Beschuit met suiker

Gezeur in de onderrug, daar begint het mee. Dan volgt rillerigheid (‘Mag de verwarming wat hoger, ik heb het steenkoud’. ‘Het is hier helemaal niet koud’. ‘Ik heb het wél koud’. ‘Trek dan een trui aan’. ‘Dat heb ik al gedaan’.) Als je vervolgens wakker wordt met een stuk schuurpapier achter je huig dringt het nog niet echt tot je door. Pas als je geen zin meer hebt in wijn en de geur van koffie je ineens hevig tegenstaat, begin je te vermoeden dat je iets onder de leden hebt.

Sylvia Witteman beschreef in haar boek Het Bearnaisesyndroom hoe mensen vaak hun leven lang afkerig blijven van de gerechten die ze aten vlak voordat ze ziek werden. Ze blijven die smaak associëren met ellende. Mij zul je om die reden nooit een perziktaart zien serveren of spinazie in combinatie met een gehaktbal. Gelukkig breekt er na zo’n griepperiode, waarin je je absoluut niet kunt voorstellen dat je ooit weer met plezier een hap risotto zult eten, altijd weer een moment aan waarop de eetlust zich herstelt. Het eerste waar ik zin in krijg, zijn beschuitjes met suiker en boterhammen met kalfsleverworst; de dingen die mijn moeder vroeger voor me maakte als ik griep had. Als de koorts was gezakt, brak een mooie tijd aan. Dan verhuisde ik van mijn bed naar de bank en mocht ik de hele dag tv kijken en Donald Ducks lezen. Ik doe het nog steeds, beschuitjes smeren, als ik ziek ben geweest. En vervolgens lig ik me dan al snel weer af te vragen hoe ik die heerlijke bloemkool met tahin-saus zou kunnen (na)maken die ik recentelijk in een Libanees restaurant kreeg voorgeschoteld.

Die Libanese bloemkool was gefrituurd, ik maakte mijn versie in de oven. Snij de kool in kleine roosjes doe deze in een schaal. Bestrooi ze met zout en peper, een flinke snuf van de specerijen en giet er 4 à 5 eetlepels arachide-olie over. Meng alles goed en verspreid de roosjes dan over een met bakpapier bedekte bakplaat. Zet ze 40 minuten in de oven (190 graden) en schep de roosjes regelmatig om. Het is de bedoeling dat ze donkerbruine randjes en kantjes krijgen, maar verbranden mag natuurlijk niet. Maak de saus door de tahin te mengen met het sap van een halve citroen en de yoghurt, zout en versgemalen peper. Voeg een klein scheutje kokend water toe om de saus wat dunner te maken. Snij de ui in halve maantjes en bak deze in boter of lichte olijfolie. Doe de bloemkool op een schaal, schep de tahin-saus erover en leg de gebakken uitjes erbovenop.