Als doodgaan niet zo erg is

Hoe laat je weten dat je niet gereanimeerd wil worden als het zover is? In Dordrecht beproeft een ziekenhuis polsbandjes. Privacy? De patiënt kiest zekerheid.

Patiënten van twee afdelingen in het Dordtse Albert Schweitzer-ziekenhuis kunnen sinds deze maand duidelijk zichtbaar aangeven dat ze niet gereanimeerd willen worden als hun hart met kloppen stopt. Ze krijgen een rood polsbandje met naam, patiëntnummer en geslacht. Geen wit bandje, zoals andere patiënten. De proef duurt drie maanden. Bij succes kan de aanpak worden uitgebreid tot het hele ziekenhuis.

Ze zijn kamergenoten op afdeling A3, die meedoet aan de proef. Een 70-jarige man uit Dordrecht. Een 67-jarige man uit Hardinxveld. Op deze afdeling liggen voornamelijk oudere mensen met chronische ziektes. Negen van de dertig patiënten hebben een rode polsband om.

Zoals de man uit Dordrecht. Hij moet er niet aan denken gereanimeerd te worden. Hij heeft gezien waartoe dat kan leiden. „In een rolstoel hangen te kwijlen. Daar pas ik voor.”

De man uit Hardinxveld wil wel beademing en hartmassage, ook als hij daarna maar een schim is van zichzelf. Hij draagt een witte polsband. „Ik heb kleinkinderen”, zegt hij. „Ik gun ze een opa die nog leeft.”

Het komt niet vaak voor dat een patiënt in het ziekenhuis weer tot leven wordt gewekt als hij een arts heeft laten weten dat hij niet gereanimeerd wil worden. Met dat doel heeft hij juist een blauw formulier ondertekend, voor in zijn medisch dossier.

In het Albert Schweitzer-ziekenhuis wordt toch één tot vijf keer per jaar iemand tegen zijn wil gereanimeerd. En het gebeurt in alle ziekenhuizen. Want het systeem met een verklaring in het dossier is niet waterdicht. Een patiënt kan een hartstilstand krijgen terwijl hij koffie drinkt in de kantine. Of als er net een röntgenfoto wordt gemaakt. „Dan is er geen tijd om de verklaring te zoeken. Dan telt elke seconde”, zegt Sandra Schoenmakers, secretaris van de werkgroep die de proef begeleidt. „Die patiënt wordt altijd gereanimeerd.”

Stel: de patiënt had terminale kanker. Welbewust had hij gekozen voor niet reanimeren. Hij werd aan de dood ontrukt. „Hem is een zacht einde onthouden”, zegt internist-nefroloog Gijs de Jong. „Zijn lijden is nodeloos verlengd. Dat ondermijnt het vertrouwen in het ziekenhuis van hem en zijn familie. Zijn uitdrukkelijke wens is niet gerespecteerd.”

Ongewenste reanimatie kan ook het rouwproces ruw verstoren. Een reanimatie is een schokkend gezicht voor omstanders. Het indrukken van de borst gebeurt met geweld. Een rib kan breken. Een lever raakt beschadigd. Een long wordt doorboord.

Minder dan 20 procent van de patiënten komt door reanimatie in het ziekenhuis weer tot leven, leert medisch onderzoek. De prijs voor het overleven is soms hoog: ernstige hersenschade als het brein te lang geen zuurstof heeft gekregen. Juist wegens dit soort risico’s kiezen patiënten voor niet reanimeren. Als die wens niet gehonoreerd is, dient de patiënt of zijn familie soms een klacht in of eist smartegeld.

Verzin een list om deze missers te voorkomen, vroeg het ziekenhuisbestuur al in 2009 aan een werkgroep. De aanpak was snel bedacht: rode polsbandjes voor alle patiënten die niet gereanimeerd willen worden.

Maar het plan leek onmiddellijk te stranden. Iedereen zou in één oogopslag aan het rode bandje zien wie niet uit de dood wenste te herrijzen. Dat was natuurlijk precies de bedoeling, maar wel strijdig met bescherming van privacy. Dat was ook de reden dat geen enkel ziekenhuis in Nederland dit systeem ooit had ingevoerd.

De meeste patiënten vinden die inbreuk op de privacy geen enkel bezwaar. Dat ontdekte de werkgroep toen ze het plan voorlegde aan patiëntenverenigingen. De zekerheid dat ze niet gereanimeerd worden als ze dat niet willen, weegt voor hen veel zwaarder. Het Dordtse ziekenhuis besloot tot een proef.

Mensen die worden opgenomen op een van de twee afdelingen die meedoen, krijgen tevoren een folder thuisgestuurd over de keuze die ze hebben: al dan niet reanimeren. „In alle rust kunnen ze met hun omgeving een onderwerp bespreken dat voor velen nog geldt als taboe”, zegt Sandra Schoenmakers van de begeleidende werkgroep. „Dat is pure winst.”

Berichtgeving over de proef trok landelijke aandacht. Zeker vijf andere ziekenhuizen toonden interesse. Particulieren informeerden per mail en brief of ze een setje rode polsbandjes konden krijgen. Daar beginnen ze in Dordrecht niet aan. De rode bandjes gelden alleen binnen dit ziekenhuis. Daarbuiten loopt iedereen nog steeds het risico dat hij ongewenst gereanimeerd wordt. Ook degene met een getekende verklaring op zak dat hij geen prijs stelt op die service. Geen ambulancebroeder, geen hulpverlener die daar in de hectiek van de reanimatie naar zoekt. Je bent je dood niet zeker op straat.