure conference op.

Met alle respect, door Theo Maassen. Gezien: 11/3 in de Schouwburg, Arnhem. Tournee t/m 15/6. Inl. theomaassen.nl

Theo Maassen is 45, zegt hij. Om daar meteen op klaaglijke toon aan toe te voegen: „Dat is toch geen leeftijd? Dat is een schoenmaat!” Hij heeft een vriendin en een kind, gaat hij verder, en woont sinds een jaar samen. Anders gezegd: hij maakt niets meer mee. Vroeger was hij zo’n jongen die zich altijd en overal in discussies mengde – en nu kijkt hij naar discussieprogramma’s op de televisie. Dat stelt hem als cabaretier voor ernstige problemen: „Ik kan niks verzinnen, ik moet een beetje putten uit m’n eigen leven.” En naar zijn zeggen is dat eigen leven nu dus volkomen verburgerlijkt.

Met alle respect, zijn nieuwe programma, is dan ook één lange jammerklacht tegen die levensfase waarin een mens volgens Maassen „min of meer af” is. En zo bezien mag het des te wonderbaarlijker heten dat hij daar toch zo’n onbedaarlijk lachwekkende tirade van heeft gemaakt. Kreunend en steunend, met een spervuur aan bittere grappen en soms met spannend lange stiltes, beschrijft hij een midlifecrisis die hem radeloos doet rondtasten en machteloos doet protesteren.

Schaamteloos scabreus is hij ook. Over de schreef en seksistisch. Maar door die ondertoon van wanhoop blijft hij ook met zijn grof gebekte kreten alleszins acceptabel. Nee, meer dan dat: geestig en gevaarlijk tegelijk – een ideale combinatie voor een cabaretier die iets te zeggen heeft.

En dan is er bovendien de meesterzet waarmee hij zijn eigen particuliere perikelen verbindt met de algehele conditie van het land. Want als hij voor zichzelf vaststelt „dat de beste periode achter me ligt”, dan merkt hij tevens op dat datzelfde misschien ook wel voor Nederland geldt. We hebben het hier wel zo’n beetje gehad, onze lichtvoetigheid is verdwenen, en zelfs onze vrolijke bankbiljetten zijn weg. Alle idealen zijn weggewaaid: „Er is geen droom, er is niks meer.” Erger nog: „Misschien is er wel niks aan te doen.”

Maar daar legt Theo Maassen zich natuurlijk niet bij neer. Integendeel: hij gaat weer onvervalst geëngageerd te keer. De financiële crisis laten oplossen onder leiding van de VVD, zegt hij, dat is hetzelfde als een pyromaan tot directeur van de brandweer benoemen.

Sardonisch haalt hij voorts uit naar de PVV, om vast te stellen dat de Volendamisering in dit land veel meer schade aanricht dan de islamisering – in de eerste bevolkingsgroep is veel meer van inteelt sprake dan in de tweede – en om ook nog eens ronduit te zeggen dat de peilloze domheid om ons heen het grootste probleem van allemaal is.

Grotesk is zijn opsomming van wat en wie hij allemaal weg zou sturen als hij de absolute macht zou hebben. Eerst knikken we nog instemmend, maar al gauw laat Maassen ons vernuftig in de val lopen omdat zijn argumentatie steeds bespottelijker wordt. Want wat is er in vredesnaam tegen inwoners van Castricum?

Zo heeft Theo Maassen op zijn 45ste een programma gemaakt met het vurige elan van iemand die nog lang niet af is.