Rechter: Zonderland nog niet aanwijzen

Turner Epke Zonderland is sinds gisteren iets minder zeker van deelname aan de Olympische Spelen in Londen. Voorzieningenrechter Dirk Vergunst van de rechtbank Zutphen heeft in het door turner Jeffrey Wammes aangespannen kort geding geëist dat de turnbond KNGU Zonderlands aanwijzing intrekt. Pas nadat de Friese turner vormbehoud heeft getoond, moet de bond een keus maken en die opnieuw motiveren.

Wammes’ advocaat Paul Scholten legt de uitspraak desgevraagd uit als een overwinning voor Wammes. De rechter heeft niet zijn eerste eis gehonoreerd om Wammes in plaats van Zonderland aan te wijzen, maar wel geoordeeld dat de selectieprocedure over moet.

De KNGU had na het olympische kwalificatietoernooi, begin januari in Londen, Zonderland voorgedragen voor de Spelen. Hij zou meer medaillekansen hebben dan Wammes. Complicerende factor was dat Zonderland, in tegenstelling tot Wammes, nog geen vormbehoud heeft getoond.

De bond maakte daar geen halszaak van en heeft Zonderland onder voorbehoud van vormbehoud aangewezen. De rekstokspecialist krijgt de komende maanden bij drie wereldbekerwedstrijden en tijdens de EK in het Franse Montpellier de kans aan deze eis te voldoen. Slaagt hij niet, dan moet meerkamper Wammes van de rechter worden voorgedragen.

Ad Roskam, interim-topsportmanager van de KNGU, zegt blij te zijn met de uitspraak van de rechter die vindt dat de selectiecriteria goed zijn toegepast en alleen de procedure heeft veroordeeld. „Volgens de rechter hebben wij voorbarig gehandeld. Hij erkent dat de kans op een medaille een objectief criterium is. We zullen later opnieuw een afweging maken.”