Hersenpan vertaald naar dans

FAR van Random Dance. Gezien: 8/3, Muziektheater, Amsterdam. Hh. 11/3 Inl: het-muziektheater.nl

„Het lichaam, de onafscheidelijke danspartner van geest en ziel.” Een van de tekstfragmenten in FAR (2010) van Random Dance verwoordt op poëtische wijze het credo van choreograaf Wayne McGregor. In zijn werk probeert de Brit regelmatig de veronderstelde dichotomie tussen lichaam en ziel te ontkrachten, met behulp van filosofie en neurofysiologie.

Dit keer vormde Roy Porters’ Flesh in the Age of Reason (2004) zijn inspiratiebron; een verhandeling over de plaats van lichaam en ziel in de moderne tijd. Resultaat: hogeschool hedendaagse dans, waar de welwillende toeschouwer mentale processen in herkent.

Maar ja, is dat niet altijd zo? Of een danser nu in een corps de ballet voorgeschreven passen uitvoert of improviseert in een complexe bewegingstaal, hij zal zijn hoofd er altijd bij moeten houden. McGregors naspeuringen in de hersenpan zijn daarom niet minder interessant, maar ze laten zich lastig vertalen naar het toneel.

Dat ligt zeker niet aan de tien fantastische dansers. In het geweld van rusteloze, driftige bewegingen, soms dierlijk, dan weer klassiek, gaat alleen wel hun individualiteit kopje-onder. En hoewel sommige delen van een grote schoonheid zijn, raakt het brein van de toeschouwer door al die hypercomplexiteit enigszins overvoerd.

Betoverend is wel het openingsduet, verlicht door fakkels en op een aria van Vivaldi. Hier zijn de dansers echt op elkaar gericht, hun bewegingen rond en organisch.

Daarna breekt de chaos uit, soms onderbroken door een speels vrouwenkwintet of een sterk mannenduet, aanranding of groepsexercities, om uiteindelijk weer bij het liefdespaar te eindigen. De danseres wordt voor dood achtergelaten op het toneel. Voor een wetenschappelijke verklaring wende men zich tot de choreograaf.