Is dit een honkvaste bij of juist een adrenalinejunkie?

Het is ochtend, een honingbij verlaat haar korf. Ze staat voor een keuze. Volgt ze de aanwijzingen van de verkenners op, of gaat ze zelf op zoek naar een nieuw bloemenveld?

Vrijdag schreven biologen in het tijdschrift Science dat die keuze afhangt van de concentratie signaalstoffen in een bijenbrein. Bijen die minder gevoelig zijn voor dopamine, zijn het meest geneigd om op verkenning uit te gaan. Datzelfde mechanisme maakt van mensen adrenalinejunkies.

Een verkenner die voedsel vindt, keert terug naar de korf en doet een bijendans om de overige werkbijen te laten weten waar het lekkers is. Daarna gaat ze op zoek naar nieuwe bloemen. In een doorsneevolk honingbijen (Apis melifera) is vijf tot vijfentwintig procent van de bijen verkenner.

Om uit te zoeken wat de persoonlijkheid van een bij bepaalt, moesten de onderzoekers eerst de verkenners van de foerageerbijen scheiden. Naast een vast plateau met siroop, zetten ze daarom een tweede plateau dat ze ’s avonds verplaatsten. Elke bij die de verplaatste siroopbron de dag erna ontdekte kreeg een likje verf op zijn borststuk; iedere dag een nieuwe kleur. Bijen met twee kleuren op hun lijfje werden ‘verkenner’.

De onderzoekers vermaalden de bijenhersentjes van verkenners en honingoogsters tot pulp en bestudeerden de activiteit van over de 7.000 genen. In meer dan 16 procent daarvan bleek de gen-activiteit tussen nieuwsgierige en honkvaste bijen te verschillen. Het betrof genen waarvan bekend is dat ze signaaloverdracht in de hersenen beïnvloeden, waaronder de receptoren voor de signaalstoffen glutamaat en dopamine. In zoogdieren speelt dopamine een rol bij het ervaren van genot, glutamaat is betrokken bij het leerproces.

Dat deze neurotransmitters bijenpersoonlijkheid beïnvloeden bevestigden de biologen ook experimenteel. Toen zij het medicijn flupentixol door de siroop mengden, waren de bijen minder geneigd om te gaan verkennen. Flupentixol blokkeert de dopaminereceptor en wordt bij mensen gebruikt als antipsychoticum. Wanneer de bijen glutamaat in hun suikerwater kregen, gingen zij juist meer verkennen.

De onderzoekers vinden het opvallend dat een lage activiteit van de dopaminereceptor bij bijen én mensen betrokken is bij risicovol gedrag. Omdat mensen en bijen wel heel verre verwanten zijn, denken zij niet dat bijen en mensen dit mechanisme al van een gemeenschappelijke voorouder hebben geërfd die dat gedrag ook vertoonde. Waarschijnlijker is dat hetzelfde mechanisme later in de evolutie meerdere keren is ontstaan.