Column

De liefste vorm van diefstal

Ach, was ik de Duitse boekendief maar! Jaren heerlijk rondstruinen in bibliotheken en een exemplaar van Johann Friedrich Blumenbachs Handbuch der Naturgeschichte onder mijn trui schuiven om dat thuis in de kast te zetten bij de andere 24 duizend. Niet om te lezen, maar zoals Die Welt schrijft: ‘Anscheinend wollte er die Bücher einfach in seiner Nähe haben.’

Hoe liefdevol kan diefstal zijn? En hoe makkelijk? Wie vaak in een bibliotheek komt, weet hoe intiem de sfeer is tussen het personeel en de schaarse mensen die belangstelling hebben voor eeuwenoude boeken. Natuurlijk mocht die man zelf tussen de kasten in de hofbibliotheek van het prachtige Bad Arolsen struinen en aan de boeken voelen.

Mensen stelen vaker uit opportunisme dan uit hebzucht; zie ook het steeds verder uitdijende bestand aan illegale ebooks. Zo is er een illegale versie van J.J. Voskuils Het bureau, een boek dat door de uitgever nooit digitaal op de markt is gebracht. Er is dus een man (vrouwen doen dit niet, denk ik) die die hele eindeloze zevendelige roman onder een scanner heeft gelegd – dan moet je wel heel veel van Voskuil houden. Wat zal de Bureauscanner voor al die uren gekregen hebben? Illegale ebooks kosten bijna niks.

Maar verboden blijft het: natuurlijk is het vervelend als je niet alleen een dure ereader moet kopen, maar daarna ook nog dure ebooks. Maar iets vergelijkbaars geldt voor auto’s; die doen het niet zonder benzine. En uiteraard is het suf dat je door allerlei beveiligingen je ebook niet kunt uitlenen, maar aan de andere kant: niets let je om het apparaat, met titels en al een weekend aan de buren mee te geven. Uitgevers hebben dus geen ongelijk als ze voorzichtig zijn met hun bestanden, een juwelier laat ’s avonds ook het rolluik naar beneden. Wat niet zegt dat de piraten niet zullen winnen – al is het maar omdat er mensen bestaan als de Bureauscanner.

Intussen zit mijn Duitse boekendief ergens in een cel. Zou er een gevangenisbibliotheek zijn? Wat krijgt hij te leen? Emil und die Detektive? Of Het Martyrium (1935) van Elias Canetti, het verhaal van Peter Kien, de man met de mooiste bibliotheek van Wenen – waarmee het slecht afloopt. ‘Hij plaatst de ladder midden in de kamer, waar hij tevoren stond. Hij klimt op de zesde sport, kijkt neer op het vuur en wacht. Als eindelijk de vlammen hem bereiken lacht hij luid, luider dan hij in zijn hele leven ooit gelachen heeft.’