‘Paar broodjes en een eitje, dat is voldoende’

Naam: Jessica Blaszka

Leeftijd: 19 jaar

Sport: Worstelen

Prestaties: Europees kampioen Cadetten (2007, 2008, 2009), 17de op WK in Istanbul (2011), 12de op EK Dortmund (2011)

Morgen beginnen de EK worstelen in Belgrado. Begin je goed voorbereid aan het toernooi?

„Nee, mijn voorbereiding was minder dan normaal. Dit jaar staat in het teken van kwalificatie voor de Spelen en op de EK zijn daar geen startbewijzen voor te verdienen. Dat moet tijdens drie kwalificatiemomenten in april. Ik doe nu mee aan deze EK. Zo ben ik verzekerd van deelname aan die kwalificatietoernooien. Maar de voorbereiding was niet optimaal. Mijn trainingen waren er niet op gericht te pieken tijdens dit toernooi.”

Je doet op de EK mee in een hogere gewichtsklasse, tot 55 kilo, terwijl je normaal uitkomt in de klasse tot 48 kg. Waarom?

„Omdat ik voor de kwalificatietoernooien in korte tijd steeds een paar kilo moet afvallen om op het juiste gewicht te komen, vond mijn trainer het niet handig dit voor de EK nog een keer te doen. Dat vergt zoveel kracht, dat ik in april zwakker zou zijn. Nu heb ik meer speling en kan ik vrij ontspannen naar de EK toewerken.”

Nu zijn je concurrenten wel sterker dan je gewend bent.

„Ja, hoewel ik zelf natuurlijk ook een paar kilo zwaarder ben. Je moet proberen slim te worstelen om dat verschil in kracht te compenseren. Ik zal mijn tegenstanders moeten vermoeien en zelf heel geconcentreerd moeten blijven. Maar het zal lastig worden.”

Hoe ziet een wedstrijddag er uit?

„Vroeg opstaan en met mijn begeleidingsteam ontbijten. Geen al te zwaar ontbijt. Een paar broodjes en misschien een eitje, dat is voldoende. En dan naar de zaal opwarmen tot je begint. Een worstelwedstrijd bestaat uit drie rondes van twee minuten. Na afloop ben je mentaal en fysiek uitgeput. Je moet voortdurend bewegen en de concentratie mag geen moment verslappen. En je moet je zenuwen in bedwang houden, wat niet altijd makkelijk is. Als je vijf partijen wint, ben je Europees kampioen.”

Hoe groot is de kans op de Spelen?

„Ongeveer 50 procent. Op het vorige WK vorig jaar werd ik zeventiende, terwijl straks achttien vrouwen mogen meedoen in mijn klasse in Londen. Ik ben er dichtbij, maar het is nog niet zeker dat ik me kwalificeer. Ik maak de meeste kans in China. Dan zullen de sterkste vrouwen uit Europa en Amerika zich al hebben geplaatst en is de concurrentie zwakker. De loting moet ook meezitten.”

Nederland is geen worstelland. Je doet als enige mee aan de EK. Is de sport hier professioneel genoeg?

„Aan de faciliteiten of begeleiding heeft het me nooit ontbroken. Ik heb drie trainers die elke dag met me werken en waar ik veel van leer. En ik heb mijn vader is een goede coach die met me meegaat naar de toernooien. Het is soms wel vervelend dat je als enige Nederlander naar die internationale toernooien moet reizen. Vroeger waren er nog een paar meisjes die altijd meegingen, maar die zijn om verschillende redenen gestopt. Dat vond ik in het begin jammer, maar nu ben ik het wel gewend. Het is absoluut geen reden om te stoppen. Daarvoor vind ik worstelen veel te leuk.”