Syrië zet nieuwe aanval in op oppositie - zeker 62 doden

Een foto uit Idlib van eind vorige maand. Hier is vandaag een groot aantal militanten binnengevallen om oppositieleden te verdrijven. Foto AFP / Bulen Kilic

Niet lang nadat president Assad sprak met Kofi Annan hebben Syrische legertroepen vandaag hardhandig de aanval ingezet op de oppositie in Idlib, gelegen in het noorden van Syrië.

Idlib geldt als een van de centra van de massale opstand tegen het regime van Assad. In het gebied is vandaag veel geschoten door militanten die de oppositie bestrijden namens de overheid. Gevreesd wordt dat de grootschalige militaire operatie het startsein vormt voor opnieuw een enorme belegering zoals eerder deze maand plaatsvond in het zuidelijker gelegen Homs.

Volgens persbureau AFP zijn onder burgers vandaag zeker 62 doden gevallen door het militaire geweld. Rebellen van de oppositie probeerden terug te vechten volgens ooggetuigen die met AFP spraken. Idlib was volgens hen na de invasie van het leger al snel gehuld in zwarte rook, hieronder te zien op amateurbeelden.

http://www.youtube.com/watch?v=6ixZNsvg8go

Assad: geen oplossing mogelijk door terroristische groepen

Syrië is volgens Assad bereid om aan “elke eerlijke inspanning” om de onrust in het land te bezweren mee te werken, zo zei hij vanochtend tegen Annan. Hij onderstreepte wel dat een oplossing niet mogelijk is zolang “terroristische groepen” chaos in het land veroorzaken.

De Arabische ministers van Buitenlandse Zaken zijn sinds vanochtend in Kairo bijeen om samen met onder anderen hun Russische collega Sergei Lavrov over de situatie in Syrië te praten. Een aantal Arabische Golfstaten hebben vandaag een nadrukkelijk beroep gedaan op Rusland om het Arabische vredesinitiatief te steunen dat een einde moet maken aan het bloedvergieten in Syrië.

In Damascus had Annan vanochtend een eerste onderhoud met president Assad in een poging het geweld in het land te stoppen. Assad staat inmiddels ruim een jaar onder hevige druk door de volksopstand tegen zijn regime.