Elizabeth stemt PVV

Afgelopen donderdag kwam mijn schoonmaakhulp dus uit de kast als PVV-stemmer. Van onhandigheid kregen we een lachbui.

Ik: „Jezus! Elizabeth! Jij!?”

Zij: „Jaaaaa?? Haha!”

Ze is nu niet bepaald het prototype van de Wilders-fan. Elizabeth is zwart, analfabeet en, 57 jaar oud, afkomstig uit het Zuid-Afrika van de apartheid.

Mocht ik over haar schrijven? Ja. „Laat jíj de stem van de armen maar eens klinken!” zei zij, niet helemaal vrij van ironie. Ze is nogal vaardig in het bespelen van mijn schuldgevoel.

Dus bij dezen.

In Zuid-Afrika kreeg Elizabeth nauwelijks onderwijs. Toen ik eens argeloos iets zei over de bar slechte zwarte scholen die ik in Washington zag, begon ze hevig te trillen en rolden er tranen over haar gezicht.

In Nederland probeerde zij lang in klasjes voor analfabeten te komen. Maar met haar kennis van het Afrikaans werd ze te gevorderd bevonden voor de lessen tussen buitenlanders. En voor een cursus voor Nederlandse analfabeten sprak ze weer te Afrikaans.

In Kaapstad was ze kamermeisje. Daar ontmoette ze een Nederlander, met wie ze trouwde. Eenmaal hier koos zij, als voorbeeldige Wilders-immigrant haar tijd vooruit, één, Nederlands, paspoort. Haar man en zij zijn nu gescheiden. Zij heeft drie volwassen kinderen, die in Londen en Tilburg wonen.

Ze verdient nu ongeveer 900 per maand als schoonmaakster. „Geen Wilders stemmen hè!?” lachte haar baas in het ziekenhuis in de buurt, terwijl hij haar steeds meer liet schoonmaken in steeds minder uren. Het dedain bij de Sociale Dienst doet haar denken aan apartheid, daarom zet ze daar „geen voet” meer binnen. Om rond te komen werkt Elizabeth nu ook in een paar gezinnen.

Bij de laatste verkiezingen vroeg ze haar buurman tevoren het stembiljet voor te lezen. Zij telde stilletjes mee, tot ze Geert Wilders had gevonden.

Alleen een Indische collega wist ervan. „Die kwam zelf al naar me toe en fluisterde: ‘Ik heb lekker PVV gestemd.’

Wim Kok was haar „lieveling”. Díé begreep de armen. Meneer De Kok, zegt ze. Maar Mark Rutte begrijpt het dus niet. En Wilders weer wél.

Elizabeth vertelt dat ze al jaren in haar straat woont, maar dat nog steeds niemand haar groet. Behalve als er kinderpostzegels verkocht moeten worden. Dan wordt er wél aangebeld. Dit in een stadsdeel met veel PvdA- en Groenlinks-stemmers. „Ik kom uit apartheid. Zoiets verwacht je niet in Nederland.” Hier is het alleen niet haar kleur, denkt ze, maar haar armoede.

Dáárom zou zij graag eens een kopje koffie drinken met Geert Wilders. Kon ik dat niet opschrijven?

Elizabeth, kreunde ik, hij maakt een Joe the Plumber van je – de loodgieter die een trofee werd in de Amerikaanse verkiezingscampagne van John McCain. Elizabeth wist niet wie dat was. Maar het leek haar enig.