Ontkenning IJslandse ex-premier bij proces over crisis

Voormalig premier van IJsland Geir Haarde vindt niet dat hem nalatigheid kan worden verweten in de aanloop naar de bankencrisis in IJsland, in oktober 2008. Hij verwierp alle beschuldigingen gisteren bij het begin van het proces over zijn handelswijze in de hoofdstad Reykjavik.

„Ik ontken alle beschuldigingen en vind dat er geen enkele basis voor is”, aldus de ex-premier. Volgens Haarde kon niemand de financiële ineenstorting van de drie grootste banken van het 330.000 inwoners tellende eiland voorspellen. Ook de overheid wist volgens hem niet precies hoe hoog de schulden van de banken waren opgelopen. „Het was pas na de crash dat iedereen het zag aankomen”, aldus Haarde. Hij zegt dat hij „een schoon geweten” heeft en uitsluitend heeft gehandeld in het belang van de IJslandse bevolking.

De zestigjarige Haarde is wereldwijd de eerste politicus die terechtstaat voor zijn rol bij het uitbreken van de bankencrisis. Hem wordt nalatigheid verweten, omdat hij niet tijdig ingreep om de bankencrisis te voorkomen en aanbevelingen van een speciale overheidscommissie niet goed doorvoerde. Onder zijn leiding groeide de IJslandse bankensector tot zeker negen keer de waarde van het bbp. Hij trad in 2009 onder grote druk af, het land met grote schulden achterlatend.

Een van de gevolgen van het financiële beleid van het land was het omvallen van Icesave in 2008, de IJslandse spaarbank waar ook veel Nederlandse en Britse spaarders hun geld hadden gestald. De Nederlandse en Britse regeringen vingen destijds de schade voor de gedupeerden op. IJsland moest gered worden door het Internationaal Monetair Fonds (IMF), met een noodlening van 1,6 miljard euro.

In IJsland staat Haarde voor velen symbool voor de financiële zeepbel die het land in een diepe recessie stortte. Voorafgaand aan de zitting zei Haarde dat hij als „zondebok werd aangewezen in een politiek proces”.

Bij het proces wordt voor het eerst in de IJslandse geschiedenis gebruik gemaakt van de Landsdomur, een in 1905 opgerichte rechtbank om gekozen volksvertegenwoordigers te berechten. Het parlement kan Haarde voor deze rechtbank dagen. In 2010 bleek uit een parlementair rapport dat de regering in hoge mate verantwoordelijk was voor het ontstaan van de problemen. Het ontbrak de overheid volgens dit rapport aan „de daadkracht en moed” om het financiële systeem te reguleren.

Bij een veroordeling kan Haarde maximaal twee jaar gevangenisstraf krijgen. Volgens sommige experts is de kans op vrijspraak redelijk groot, omdat zij het gebruik van de Landsdomur als een zwaar middel zien. Verwacht wordt dat het proces tot half maart zal duren. (AP)