Maîtresses versus vrouwenverlangens

Parijs presenteerde de damesmode van dit najaar. Yamamoto bracht een ode aan de publieke vrouw. Viktor & Rolf toonden opvallend veel lijf, McCartney ontwierp kleren waar je zo in wegloopt.

PHOTO © PETER STIGTER FILENAME IS DESIGNER NAME FALL/WINTER 2012

De Brits-Cypriotische Hussein Chalayan staat bekend om zijn conceptuele modeshows. Daarin wil hij veel meer zeggen dan alleen hoe hij vrouwen het komend seizoen gekleed ziet gaan. In zijn show voor voorjaar 2012 bijvoorbeeld, leverde hij commentaar op galeriebezoekers. Die zijn volgens hem vaak helemaal niet geïnteresseerd in kunst, maar gaan vooral naar openingen om zichzelf laten zien. „Maar ik ben nu zo lang bezig, het kan ook wel een keer zonder thema”, zei Chalayan na afloop van zijn show voor komend najaar. „Deze collectie is bijna instinctief tot stand gekomen.”

De teksten die tijdens de show op de muur verschenen, waren dan ook geen flarden uit een gedicht, zoals even leek, maar beschrijvingen van situaties en sferen (no dark no light, change) waarvoor Chalayan passende mode had ontworpen; elegante, sportieve kleren met knap geconstrueerde, grafische details in bijzondere kleurcombinaties, die een opmerkelijk gemak uitstraalden.

Een oranje jasje met gele mouwen en een capuchon van synthetische netstof, een ruime wollen jas over een broek van zilverkleurig hologram-materiaal, leren jasjes die de modellen leken te omwikkelen, een jurk van gedessineerde en effen rode stof over een bijpassende broek.

Nieuw voor Chalayan en een welkome aanvulling op het doorgaans glanzende, overdadig versierde aanbod waren zijn avondjurken. Lange, rustige, sluike jurken van matte wol of zijde met een naveldiep decolleté, en soms een diepe zijsplit. Twee jurken hadden in de halslijn een abstracte decoratie van palladium. Chalayan werkt samen met The International Palladium Board, dat het lichte, witte metaal als materiaal van de toekomst wil promoten. De ontwerper hoopt een paar van zijn jurken op een rode loper terug te zien.

Een van de weinige zekerheden in de mode was altijd dat Yohji Yamamoto nooit hoge hakken zou laten zien. Die, zo zei hij, deden hem teveel denken aan de prostituees in de buurt van Tokio waar hij opgroeide.

Het lijkt erop dat de ontwerper op z’n 68ste plotseling bewondering heeft gekregen voor die vrouwen, want hij kwam met een show die je als een ode kon zien aan de publieke vrouw. Dat leek zeker zo aan het einde van de show, toen wat modellen op de catwalk bleven dralen in korte satijnen jurken met kwastjes van het soort dat strippers op hun tepels dragen. Aan hun voeten: zwarte laarsjes met, jawel, een koket rood hakje. Naar hedendaagse begrippen stelde de hakhoogte van een centimeter of zeven weinig voor, maar voor Yamamoto was het een revolutie.

Het voelde enigszins ongemakkelijk aan, die ommezwaai. Gelukkig waren er genoeg kleren in de collectie die op het vertrouwde, kuise pad bleven: militair gesneden capes, stoere kaki pakken, asymmetrisch gesneden tops van rood en zwart tricot, korte wollen jasjes.

Ook Viktor & Rolf zijn nooit ontwerpers geweest die veel lichaam lieten zien. En ook zij waren nu op de sekstoer, met lange, doorzichtige jurken, die af en toe ook nog eens waren versierd met bont, en werden gedragen over kousen. Olala!

De show had een nachtelijk thema; in het decor hing een foto van de maan, en voordat de modellen opkwamen schoven ze als stilstaande silhouetten op een bewegende band voorbij – een sprookjesachtig beeld.

De eerste stukken van de show waren de beste; vloeiend gedrapeerde pyjamapakken met een dierenprint. Ze werden gevolgd door een leren pak, een smoking, eerdergenoemde jurken en knielange bontjassen. Die laatste zaten vol scherpe insnedes, alsof ze te grazen waren genomen door een beest met een enorme klauwen. Knap gedaan, maar desondanks bleven het klassieke, decadente bontjassen.

De collectie was een verbetering ten opzichte de stijve Barbiejurkjes van een half jaar geleden. Maar de twee ontwerpers lijken nog steeds weinig idee te hebben van wat er onder vrouwen leeft, of van wat ze zouden willen dragen. Te vaak zagen de modellen er uit als dure maîtresses, een cliché dat je nooit zult aantreffen bij vrouwelijke ontwerpers.

Stella McCartney kwam een stuk dichter bij de belevingswereld en verlangens van moderne vrouwen. Een opvallende jas, een nonchalant gesneden, jongensachtige broek in een lekkere kleur roze, een geborduurd overhemd, schoenen met een flinke hak, een hooggesloten, kort jurkje waarin verschillende materialen werden gecombineerd en die je zou kunnen zien als een modevertaling van het kunstschaatspakje. Niet de meest experimentele ontwerpen misschien, wel kleren waarin je een vrouw zo ziet weglopen.

Sinds de naamgever in 2009 opstapte, leek Maison Martin Margiela een tijd stuurloos. Maar na een sterke mannencollectie voor najaar 2012 kwam het huis ook met een vrouwencollectie die weer een stuk beter was dan de collecties van de afgelopen jaren. Nog altijd lang niet zo spannend en vernieuwend als onder Margiela zelf, maar wel vol aangename stukken in het herkenbare handschrift van het huis.

De show begon met een serie pakken: los vallende broeken, de voorkant van de pijpen wat langer dan de achterkant, oversized jasjes waarvan sommige eigenlijk capes waren; de mouwen waren in de zakken vastgemaakt. Omhoogstaande kragen en collen kwamen tot over de oren, een rode jurk met dito broek eronder sloot aan bij een van de belangrijkste trends van het seizoen.

Alleen de uit repen kimonozijde gemaakte jurken aan het einde van de show waren een misser – die hadden een te hoog kunstacademiegehalte voor een serieus modehuis.

Aanstaande zaterdag in Lux besprekingen van de shows van onder meer Hermès, Lanvin, Louis Vuitton en Yves Saint Laurent.