Fortuyn liep over het water van de politiek

Pim Fortuyn – hij was een komeet die verbrandde in de dampkring. Zijn moord, binnenkort tien jaar geleden, zal ik altijd associëren met het boek dat ik die week las, Nieuw Babylon in aanbouw. Nederland in de jaren zestig van James Kennedy. Er is geen boek, na Regenten, rebellen en reformatoren. Een visie op Nederland en de Nederlanders van Ernst Zahn misschien, dat mij meer leerde over wat het is om een Nederlander te zijn. Zahn stelt scherp op ons onverbeterlijke moralisme, Kennedy verbaast zich over onze dwangmatige vernieuwingsdrift. Allebei hebben te maken met Pim Fortuyn. ‘De verweesde samenleving’ – niemand aan tafel bij Pauw & Witteman gisteravond kwam er zo snel op, maar dat was zijn grote thema. Een land van managers en vernieuwers, regenten en reformatoren, en af en toe een rebel.

Een van de dingen die je overhoudt aan opgroeien zonder vader is een fijne antenne voor vaderlijke energie. Je kunt het bijna voelen, als kalmerende alfastraling. Iemand die het in megawatts uitzond, was Wim Kok. Hij was een kerncentrale van vaderlijk magnetisme. Kok had een Vader des Vaderlands van historisch postuur kunnen zijn. Waarom hij het niet werd? Ik vermoed omdat hij eigenlijk geen grote idealen had. Te veel twijfelde. Eerst Nijenrode, toen de vakbond. Het is jammer dat er maar zo weinig linkse politici zijn met verstand van geld en zakendoen, daar hebben we heel wat ontspoorde privatiseringen aan te danken, maar degenen die het wel hebben, Wouter Bos, Willem Vermeend, Kok, verliezen dan weer hun linksheid. Het kwalificeerde Kok bij uitstek voor het paarse kabinet, en Paars bood geen ruimte voor pastorale vergezichten.

Niet voor niets had Kok een blinde vlek voor Fortuyn: hij was zijn contramal. De vader die Kok was, maar niet wilde zijn, en waar het land blijkbaar naar haakte. Een verlosser. Fortuyn liep over het water van de politiek. Hij was als Diego Maradona die door een complete verdediging heen wandelt, bal losjes aan de voet.

Hij ging niet hervormen, het meest misbruikte woord in het Haagse vocabulaire, hij ging vormen. De twee politieke partijen die op dit moment groeien, zijn toevallig ook de partijen die het minst het woord ‘hervormen’ in de mond nemen. Hoe zou dat komen? Omdat ze de kiezer misleiden, luidt het antwoord van de concurrentie ongetwijfeld, want die ‘hervormingen’ zijn wel degelijk noodzakelijk. Tja, misschien wordt het tijd om een woord voor omgekeerd populisme te bedenken, voor politici die alleen nog naar elkáár luisteren. Politisme misschien? Ja, laten we dat eens op de agenda zetten, het probleem van het hedendaags politisme. Het bepleiten van maatregelen waarvan het volk wéét dat ze onzin zijn.

Bruce Springsteens nieuwe album, zojuist verschenen, is een aanklacht tegen de crisis en de misère die hij voor veel gewone Amerikanen gebracht heeft. Het heet Wrecking Ball. Bruce slaat de spijker op de kop. We zijn verslaafd aan de sloopkogel. Ooit stond hij voor een belofte, wat gesloopt werd was slecht, dat moest wijken voor iets goeds. ‘Creatieve destructie’ heet dat, maar dat sloop altijd wordt gevolgd door iets beters, is geen vanzelfsprekendheid meer.

Bekeringsijver en vernieuwingsdrang. Zahn en Kennedy houden ons een spiegel voor. Het beter weten en het beter maken. Luisteren hoeft niet.

Help, mijn man is klusser. Daar staat hij, op het keukentrapje, timmerend aan zijn Babylon. Nooit eens tijd voor een gesprek. Altijd maar aan het verbouwen.

Fortuyn had dat door. Een man die een huis bouwt voor zijn gezin is een goede vader, een man die niet kan ophouden met verbouwen is een slechte. We mochten weer ‘verpleegster’ zeggen in plaats van ‘werkende in de zorgsector’. Fortuyn ging rust brengen, veiligheid, vertrouwen. Het slopen hadden de anderen gedaan, zie de „puinhopen van Paars”. Die slechts uit woorden bestonden, maar dat was genoeg.