Kwebbelen tijdens de kunstjes

Van de circusartiesten die meewerken aan de voorstelling Tilt! wordt meer verwacht dan een trucje.

Theaterrecensent

Geen circusgeschetter, geen parade, maar een raadselachtig tafereel. Het nieuwe Big Top Circus opent zijn eerste voorstelling met artiesten die ondersteboven aan koorden en palen hangen, en langzaam neerdalen tot ze de vloer raken. Even rijdt er een man op een eenwieler voorbij. Dan barsten er enkele dansoefeningen los, waarna een jongeman en een jongedame zich uit de groep losmaken om acrobatisch met elkaar te verkleven.

Zij schaart, opnieuw ondersteboven, haar benen om zijn nek en komt zodoende langs zijn lichaam te hangen. In de volgende scène verdringen drie mannen zich op een bankje, als in een droogkomisch slapsticknummer, om naast een meisje te kunnen zitten.

Een achtervolging loopt uit op een trapezenummer door twee acrobates. Een van de twee, hangend aan de ander, krijgt jeuk, krabt zich op de bips en mompelt „sorry”. Een andere achtervolging, tussen een eenwieler en een reguliere fiets, speelt zich af op een trampoline.

En zo gaat Tilt!, dat vorige week in de Rotterdamse Schouwburg in première ging, verder. Veertien acrobaten en twee muzikanten op keyboards en gitaar spelen een aaneenschakeling van scènes en sferen die wordt gepresenteerd als nouveau cirque – de tegenhanger van het klassieke circus. Een beweging die in de jaren tachtig in Frankrijk ontstond en nu vooral bekend is in de voyante verschijningsvorm van de Canadese multinational Cirque du Soleil.

Big Top-producent Gerrit Reus schrijft die ontwikkeling toe aan het feit dat Jack Lang, de toenmalige Franse minister van Cultuur, subsidie gaf aan klassiek circus én aan de opleidingen waar werd gezocht naar nieuwe circusvormen: „Daardoor is er een vernieuwing op gang gekomen waarin het ambachtelijke fundament van klassieke technieken zoals acrobatiek en jongleren wordt verbonden met andere theatervormen als dans en mime. Alles kan. Wat dat betreft is het circus altijd al een eclectische theatervorm geweest. Je kunt het heel goed combineren met alle mogelijke andere elementen.”

Reus (60) hoopt, als eenmansimpresariaat, elke twee à drie jaar met een nieuwe Big Top-voorstelling te komen, terwijl binnens- en buitenslands ook de vorige productie nog wordt doorgespeeld. Dat zou de verwezenlijking van een droom zijn, vertelt hij: „Ik wilde op mijn vierde al circusdirecteur worden. Toen kwam circus Boltini optreden in het dorp waar ik vandaan kom. En daar stond de directeur, in zo’n pak met tressen, kaartjes af te scheuren. Ik zag dat en wist: dat wil ik ook worden.” In de 28 jaar dat hij bij de Stadsschouwburg in Utrecht heeft gewerkt kon Reus zich al één keer per jaar uitleven op het door hem opgerichte kerstcircus Cascade, dat hij ook na zijn vertrek blijft samenstellen. Maar de Big Top-tournee is een zelfstandige onderneming.

De artiesten die Reus voor Tilt! bijeenbracht komen uit diverse Europese landen. Sommigen moesten er aan wennen dat ze zich niet konden beperken tot het opvoeren van hun ene nummer, zoals in het klassieke circus. Hier is niet eens een ceremoniemeester die hen aankondigt. Ze gaan op in een groter geheel en dienen ook in veel andere scènes mee te doen.

„Dat ging niet zonder slag of stoot”, zegt Reus. Volgens zijn schatting is slechts de helft van het programma gevuld met de bestaande nummers waarmee zijn artiesten binnenkwamen. De andere helft is tijdens de repetities gemaakt, onder leiding van regisseur Jos Groenier, als overgangen die de voorstelling tot een eenheid maken. „We hebben zelfs de duo’s en trio’s uit elkaar gehaald om veertien individuen te creëren die elk min of meer een eigen karakter hebben, en af toe samen met een of twee anderen een nummer doen. We hebben iedereen gevraagd: wat kun je nog meer? Zo bleek een acrobate zo goed te zingen dat ze nu ook een nummer zingt. En een ander bleek tegelijk zo’n goede danser te zijn dat we hem een stukje Zwanenmeer hebben gegeven.”

Maar misschien het opmerkelijkste onderdeel is het trapezenummer waarin de beide acrobates heel wat afkwebbelen bij hun kunstjes. Dat deden ze al toen Gerrit Reus hen voor het eerst zag optreden, zegt hij.

Ook hij, de circuskenner, heeft nooit eerder een acrobaat tijdens zijn nummer een woord horen zeggen. Een wereldprimeur dus? „Ja, dat zou weleens kunnen.”

Tournee t/m 31 maart. Voor meer informatie zie www.bigtop.nl