Groei in de genade van onze Heer en redder (2 Petrus 3:18)

Nederland ontkerkelijkt in hoog tempo. Maar de evangelische en orthodox christelijke gemeenten breiden juist uit. Die investeren komende twee jaar voor ruim 150 miljoen euro in 50 nieuwe kerken.

De net opgeleverde Petrakerk in het Zeeuwse Kapelle. De kerk werd in 1996 in gebruik genomen en onlangs verbouwd. Foto Joyce van Belkom

‘Want de opening van Uw woorden zal gewis, gelijk een licht, het donker op doen klaren.’ Duizend gelovigen zingen tijdens de openingsdienst. De verbouwing van de Petrakerk in het Zeeuwse Kapelle is klaar. Oud-predikant Gert Jan Baan (43) opent de Statenbijbel uit de zeventiende eeuw, met koperen sloten en perkamenten band. Het was Baan die de Bijbel had gesloten op 26 december 2010, voor de verbouwing. De dominee is speciaal komen overvliegen uit Kalamazoo, Michigan, waar hij nu werkzaam is als predikant.

In de nieuwe toren, 34 meter boven het hoofd van Baan, hangt een cadeautje van een gemeentelid: een bronzen kerkklok. Die hadden ze nog niet in Kapelle.

De drie miljoen euro die nodig is voor de verbouwing hebben de gemeenteleden zelf opgebracht. De Petrakerk uit 1996 is te klein geworden. Vijftien jaar geleden telde de Gereformeerde Gemeente hier duizend leden. Nu zijn het er meer dan 1.500. „Interne groei”, zegt Krijn Kleppe (52), ouderling en vader van vijf kinderen. Vijftig baby’s per jaar komen erbij, schat hij. Meer dan de helft van de kerkleden is onder de twintig.

In heel Nederland schrijdt de ontkerkelijking voort. De twee grootste kerken, de Rooms-Katholieke Kerk en de Protestantse Kerk in Nederland (PKN), verliezen leden. Uit cijfers van Kaski, expertisecentrum voor religie en samenleving van de Radboud Universiteit Nijmegen, blijkt dat het aantal katholieken jaarlijks met 1 procent daalt; nu telt de kerk van Rome in Nederland nog ruim vier miljoen leden. Het aantal PKN-leden daalde vorig jaar met ruim 50.000 tot 1,9 miljoen. Het aantal kerkgebouwen dat in onbruik raakt of wordt omgebouwd tot boekwinkel, crèche, kantoor of appartementencomplex, schommelt elk jaar rond de 60.

Uit eigen zak

De Petrakerk laat zien dat er ook geloofsgemeenschappen zijn die, tegen de stroom in, groeien. In de strook van Kapelle in Zeeland, over de Veluwe, tot Staphorst in Overijssel wordt de ene na de andere kerk gebouwd of verbouwd om meer gelovigen te huisvesten. In deze Bible Belt wonen orthodox protestantse christenen: leden van de Gereformeerde Gemeenten en de hersteld hervormden die, met de evangelische gemeenten, van alle christelijke denominaties het meest investeren in kerkgebouwen. Bedragen variëren van 1 miljoen euro in Apeldoorn tot 11 miljoen in Spijkenisse. Een rondgang leert dat evangelischen en orthodoxe christenen de komende twee jaar in vijftig kerken 150 miljoen investeren – uit eigen zak. De hersteld hervormden 33 miljoen, de gereformeerde gemeenten 55,4 miljoen, de evangelische kerken ruim 30 miljoen en ten slotte de overige gereformeerde genootschappen eveneens 30 miljoen.

De jaarlast van de Petrakerk zal schommelen rond de 400.000 euro, denkt ouderling Kleppe. „Ongeveer 250 euro per persoon per jaar. Een lid geeft naar vermogen. De kerkenraad heeft ook renteloze leningen gekregen van kerkleden. Betaalt de kerkenraad rente, dan schenkt het lid die veelal belastingvrij terug aan de kerk.” Van de leden van de Petrakerk stemde 77 procent voor de verbouwing. Kleppe: „Je hebt altijd mensen die de investering te hoog vinden.” En mocht de nieuwe kerk te klein worden, dan sluit Kleppe niet uit dat er nóg een kerkje zal verrijzen.

De gereformeerde gemeente in Elspeet kreeg van een gelovige een orgel van 300.000 euro cadeau. De hervormde gemeente in Voorthuizen erfde een miljoen en gebruikt die voor een verbouwing van anderhalf miljoen. In het Utrechtse dorp Achterberg nemen de 380 leden van de Hersteld Hervormde Kerk de nieuwbouw zelf ter hand. Een boer doet het grondwerk en levert transportmaterieel. Hersteld hervormde bouwvakkers en stratenmakers gaan hierna aan de slag. „Samen een kerk bouwen is goed voor de band”, zegt gemeentelid Henk Wisserhof.

De hersteld hervormde kerken bouwen hun godshuizen van de grond af op. In 2004, bij de fusie van de Nederlandse Hervormde Kerk, de Gereformeerde Kerken in Nederland en de Evangelisch-Lutherse Kerk, bleven tienduizenden gelovigen principieel buiten de PKN; zij werden de Hersteld Hervormde Kerk. De gelovigen hielden diensten in fabriekshallen, scholen en sportzalen. Intussen spaarden zij voor de bouw van kerken. Veel van die bouwplannen worden nu uitgevoerd. „Eigenlijk heel triest”, zegt Henk Wittingen van de Hersteld Hervormde Kerk in IJsselmuiden. „Veel hervormde oude dorpskerken zitten halfvol en wij gaan nieuwe kerken bouwen door die droevige scheuring.”

De duurste nieuwe kerk moet verrijzen in Spijkenisse. Daar bouwt de evangelische Levende Steen Gemeente een evangeliecentrum met 2.000 zitplaatsen, voor 11 miljoen. Het stichtingsbestuur (notaris, bankdirecteur, pastoraal medewerkers) beheert de gespaarde miljoenen van leden. „Geestelijk en zakelijk inzicht werken samen”, zegt Cees Vingerling, commercieel directeur van de Rabobank. „En we hebben externe controle op onze financiën.”

Ook de evangelische kerken leunen voor de bouwplannen op de gelovigen. De tweehonderd leden van De Levensbron in het Groningse Zevenhuizen collecteerden 70.000 euro tijdens één bijeenkomst. Voorganger Sierd de Jong: „Waarom ze zoveel geven? Het blije geluid van het evangelie moet blijven klinken.”

Geswingd

Godsdienstsocioloog Joep de Hart van de Protestantse Theologische Universiteit in Kampen is sceptisch. „De evangelische beweging schermt graag met enorme groeicijfers. Het is heel laagdrempelig om een evangelische kerk binnen te stappen. Nieuwkomers zijn vaak gelovigen uit gereformeerde milieus die hun oude kerk ouderwets en anoniem vinden. Maar ik moet nog zien of alle leden blijven. Zij zoeken een ervaringsnabije manier van geloven en vinden die in de evangelische kerk. Er wordt spektakel geboden en geswingd, op de Amerikaanse tour met gospelmuziek.”

In orthodox protestantse hoek komt de groei vooral door een geboorteoverschot. De 1.350 leden van de hersteld hervormde kerk in Genemuiden, bijvoorbeeld, verwelkomen jaarlijks rond de 40 baby’s. In reformatorische en hersteld hervormde kringen zijn gezinnen met zes kinderen niet ongewoon, zegt De Hart. En die kinderen worden behendig binnen de kerk gehouden. „Het orthodox christelijke milieu bewaakt de eigen grenzen goed, probeert zo de invloed van het moderne leven buiten de deur te houden. De mensen stemmen bijna allemaal SGP, lezen hun reformatorische kranten, hebben geen tv, doen hun kinderen op reformatorische scholen, verenigingen, zangkoren en bieden ze faciliteiten aan in eigen kring.” De Hart vraagt zich af of dat afdoende is. „Je ziet dat jongeren andere opvattingen krijgen, een liberaler gedachtegoed aanhangen. Zij kunnen tv kijken op internet. Het is moeilijk voor ouders dit onder controle te houden.”

Jaap Sinke, SGP-wethouder in het Zeeuwse Reimerswaal, zegt het zo: „De kerk geeft de mensen houvast in turbulente tijden. Het huis van God, daar hebben ze iets voor over.”