Duel in de sneeuw vol bravoure en testosteron

The Grey. Regie: Joe Carnahan. Met: Liam Neeson, Dallas Roberts, Frank Grillo. In: 44 bioscopen ****

Liam Neeson verklaarde met de cast een stoofpotje wolvenvlees te hebben verorberd om in de juiste stemming te komen: exact de machobravoure die The Grey verdient. De acteur diende zo dierenvrienden van repliek die wolven als schuwe knuffelbeesten beschouwen. Sure. Leuk voor in de kinderkamer ook.

The Grey speelt in de taiga van Alaska, waar een vliegtuig vol oliewerkers tijdens een sneeuwstorm neerstort. Een roedel wolven maakt hen de eerste nacht duidelijk dat indringers niet welkom zijn in hun jachtgebied. Dus slaan de overlevenden op de vlucht naar de bosrand. Daar is het veiliger. Denken ze.

Een echte overlevingsfilm, The Grey. Hemingway met staalharde stoppels plus extra testosteron en adrenaline. Grommende macho's versus loeiende wolven. Een wereld voorbij goed en kwaad, waar het slechts draait om zijn of niet-zijn.

Inderdaad: origineel is The Grey zeker niet. Wel zeer goed geacteerd, prachtig gefilmd, scherp gemonteerd en bewonderenswaardig compromisloos. De mensenroedel kent de bekende mix: psychopaat, watje en vrome huisvader worden elk de maat genomen. Als de kwestie van leiderschap is beslecht – in het bos rekent de alfawolf op datzelfde moment ook met een rivaal af – kan het duel in de sneeuw echt beginnen. Tegenstellingen smelten weg terwijl de mannen een voor een in stukken worden gescheurd en opgesmikkeld. Want voor de wolf is het een thuiswedstrijd. Maar dat breien we wel recht met onze intelligentie, toch?

In The Grey bouwt Liam Neeson (59), op gevorderde leeftijd vrij onverwachts actieheld geworden, voort aan zijn versie van moderne macho: een Clint Eastwood die kan huilen. Ditmaal als John Ottway, een scherpschutter die wilde dieren op de korrel neemt bij olie-installaties. Hij weet dus iets van wolven, maar was suïcidaal voordat zijn overlevingsdrang en leiderschap werden aangesproken. Ottway mist zijn vrouw: in dromen verschijnt ze in hemels licht aan hem. Zo’n visioen houdt de man doorgaans op de been in overlevingsfilms: zie ook Nova Zembla. Of is het een slecht teken? Wat de vrouw is dood, zo lijkt het.

Alles is zwaar aangezet in The Grey. De rauwe, bittere vertelstem van Neeson, de existentiële gesprekken terwijl de dood door de sneeuw sluipt, de plechtige heldenpoëzie, die alfawolf met het postuur van een kleine bison. Regisseur Joe Carnahan, die na zijn sterke debuut Narc (2002) vooral actiespektakel als The A-Team maakte, filmt niet subtiel. Maar wel intens.

Met al zijn borstgeroffel – dit is filmkunst! – heeft The Grey ook echt iets te bieden. De grofkorrelige, bijna monochrome beelden van de taiga. De ijzersterke cast karakteracteurs die elkaar beurtelings scènes afsnoepen. Het meedogenloze ritme van de montage, tussen bezinning, groeiende paniek en volledige ‘chaos-cinema’. Want die neiging om je geweld met frenetiek schuddende camera, lichtflitsen en lawaai eerder te laten voelen dan te zien, wordt hier goed gedoseerd gebruikt. In spasmes van bruut geweld, tand en klauw. Of bij een van de heftigste vliegtuigongelukken die ik ooit zag. Je trilt nog minuten lang na.