Een nieuwsanalyse is geen losjes naverteld nieuws, of opiniestuk

Analyse (v.): de ontleding in bestanddelen ter nadere beschouwing. Een bondige, mooie definitie in Van Dale, bruikbaar voor een genre dat de laatste jaren steeds vaker aan te treffen is in de krant. Kranten bieden allang niet meer alleen het nieuws, maar vooral achtergronden en analyses.

Dat is een trend die ook bij NRC Handelsblad nog altijd doorzet. De krant wil niet alleen vertellen wat er is gebeurd, maar ook wat het betekent: hoe, waarom?

Nu geldt daarbij wel een verschil tussen ‘gewone’ achtergrondstukken en analyses. De eerste geven meer informatie, aanvullend of gedetailleerd, over een actueel onderwerp – de krant staat er stampvol mee, van politiek en economie tot kunst, sport en wetenschap – het tweede soort stukken geeft eerder, nou ja, een analyse.

Maar wat is dat?

In elk geval moet het niet zijn: het nieuws nog maar eens op huiselijke toon navertellen, gelardeerd met wat eigen observaties (of gratuite uitsmijters als, fictief voorbeeld: „het is de vraag hoe dit verder moet” ). Een analyse is evenmin een verkapt opiniestuk, waarin de verslaggever met opgestroopte mouwen het vaderland eens even de waarheid zal zeggen („het debat was weer een aanfluiting’’).

Zoiets versterkt de indruk die lezers toch al hebben dat opinies en subjectiviteit hand over hand oprukken in de kolommen.

Een abonnee uit Groningen ergert zich bijvoorbeeld aan de vele achtergrondstukken over de benarde positie van het kabinet. Hij schrijft: „Eerst het tenenkrommende leedvermaak over het begrotingstekort. Vandaag weer een suggestieve kop op de voorpagina (De vraag is: wat nu, Mark Rutte?, 5 maart)”. Hij vindt dat alles bij elkaar „stemmingmakerij”.

Ik ben het niet met de lezer eens over dat stuk, van politiek redacteur Tom-Jan Meeus: dat was een originele inventarisatie van meningen van VVD’ers over de vraag hoe ‘hun’ premier Rutte door de bezuinigingsonderhandelingen moet komen. Relevant genoeg, lijkt me. De strekking van het stuk was ook niet tendentieus – de meningen van de VVD’ers liepen nogal uiteen – laat staan dat het de mening van de auteur bevatte. Duiding en interpretatie zijn nog geen opinie.

Maar de lezer raakt wel een teer punt. Naarmate de krant minder nieuws brengt en meer duiding, wordt het ook meer zaak het onderscheid tussen analyse, achtergrond (meer feiten) en opinie (meningen) scherp te bewaken. Opinies horen op de opiniepagina, en voor analyses, een apart genre, is er niet voor niets het vignet ‘nieuwsanalyse’.

Opvallend genoeg turfde ik de afgelopen twee weken wel tientallen achtergrondverhalen en analytische stukken in de krant, maar nauwelijks artikelen waar ook ‘nieuwsanalyse’ bij stond. In de week van 28 februari tot 3 maart kreeg zelfs alleen het stevige voorpaginastuk over de cijfers van het CPB (CPB dwingt coalitie te kiezen tussen Brussel en Wilders, 1 maart) dat etiket – in koeienletters, dat dan weer wel.

De week daarop was het op één dag twee keer raak: ‘nieuwsanalyse’ sierde een stuk over het ‘terug naar de gulden’-rapport van de PVV (Goed rapport. Maar je kan er ook een pleidooi vóór de euro in lezen, 6 maart), en een artikel op de voorpagina over het bezoek van de Israëlische premier Netanyahu aan Washington. Een dag later werd een artikel over de onrust in het onderwijs gebracht als nieuwsanalyse.

Het stuk over de PVV en de euro, van Maarten Schinkel, vond ik een gaaf voorbeeld van wat een analyse moet zijn, en het soort stuk waarmee NRC Handelsblad zich onderscheidt. Geen samenvatting in slagzinnen, maar een intelligente ontleding van het rapport, dat Schinkel uiteraard van kaft tot kaft had gelezen – en dat helpt. Met een opmerkelijke conclusie over Nederland, dat bij het Noorden hoort maar zich „zuidelijk” gedraagt.

Een echte nieuwsanalyse moet volgens mij ook aan die eisen voldoen: zo’n stuk moet een heldere vraagstelling hebben, een genuanceerde bespreking geven van het onderwerp, een eigen redenering van de auteur bevatten, en – niet te vergeten – er moet een duidelijk antwoord komen op de vraag die aan het begin is gesteld.

Analyse moet wat mij betreft ook niet in plaats van het nieuws komen, maar ernaast. Want kent iedereen het nieuws echt al? Nou ja, iedereen kijkt tv en klikt om de paar seconden naar nu.nl, dat zal best, maar meer dan koppen en kreten levert dat vaak niet op. Daar heb je een krant voor: wat staat er eigenlijk in dat rapport behalve de samenvatting, wat is er nog meer gezegd in dat debat, behalve de oneliners die het Journaal halen?

Ook niet onbelangrijk: dat stuk van Schinkel telde maar liefst 1.305 woorden. En dan kún je ook iets analyseren, in plaats van alleen maar gecondenseerd navertellen, of beknopt becommentariëren.

En ten slotte, als gratuite uitsmijter: boven een nieuwsanalyse moet – als de krant dat vignet tenminste wil blijven gebruiken – ‘nieuwsanalyse’ staan.

Noot: in mijn rubriek van vorige week schreef ik dat het onderzoek van Thom Meens naar de berichtgeving over prins Friso „een primeur’’ is voor de krant. Oud-hoofdredacteur Folkert Jensma wijst me erop dat hij na de moord op Pim Fortuyn in 2002 ook een buitenstaander benaderde, Jan Greven, oud-hoofdredacteur van Trouw. Greven deed toen geen onderzoek, maar schreef wel een opiniestuk (De journalistiek is correct, 15 juni 2002).

Sjoerd de Jong