Rijks en RKD beginnen wetenschaps instituut

Het Rijksmuseum en het Rijksbureau voor Kunsthistorische Documentatie (RKD) beginnen per 1 januari 2013 een wetenschappelijk instituut dat wordt vernoemd naar de grondlegger van de Nederlandse kunstgeschiedenis, Karel van Mander. Staatssecretaris Zijlstra (Cultuur, VVD) had in juni vorig jaar beide instellingen gevraagd zo’n ‘topinstituut’ op te zetten.

Doel van het Karel van Mander Instituut is de kennis van de kunst van de Nederlanden te vergroten. Bovendien wil het fungeren als brug tussen musea, universiteiten en andere instellingen in binnen- en buitenland. Nederlandse musea worden vanaf volgend jaar flink gekort op hun budget voor wetenschappelijk onderzoek.

Concreet wil het instituut wetenschappelijke ondersteuning bieden aan musea bij het beheer en ontsluiting van hun collecties en bij onderzoek en tentoonstellingen. Verder wil het kunsthistorisch onderzoek stimuleren door onder andere het organiseren van symposia en studiedagen en door een internationaal programma voor fellowships. En het wil bijdragen aan de opleiding van kunsthistorici.

De samenwerking tussen het Rijksmuseum en het RKD heeft het karakter van een consortium, waarbij beide instellingen menskracht, middelen en producten inbrengen. Om de ambities te verwezenlijken worden fondsen geworven. Directeur Rudi Ekkart van het RKD: „We zijn nu fondsen aan het werven en hebben bemoedigende signalen dat dat ook iets gaat opleveren. Het Rijk komt in ieder geval voorlopig niet met extra geld.”

De verantwoordelijkheid van het instituut komt te liggen bij de directies van de beide instellingen. Het RKD bestaat sinds 1932 en bevat de grootste verzameling kunsthistorisch beeldmateriaal ter wereld. Het Rijksmuseum heeft als onderdeel het Ateliergebouw, waar 44 restauratoren werken in 7 restauratie-ateliers (ceramiek, papier, schilderijen, meubelen, textiel en edelmetalen).