Het einde nadert voor Poetin ondanks overwinning

Zelden was de betekenis van een verkiezing zo strijdig met de officiële uitslag. Vladimir Poetin is op 4 maart met 65 procent van de uitgebrachte stemmen voor de derde keer tot president van Rusland verkozen. Maar deze overwinning is tevens het begin van het einde. De sterke man van het Kremlin lijkt de feeling met zijn land nu zodanig kwijt te zijn, dat het onwaarschijnlijk is dat hij deze termijn van zes jaar volmaken.

Beleggers uit binnen- en buitenland hebben de verkiezing van Poetin toegejuicht. Ze gokken erop dat de stabiliteit zal prevaleren en dat de beloften over hervormingen, die Poetin tijdens zijn campagne heeft gedaan, zullen worden nagekomen. Ze kunnen troost putten uit het feit dat de aftredende president, Poetin-beschermeling Dmitri Medvedev, weer premier zal worden.

Maar ze hebben het bij het verkeerde eind, zowel in het geval van de hervormingen als in dat van de stabiliteit. De hervormingen zullen waarschijnlijk te traag en te onbetekenend zijn om de duizenden betogers tevreden te stellen die vorig jaar de straat zijn opgegaan na de flagrante vervalsing van de parlementsverkiezingen drie maanden geleden. Opposanten beweren dat er afgelopen zondag ook duizenden overtredingen van de kieswet hebben plaatsgevonden. Maar Poetin hoefde de uitslag niet eens te vervalsen om te kunnen winnen. Dat er toch sprake is van bedrog, uit gewoonte, is op zichzelf een bewijs van de ingebakken absurditeit van het systeem. De nieuwe president heeft het duidelijk niet goed begrepen.

De innerlijke tegenstrijdigheid van het Poetinisme is dat de nieuwe én oude president de hervormingen niet kan verwezenlijken die het land nu nodig heeft: een echte rechtsstaat, en bescherming van de eigendomsrechten en andere individuele rechten. Dat zou immers betekenen dat het corrupte systeem, dat hij en zijn vrienden de afgelopen twaalf jaar hebben opgebouwd, op de schop moet. Hij kan wel hervormingen blijven beloven, maar als hij geen resultaat boekt, zal hij – op zijn best – als onmachtig worden gezien, en – op zijn slechtst – als medeplichtig aan de corruptie.

Poetin zou zich feitelijk ook in tegenovergestelde richting kunnen bewegen – die van een hardere aanpak van zijn tegenstanders en van vrijgevigheid jegens zijn kiezers. Maar Rusland heeft economisch en politiek méér nodig. Het overschot op de betalingsbalans neemt af. En de steeds beter opgeleide inwoners van het land hebben besloten dat ze normale burgerrechten willen. Als Poetin niet over de brug komt (en dat zal hij waarschijnlijk niet doen) zijn ze bereid hem af te schrijven en zonder hem verder te gaan.

Pierre Briançon

Vertaling Menno Grootveld