Azië wil net zulke wapens als de buren

Indonesië heeft belangstelling voor Nederlandse tanks. Die kooplust staat niet op zichzelf. In Zuidoost-Azië is een stille wapenwedloop gaande. Met één oog op het steeds assertievere China en het andere oog op het arsenaal van de buurlanden, bestellen landen F16’s, Sukhoi-jets en onderzeeërs. Maar behalve om vrees draait het ook om prestige: ‘Regeringen laten hun volk zien hoe modern ze zijn.’

Toen de Filippijnse president Benigno Aquino voor een top in Indonesië was, zag hij op het vliegveld drie F16 gevechtsvliegtuigen staan. „En ze krijgen nóg twee eskaders van onze Amerikaanse vrienden”, zei hij in een toespraak voor het leger.

Dat willen de Filippijnen ook. Tijdens zijn staatsbezoek in Washington komende maand zal hij president Obama eraan herinneren dat de Filippijnen, hun jarenlange bondgenoot, nog geen moderne oorlogsvliegtuigen hebben, zei Aquino. De eerste reactie op deze hint was volgens hem hoopgevend.

De Filippijnen hongeren naar wapens, net als de rest van Zuidoost-Azië. De hele regio is haar wapentuig aan het moderniseren. In navolging van China, dat vorige week aankondigde dat zijn militaire budget dit jaar stijgt tot boven de 100 miljard dollar.

Nu hun economieën hard groeien stijgen de defensiebudgetten van landen als Indonesië, Vietnam en Singapore met honderden miljoenen dollars per jaar. Gevechtsvliegtuigen, onderzeeboten, oorlogsschepen, tanks: het ene land na het andere kondigt een nieuwe aankoop aan. Sommige analisten spreken van een wapenwedloop.

Een verschil met vroeger is dat deze landen steeds geavanceerder wapentuig kunnen betalen, zegt Azië-directeur Tim Huxley van het International Institute for Strategic Studies. Ze stellen zich niet meer tevreden met een ‘derdewereldgevechtsvliegtuig’ zoals de F5, maar kopen F16’s of de Russische Sukhoi Su-30.

Een andere trend is de opkomst van onderzeeërs. Maleisië heeft er net drie binnen, Indonesië heeft er drie in bestelling, Vietnam zes, Thailand staat op het punt er vier van Duitsland over te nemen. En dat is zorgelijk, zegt Huxley. „Elk land zegt dat zijn wapenprogramma defensief is. Maar onderzeeërs zijn echte aanvalswapens.”

Zuidoost-Azië koopt wapens omdat het zich onveilig voelt. Er is onzekerheid over hoe China zijn snel uitdijende leger in de toekomst zal inzetten. Met name Vietnam en de Filippijnen zien bezorgd aan hoe hun noorderbuur zich assertiever opstelt in de Zuid-Chinese Zee, een maritiem gebied waar zes landen een deel van claimen. Hoe een nieuwe wereldorde eruit zal zien met een Chinees leger dat is opgewassen tegen het Amerikaanse, weet niemand.

Maar deze landen vrezen ook elkaar. De welvarende stadstaat Singapore heeft uit angst voor zijn buren het sterkste leger in de regio opgebouwd. Indonesië en Maleisië ruziën over vissersboten die in elkaars zeeën opduiken. Bij grensgevechten tussen Cambodja en Thailand vielen sinds 2008 tientallen doden.

En dan zijn er de statusaankopen. Dat regeringen met hun wapentuig niet willen achterblijven bij de buren, is niet alleen omdat ze hen zien als een bedreiging, zegt Huxley. Het gaat ook om prestige. „Als regeringen een paar gevechtsvliegtuigen laten rondvliegen op hun nationale dag, kunnen ze hun volk laten zien hoe modern ze zijn.”

Bovendien lijken sommige aankopen ingegeven door corruptie. Het gerucht gaat dat een Frans bedrijf 114 miljoen euro smeergeld heeft betaald aan een bedrijf gelieerd aan de Maleisische premier, om drie onderzeeërs te kunnen slijten. Bij levering bleek de eerste duikboot niet te kunnen duiken.

De wapenwedloop wordt versterkt doordat Amerika zich weer meer met de regio bezighoudt. Als reactie op China hebben de Verenigde Staten hun banden met de Filippijnen, Australië, Indonesië en hun oude vijand Vietnam aangehaald. Die landen krijgen daarmee toegang tot Amerikaans wapentuig. Bovendien kan het ze dwingen meer in hun leger te investeren, zegt Andrew Davies van het Australian Strategic Policy Institute. „De Amerikanen zullen duidelijk maken dat dit een partnerschap is waar van deze landen verwacht wordt dat ze een grote bijdrage leveren.”

Amerika wordt zelf ook meer aanwezig in de regio. In het noorden van Australië komt een Amerikaanse marinebasis, bij Singapore komen Amerikaanse oorlogsschepen te liggen. Amerika wil in geval van nood de straat van Malakka kunnen afsluiten om de olietoevoer naar China stop te zetten, zegt Davies.

Wordt Zuidoost-Azië veiliger van al dit nieuwe wapentuig? Nee, zegt Huxley. Wellicht zelfs onveiliger. „Ik denk dat er reden is voor de verschillende regeringen om bezorgd over elkaar te zijn.” Ze beconcurreren elkaar met hun aankopen, in plaats van samen te werken om hun regio te beschermen tegen dreigingen van buitenaf. Regeringen houden grensconflicten gaande om in eigen land te scoren met oorlogstaal, zoals in Thailand en Cambodja gebeurt. „Ik vind dat gevaarlijk gedrag, het kan escaleren. Zodra een militair conflict begint, is er het potentieel van een ramp.”