Met McClaren is Twente nu voornaamste kampioenskandidaat

Steve McClaren heeft niet veel tijd nodig gehad om ‘zijn’ FC Twente weer aan de praat te krijgen. Door de inbreng van Leroy Fer en Willem Janssen smeedde de Engelse coach een vlot combinerend elftal.

De nieuwe, wat experimentele trainer eruit en de oude, wat behoudende trainer terug. Maakt bij FC Twente dat het verschil? Ja, zo eenvoudig kan het zijn. Voetballers die twee maanden geleden nog dolende waren, vormen nu een collectief dat als de belangrijkste kampioenskandidaat aangemerkt kan worden. Alles draait, zoals trainer Steve McClaren dat zo kernachtig kan zeggen, om consistency. Vastheid dus.

Waar de in de winterstop weggestuurde Co Adriaanse de spelers nogal eens verwarde en ergerde door veelvuldig te wisselen van teamsamenstelling en strategie, kiest zijn opvolger McClaren voor zekerheid. Hij past de opstelling alleen aan in geval van blessures en schorsingen. En de Engelsman, na anderhalf jaar terug bij de club die hij in 2010 kampioen van Nederland maakte, ziet er streng op toe dat de spelers hun taak uitvoeren.

McClaren werkt volgens een vaste patronen. En daar voelen de spelers van FC Twente zich het prettigst bij. De wispelturigheid van Adriaanse maakte ze onzeker. Dat deed veel spelers uit de selectie terugverlangen naar de tijd onder McClaren, een gevoel dat nog onder Adriaanse openlijk werd uitgesproken. De terugkeer van de Engelsman was daarom ook van psychologisch belang.

Maar de nieuwe trainer laat FC Twente ook anders spelen dan Adriaanse. En anders dan twee jaar geleden. Maar dat heeft te maken met de gewijzigde samenstelling van de selectie. In de verdediging, met voornamelijk oude bekenden, verplaatste hij de Venezolaan Roberto Rosales van rechts naar links. Maar die zal waarschijnlijk op zijn vertrouwde positie terugkeren als Dwight Tiendalli is hersteld van zijn blessures.

De belangrijkste wijziging voerde McClaren door op het middenveld. Hij haalde Willem Janssen en Leroy Fer van de bank en posteerde ze naast Wout Brama, de as van het elftal. In vergelijking met het kampioensjaar neemt dat tweetal de plaatsen in van Kenneth Perez en Theo Janssen.

De creativiteit van die twee spelers is ingeruild voor het loopvermogen van Janssen en Fer, een eigenschap die vooral van pas komt als er ruimte ontstaat. PSV heeft dat gisteren pijnlijk ervaren. Dat vergt een andere speelwijze dan weleer, maar het effect is gelijk. Waar Perez en Janssen dankzij hun geslepenheid de nodige doelpunten meepikten, scoren Fer en Janssen net zo gemakkelijk. Het was veelbetekenend dat zij gisteren in Eindhoven de helft van de productie voor hun rekening namen.

De creativiteit van FC Twente schuilt, net als in het kampioensjaar, in de voorhoede. Nacer Chadli heeft de rol van Bryan Ruiz overgenomen en Ola John, die zijn doorbraak aan Adriaanse te danken heeft, is als de wervelende vleugelspeler de meer dan waardige opvolger van Miroslav Stoch. Daar tussenin is Luuk de Jong zowel het ideale aanspeelpunt als de ideale afmaker. De spits speelt beter dan N’Kufo in het kampioensjaar, hetgeen vooral blijkt uit de topscorerslijst. De Jong leidt samen met Heerenveen-spits Bas Dost dat klassement met twintig doelpunten.

Wat vooral opvalt aan FC Twente is dat het een vlot combinerend elftal is geworden. De bal gaat gemakkelijk van voet tot voet. Verder verdedigt de ploeg degelijk, houdt het middenveld doorgaans de regie in handen en scoort de voorhoede gemakkelijk. Daarmee stijgt FC Twente momenteel boven de middelmaat uit.

En daar komt nog een aspect bij: de mentale weerbaarheid. McClaren had daar even voor gevreesd toen zijn ploeg drie weken geleden pijnlijk onderuit ging tegen Heracles. Maar tot zijn opluchting herstelde FC Twente zich met de uitschakeling van Steaua Boekarest in de Europa League en de machtsgreep in de eredivisie. „De mentaliteit is uiteindelijk bepalend voor het resultaat”, zegt McClaren. „Je weet dat er tegenslagen komen. Het gaat erom hoe je dan terugvecht. We hebben de kwaliteit en tonen nu ook de goede mentaliteit. Als we die op peil houden heb ik vertrouwen in een goede afloop.”

Ter bewaking van de psyche doet McClaren een beroep op de Engelse sportpsycholoog Bill Beswick, de specialist die hij twee jaar geleden bij FC Twente introduceerde en op de achtergrond een belangrijke rol speelde bij het kampioenschap.

Beswick moet alleen nog eens speciale aandacht besteden aan Douglas, de (te) emotionele verdediger die gisteren Ola Toivonen natrapte en onnodig zijn vijfde rode kaart kreeg.