Fatsoenskloof

Een fatsoenskloof – ik vind het een briljant idee.Het nu al illustere fatsoensduo Felix & Frenk bedoelde het natuurlijk als aanklacht – als iets wat gaapt tussen fijne, gezellige mensen aan de ene kant en vervelende, brutale mensen aan de andere, kortom, als iets wat – God verhoede – onmiddellijk overbrugd moet worden. Maar ik zou zeggen: het omgekeerde is natuurlijk waar.

Ik bedoel: de fatsoenskloof is nog nooit zo klein geweest als nu. Iedereen klaagt, kwetst en beledigt precies evenveel als, zeg, vijftig jaar geleden, het verschil is alleen: toen haalde dat het journaal nog niet. Nu galmt het kroeggesprek onder elk nieuwsbericht, door elke talkshow en over alle Kamerdebatten heen – als een live twitterfeed vanuit Café De Zeikstraal.

En dat komt natuurlijk omdat er nog te weinig asociale media zijn. We zeiken allemaal in de woonkamer, omdat de virtuele wereld nog geen wc heeft: dat is het punt. Ik zie hier dan ook een gat in de markt.

Om te beginnen voor een nieuwe webdienst genaamd Shitter. In 140 tekens genadeloos afbranden wat je maar wil – complimenten verboden. Niks ‘fijne collega’s heb ik toch #genieten’ of ‘zo meteen een borrel #zinin’ – nee: hier de kutopmerkingen graag. Krant niet bezorgd? Rotkop op tv? Mening die je niet aanstaat?

Shitter dit!

Daarnaast lijkt het mij hoog tijd voor FuckBook – een nieuw sociaal netwerk waar je verplicht met je middelvinger omhoog op de profielfoto moet. Overal komt een ‘Vind ik ruk’-knop onder, waarmee je prutfoto’s, klotefilmpjes en shitartikelen aan al je vrienden kan afraden. ‘Rob en 427 anderen vinden dit geen reet aan.’ ‘Frits heeft je uitdrukkelijk niet uitgenodigd voor zijn feestje vandaag.’ Ik voorzie een beursgang van 150 miljard in 2013.

Tot slot een aparte omroep. Laat de KRO en de Tros maar fuseren tot De Klos: kunnen die mooi op een eigen zender afzeik-tv gaan maken. 24 uur per dag, 7 dagen per week. Dan weten we waar we het zoeken moeten. En zijn we eindelijk eens van dat geleuter over ‘de toon van het debat’, ‘de Castricumisering van de samenleving’ en ‘de fatsoenspolitie’ af. Kotsen is geen punt, als je ’t maar in het zakje doet. Dat kan zelfs een filosoof nog bedenken.