In trance van echte dubstep

Sven Bergshoeff (22) uit Amsterdam:

‘Ik houd van het gevoel van de bas, van het trage ritme. De duistere, zware sfeer. Die is bedwelmend. De lichten zijn zo goed als uit en de muziek komt fysiek keihard aan.

Ik ben er vanaf het eerste moment bij geweest. Het begon rond 2006, in Paradiso. Ik was gelijk verkocht. Dat was nog de London sound. Het publiek was toen ouder, tussen de 25 en 35. Mensen met kennis van muziek.

Tegenwoordig is de sound snoeihard. Dat is de commerciële bro-step van Skrillex. Die wordt verkocht als dubstep en zo klinkt het ook voor de ongetrainde luisteraar. Daar komen 16-jarige kinderen op af. Die staan op elkaar in te beuken in de moshpit. Op die nieuwe sound staat iedereen te springen en te raven.

Van echte dubstep raak je juist in trance, ben je weg van de wereld. Dan zit je met de hele zaal met je ogen dicht met je hoofd te knikken.”