India ruziet over exportverbod op katoen

De ene Indiase minister stelt een exportverbod op katoen in, de andere eist dat het wordt beëindigd. Markten en boeren zitten in onzekerheid.

Een niet helemaal doordachte beslissing van het Indiase ministerie van Handel zorgt sinds maandag voor onrust op de katoenmarkt. Toen besloot het ministerie met onmiddellijke ingang de export van katoen stil te leggen, omdat er een tekort aan ruwe katoen dreigt voor Indiase spinnerijen. Prompt stegen de termijncontracten aan de beurs in New York met de maximaal toegestane 4 dollarcent per pound (4,5 procent), naar 92,23 cent. In Mumbai daalde de prijs juist met de maximaal toegestane 4 procent.

Vanwege die lokale prijsdaling, die uiteindelijk zal leiden tot lagere prijzen voor katoenboeren, eiste minister van Landbouw Sharad Pawar gisteren dat het „hoogst ongewenste” exportverbod weer word ingetrokken. „De premier moet nu een standpunt innemen”, zei hij tegen journalisten in New Delhi. Waarop de minister van Textiel bekendmaakte dat een team van ministers de kwestie vrijdag zal bespreken.

Zowel het exportverbod als de ophef in het kabinet maken India – na de VS de grootste katoenproducent ter wereld – in de ogen van handelaren minder betrouwbaar als toeleverancier. Sommigen wijzen erop dat India zijn katoen met korting zal moeten aanbieden wanneer de uitvoer wordt hervat. In 2010 besloot India ook al tot een exportverbod, wat toen leidde tot recordprijzen en een reeks conflicten met afnemers die opeens zonder grondstof zaten. „India was altijd al een inconsequente exporteur”, zei de voorzitter van de Bangladesh Textile Mills Association gisteren tegen Bloomberg. Ruim 70 procent van de Indiase export gaat naar China. Ook de textielindustrieën in Bangladesh, Pakistan en Thailand zijn belangrijke bestemmingen.

Voor Indiase spinnerijen dreigt een tekort aan ruwe katoen van goede kwaliteit omdat de verkopen aan het buitenland sinds november flink gestegen zijn als gevolg van een lagere prijs. Sinds 1 oktober heeft India 9,4 miljoen balen van 170 kg aan het buitenland verkocht, terwijl de overheid rekende op een overschot van 8,4 miljoen balen. Ondertussen hebben handelaren al registratie aangevraagd voor de uitvoer van 12 miljoen balen. Voor zover nu bekend moeten door het verbod dus 2,6 miljoen balen alsnog in India blijven.

Het exportverbod betekent goed nieuws voor andere grote katoenlanden als de VS, Brazilië, Oezbekistan en landen in West-Afrika. „Dit verandert het spel”, zei de Amerikaanse analist Sharon Johnson tegen persbureau AP. „Het zal meer handel onze kant op brengen.”

Ook voor partijen verderop in de textielketen hoeft de Indiase maatregel geen slecht nieuws te zijn, zegt Hans Jonkers van de Duitse garenimporteur Ahlers. „Er is nog veel onbekend, maar wellicht kunnen we nu meer garen rechtstreeks uit India importeren, waardoor het goedkoper is dan wanneer de ruwe katoen eerst is geëxporteerd om gesponnen te worden. Wij kopen nu bijvoorbeeld veel garen uit Indonesië, terwijl zij geen eigen katoenproductie hebben.”

Volgens minister van Landbouw Pawar zijn handelaren sinds maandag gestopt met het opkopen van ruwe katoen in belangrijke deelstaten als Gujarat, Maharashtra, Madhya Pradesh en Karnataka. Zij wachten verdere prijsdalingen af. En dat zal weer gevolgen hebben voor de beslissingen die boeren nemen, voorspelt Parwar. In april moet er worden gezaaid. Als de boeren dan geen vertrouwen hebben in een goede prijs, zullen zij kiezen voor een ander gewas.

Recordprijzen over exportverbod in 2010