'Suu' geeft de Birmezen weer hoop

Wie democratie wil, moet op haar stemmen, zegt Aung San Suu Kyi. Als ze in het parlement komt, zal ze samenwerken met de militairen.

Redacteur Azië

Mandalay. Het kinderkoor dat bij de uitgang van het vliegveld van Mandalay bedeesd klaarstaat om Aung San Suu Kyi toe te zingen en bloemen te overhandigen, wordt overstemd door een oorverdovend gejuich als de frêle gestalte van de oppositieleider eindelijk verschijnt. „Lang leve Suu, lang leve Suu”, scandeert de uitgelaten menigte. Lachend stopt de Nobelprijswinnares, zoals altijd met verse bloemen in het haar, even bij de kinderen om zich vervolgens met hulp van partijactivisten een weg te banen naar een Landrover.

Met duizenden zijn de bewoners van de tweede stad van Birma zaterdagmorgen naar de luchthaven gekomen om hun heldin de meest massale ontvangst te bereiden die ze tot nu toe heeft beleefd in de aanloop naar de tussentijdse verkiezingen van 1 april voor 48 zetels in het parlement. „Iedereen heeft recht op hoop”, staat er op een van spandoeken. En daarvoor denken miljoenen Birmezen bij Aung San Suu Kyi aan het goede adres te zijn, na decennia van uitzichtloze repressie en economische stagnatie onder het militaire bewind.

Nog maar anderhalf jaar geleden was het al gevaarlijk openlijk met een afbeelding van Aung San Suu Kyi rond te lopen, laat staan voor haar te juichen. De leider van de Nationale Liga voor Democratie (NLD) stond zelf onder huisarrest. Maar nu er een civiele regering is van oud-militairen, die de teugels flink laat vieren, grijpen de bewoners van Mandalay hun kans om te laten zien hoe ze hunkeren naar democratie. „Aung San Suu Kyi is voor mij als mijn moeder”, zegt Khin Zaw Htwe, een klerk van middelbare leeftijd stralend. „Ze is onze toekomst.”

Dolgelukkig begeleiden de inwoners hun idool in een bonte karavaan van overvolle busjes en stinkende bromfietsen naar de stad. Er zijn opvallend veel boeddhistische monniken bij, met hun bruinrode doeken en kaalgeschoren hoofden. Ook zij kregen na protestdemonstraties in 2007 volop te maken met harde repressie.

Bij haar campagnespreekbeurten, eerst op een modderig veld in de regen in een buitenwijk en de volgende dag in de brandende zon langs de oever van de rivier de Irrawady even buiten de stad, is de toeloop nog veel groter. Tienduizenden juichen haar toe. Als een verlosser wordt Aung San Suu Kyi binnengehaald.

Ze oogt een beetje vermoeid, maar voor de rest lijkt de last van al die hooggespannen verwachtingen niet heel zwaar op haar tengere schouders te drukken. Kalm legt ze haar aanhang uit dat er veel valt te winnen met deelname aan de verkiezingen. „Twintig jaar lang probeerden we dingen gedaan te krijgen zonder parlement, maar nu moeten we het via het parlement doen”, zegt ze in haar toespraak langs de rivier. „Wie democratie wil, moet op ons stemmen.” Voor de militairen heeft ze een waarschuwing: handel in het landsbelang en respecteer de wil van het volk.

Ook Suu Kyi zelf spreekt van hoop. En van vrede, want een andere plaag die het land al generaties geselt, is de bijna permanente burgeroorlog tussen het leger en gewapende groepen van etnische minderheden als de Karen, de Kachin en de Shan.

Het mag slechts om een klein deel van de 1.158 zetels in het in 2010 door het militaire bewind opgezette parlement gaan, de betekenis van de verkiezingen is groot. Het is voor het eerst in 22 jaar dat de Birmezen, althans een deel van hen, vrij kunnen kiezen. Die laatste keer stemden ze in grote meerderheid op de Nationale Liga voor Democratie (NLD) van Suu Kyi. Maar de generaals schrokken toen zo van hun misrekening dat ze de verkiezingsuitslag negeerden en de meeste NLD-leiders voor jaren in de gevangenis opsloten of onder huisarrest plaatsten.

Een meerderheid is in deze deelverkiezingen niet behalen. „Het gaat ons niet om de krachtsverhoudingen in het parlement als zodanig, maar om te laten zien dat we weer kunnen winnen”, zegt de 85-jarige U Tin Oo, een adviseur van Suu Kyi. Deze NLD-veteraan is zelf een voormalige medestrijder van de vader van Aung San Suu Kyi, de in 1947 vermoorde generaal Aung Sang. Nog altijd wordt die zo mogelijk nog meer vereerd dan zijn dochter. In Mandalay wordt op veel posters het zwart-witte portret van Aung San afgebeeld naast dat van Aung San Suu Kyi.

Een goede uitslag voor de NLD zou ook president Thein Sein, zelf een oud-generaal maar tevens de architect van de recente politieke hervormingen in Birma, niet slecht uitkomen. Het zou zijn positie tegenover meer behoudende generaals vermoedelijk versterken. „Aung San Suu Kyi en de president zijn op dezelfde bladzijde aangeland”, constateert een adviseur van de president in Rangoon die anoniem wil blijven.

De president weet dat hij, als hij werkelijk meer democratisch draagvlak zoekt voor zijn hervormingen, hoe dan ook moet samenwerken met Suu Kyi. Bovendien hoopt hij spoedig van de economische sancties af te raken, die vooral de Verenigde Staten en de Europese Unie Birma hebben opgelegd.

Omgekeerd beseft ook Aung San Suu Kyi heel goed dat het land op dit moment niet is gebaat bij felle oppositie. Tijdens haar rede langs rivier de Irrawady zei ze al contact te hebben gezocht met militairen in het parlement. De militairen hebben zich namelijk in de grondwet, die ze zelf hebben opgesteld, een kwart van de zetels toegewezen. Suu Kyi toonde zich hoopvol over die samenwerking.

Het mag velen in haar partij tegen de borst stuiten zaken te doen met de militairen die het land zoveel ellende hebben bezorgd, Suu Kyi en haar mensen weten dat dit geen moment is om al te kieskeurig te zijn. Zoals haar 85-jarige adviseur U Tin Oo het zegt: „We begrijpen heel goed dat we nu, in het belang van het land en de bevolking, pragmatisch moeten zijn.”