Duurzaam gebruik van afvalperkament

Bladzijden uit Middeleeuws boekje gemaakt van ‘restperkament’. Foto UL

Een boekje van afvalperkament, dat ontdekte boek- en handschriftonderzoeker Erik Kwakkel in de Leidse universiteitsbibliotheek. De bladzijden bestaan uit de randen van dierenhuiden die de perkamentmakers niet konden gebruiken voor de grote perkamentvellen van de imposante Middeleeuwse boeken.

Het is het eerste boek in een Nederlandse bibliotheek dat op deze ‘duurzame’ manier is gemaakt. In ieder geval was het goedkoop. In buitenlandse collecties zag Kwakkel wel boekjes die gedeeltelijk uit dit restperkament zijn gemaakt.

Dit boekje van nog geen 14 centimeter hoog bestaat uit drie bundels die in de zeventiende eeuw zijn samengebonden. Het derde deel heeft pagina’s met hier en daar gaten en bijna allemaal rafelige randen. Die randen volgen de contouren van de huid zoals die bij de slacht van het beest is gehaald. De randen zijn verkleurd en het perkament is er soms transparant.

Zulk afsnijdsel gebruikten de geletterde Middeleeuwers wel om college-aantekeningen op te maken, of gedichtjes op te schrijven, of voor stembiljetten en korte briefjes. En anders ging het als afval naar de lijmfabriek.

Het is waarschijnlijk een studieboek geweest. Er staan fragmenten van gedichten van Prudentius in, met commentaar daarop.

Prudentius (348-413) was een christelijke dichter die in de Romeinse tijd in zijn geboortestreek in Noord-Spanje gouverneur was. Zijn laatste 20 levensjaren leefde hij ascetisch en als vegetariër. Een van zijn gedichten (Psychomania) wordt gezien als voorloper van de grote Middeleeuwse allegorische gedichten.

Ontdekker Erik Kwakkel: „Het zijn citaten uit verschillende gedichten. Alles staat direct achter elkaar. Het is duidelijk dat het een boekje was voor kenners.”