Prik een cupcake op het virtuele bord

Pinterest is een hit. Foto’s verzamelen en delen met anderen, vooral vrouwen zijn er gek op. Het wemelt er van de bruidsjurken en babykamers.

Vroeger knipte Sanne Walvisch artikelen uit damesbladen. Die knipsels bewaarde ze in mapjes of prikte ze op haar prikbord. „Recepten bijvoorbeeld, of winkeltips voor een weekendje Londen. Van die dingen waarvan je denkt: dat komt later vast nog eens van pas. Maar als het eenmaal zo ver was, was ik ze vaak kwijt.”

Het nieuwe sociale netwerk Pinterest is het digitale equivalent van de knipselmap. Via Pinterest – een samentrekking van ‘pinnen’ en ‘interest’ – kun je online plaatjes vastpinnen op je eigen digitale prikbord, deze delen met anderen en ook de verzamelingen van anderen volgen. Na de Respect-knop van Hyves, de Like van Facebook en +1 van Google is onder plaatjes of video’s op internet steeds vaker een Pin it-knop te vinden, waarmee het plaatje of de video op het sociale netwerk kan worden geprikt.

Het concept is even eenvoudig als populair. Pinterest ging in maart 2010 online en had volgens onderzoeksbureau Comscore in januari 2012 wereldwijd bijna 12 miljoen unieke bezoekers per maand. Het gebeurt niet vaak dat een site zo snel de magische grens van 10 miljoen bezoekers bereikt. Bovendien brachten bezoekers die maand zo’n anderhalf uur door op de site – veel langer dan bijvoorbeeld op Twitter of Googles sociale netwerk Google+.

Opvallend is dat de site vooral in trek is bij vrouwen. Volgens cijfers van Comscore is ruim tweederde van de gebruikers vrouw; het vrouwelijk aandeel van de 1,3 miljoen fans van Pinterest op Facebook ligt zelfs op 97 procent. De site wemelt van afbeeldingen van bruidsjurken, recepten voor muffins, tips voor het inrichten van een kinderkamer en schattige baby- en dierenfoto’s.

Veel van de eerste gebruikers van Pinterest waren Amerikaanse huisvrouwen uit het Midden-Westen: zij hebben het karakter van de site in sterke mate bepaald. Dat is atypisch voor een start-up uit Silicon Valley: andere sociale netwerken werden in eerste instantie met name gebruikt door hoogopgeleide, jonge mannen van de universiteiten aan de Amerikaanse oost- en westkust.

„Het is verslavend”, zegt Walvisch over Pinterest. „Steeds weer vind je nieuwe mooie of bijzondere dingen.” Walvisch is behalve enthousiast gebruiker van Pinterest ook zelfstandig adviseur voor bedrijven voor hun digitale strategie.

Via Pinterest kunnen mensen een plaatje van een specifiek product op hun site plaatsen. Dat maakt het netwerk interessant voor commerciële partijen, zegt Walvisch. „Als een vriendin laat zien dat ze een bepaald jurkje van Zara leuk vindt, heeft dit een ander effect dan wanneer dit bedrijf hiermee adverteert in een damesblad of wanneer die vriendin op Facebook het merk ‘Zara’ leuk vindt.”

Veel bedrijven hebben een account aangemaakt en hopen op het zogeheten ‘virale effect’ van Pinterest: wanneer een afbeelding door duizenden wordt ge-repinned, kan dat zorgen voor een commercieel succes. Pinterest verdient geld als bezoekers iets bestellen op een site waar ze via het prikbord op zijn beland.

Het zijn vooral mode-, make-up-, keuken- en woninginrichtingbedrijven die zich op Pinterest begeven. Maar ook voor tijdschriften is het virtuele prikbord aantrekkelijk: het woonmagazine 101 Woonideeën is op dit moment met ruim 1.200 ‘pins’ een van de grootste gebruikers van Pinterest. „We merken dat we veel meer bezoekers naar onze site trekken”, zegt Kirsten Jassies, contentmanager van de woonbladen van uitgever Sanoma, waaronder 101 Woonideeën. „En het is een nieuwe manier om lezers bij ons blad te betrekken. We kunnen via Pinterest bijvoorbeeld ook laten zien waar wij onze informatie vandaan halen en door geïnspireerd raken.”

Pinterest is een goede manier om meer aandacht voor het merk te genereren. en meer bezoekers te trekken naar de eigen site, zegt Walvisch.

Maar: overdrijf het niet, zegt Walvisch. Bij al te directe reclame zou dat bezoekers juist afschrikken. Nu al klinkt er kritiek van gebruikers die zich door bedrijven gebruikt voelen. Het is precies dit grijze gebied tussen onbekommerd sociaal delen en het verleiden van gebruikers voor commercieel gewin dat Pinterest aantrekkelijk maakt voor bedrijven. Maar voor gebruikers mogelijk ook minder interessant.

Ook de copyrights van de afbeeldingen vormen een probleem voor Pinterest. Foto’s die gepind worden, zijn voor iedereen beschikbaar, ook als degene die de foto online heeft geplaatst dat eigenlijk niet wil. In theorie moet iedere foto te herleiden zijn naar de bron, wat de site juist aantrekkelijk moet maken voor commerciële partijen. Maar in de praktijk vallen de credits vaak weg, zegt Jassies. „Wij kunnen bij een afbeelding wel keurig de fotograaf vermelden, maar als anderen de foto repinnen, valt de tekst vaak weg. Wij zijn er nog niet helemaal uit hoe we daar het beste mee om kunnen gaan.”

Om tegemoet te komen aan de kritiek heeft Pinterest twee weken geleden een no-pin-optie geïntroduceerd, waarmee sites kunnen aangeven dat hun afbeeldingen niet op Pinterest kunnen worden geplaatst. Fotosite Flickr heeft deze optie inmiddels toegevoegd aan alle afbeeldingen waarvan gebruikers hebben aangegeven dat er copyrights op berusten.

De no-pin-optie is een van de eerste stappen in de professionalisering van het bedrijf, maar de copyright-kwestie is er nog niet mee opgelost, denkt Jassies. Niettemin denkt ze dat Pinterest groot gaat worden: „Pinterest biedt veel mogelijkheden voor particulieren én bedrijven. Het staat op het punt om door te breken naar het grote publiek.”