De lege energie van de Red Bull-mens

Wat zijn de kleine verhalen waar de moderne mens in gelooft? Wekelijks vertelt Arjen van Veelen zo’n moderne mythe. Vandaag: mierzoete energiedrankjes.

In Amsterdam-West zit een winkeltje met de naam ‘Energy Dictator – home of drinks’. Het assortiment bestaat vooral uit alcohol, snacks en energiedrankjes: de vrolijke proviand van nachtdieren en slapelozen.

De eigenaar, een Ghanees, liet jaren geleden posters maken waarop hij staat afgebeeld verkleed als alleenheerser. Je ziet hem als Stalin, Napoleon of Julius Caesar. De vergeelde posters sieren nog steeds de etalage.

De Energy Dictator. Het is een geinige gimmick voor een avondwinkel – en een goed symbool voor onze opgefokte samenleving waar energiek zijn het hoogste goed is.

Werkgevers willen ‘energieke starters’ en ‘energieke professionals’. Op de loopbaansite carrièretijger.nl staat ‘energiek zijn’ onder het kopje ‘professionele eigenschappen’. Volgens de site houdt dat in: ‘lange tijd achtereen kunnen presteren wanneer je baan dit van je vraagt’, en dat ‘zonder een enorme tegenzin of klaagpartij’. Energiek zijn is dus overwerken zonder te zeiken .

Steden als New York noemen we niet hectisch of vermoeiend. Nee, zeggen we, ‘ik krijg er zoveel energie van’ (net zoals we ‘energie krijgen’ van onze dynamische banen). Ons motto is: work hard, play hard. Het liefst springen we de hele tijd met uitgestrekte armen en benen van duinen, zoals de mensen doen in reclames voor vitaminepillen en Kukident. Supervitale Vitruviusmannetjes zijn we.

Energie! Enthousiasme! Uitroeptekens!

Intussen zijn we moe. De laatste decennia zijn Nederlanders gemiddeld een uur minder gaan slapen per dag, blijkt uit onderzoek. En de helft van ons is al afgemat bij het opstaan. We hebben er de kracht niet meer voor. We raken opgebrand. In dit land der uitgeblusten is energie logischerwijs God.

De politicus Diederik Samsom vertelde laatst aan deze krant waarom hij een goede leider is voor de PvdA. Het ging niet om de inhoud, maar om energie. „Mijn ambitie”, zei Samsom, „is het om de partij nieuwe energie te geven”. En: „Ik maakte mij zorgen om de energie in de partij”. Vijf keer gebruikte hij dat magische woordje. Het viel hem zelf ook op: „Sorry dat ik het woord nog eens gebruik, maar het gaat toch om de energie in de partij.”

Het land is moe, maar daar is Diederik Samsom: Red Bull voor de sociaal-democratie.

Ieder tijdperk krijgt zijn eigen toverdrankje. Dat van ons is niet wijn of melk, maar mierzoete energiedrank. Melk komt van koeien. Wijn komt van druiven. Energiedrank komt van de marketingafdeling van Red Bull. Het is een verzonnen drankje.

Wat Apple deed met computers, deed Red Bull met cafeïne. Energiedrank bestaat uit: cafeïne en paar scheppen suiker. Koude koffie met kauwgomsmaak. Een placebovloeistof.

Maar koffie is saai, koffie is thuis, koffie drink je zittend. Een stuntpiloot drinkt geen bakkie pleur. Rond Red Bull echter zijn fantastische fabels gesponnen van seks, avontuur en creativiteit. Red Bull heeft wereldwijd bijna 8.000 werknemers en verkoopt jaarlijks ruim 4 miljard blikjes.

Om de mythe in stand te houden moet het bedrijf duizenden evenementen per jaar organiseren: luchtshows, trendy feesten, ijshockeywedstrijden. Het bedrijf doet ook aan kunst en heeft een eigen blad. The Red Bulletin heeft een oplage van 4,6 miljoen en wordt ingevouwen bij kwaliteitsbladen, zoals de Frankfurter Allgemeine.

Die placebo-energie werkt. Onlangs toonden onderzoekers van Boston College aan dat alleen al het zien van het Red Bull-logo mensen roekelozer maakt: proefpersonen die een racespelletje speelden haalden hogere tijden én crashten vaker.

Energiedrank is sociaal geaccepteerde cocaïne, doping zonder diskwalificatie: een kinderdrankje voor volwassenen en een volwassen drankje voor kinderen.

Juist het foute ervan is verleidelijk. Hangjongeren en kantoorslaven drinken het niet alleen „voor momenten van verhoogde fysieke en mentale inspanning”, maar voor dat quasigevaarlijke van leven op het randje.

Je krijgt geen energie van energiedrank. Je krijgt wel de drang om iets te doen – no matter what. Het is energie van trillen, beven, draven, de tomeloze energie van een kip zonder kop.

De lege energie van de Red Bull-mens wordt raak getypeerd in de recente film Shame, over het seksverslaafde kantoordier Brandon. De film speelt zich vooral ’s nachts af, in clubs in Manhattan. Wat voor werk Brandon heeft zien we niet (doet het er toe). Wel zien we hem neuken en eten. Of, nu ja, eten. Afhaalchinees als hij porno kijkt en ’s ochtends een blikje Red Bull als ontbijt. Michael Fassbender, de acteur die Brandon speelt, zei in een interview: „Here’s someone who just eats as fuel.”

De Red Bull-mens is behalve dier ook een machine die fuel nodig heeft. Hij tankt. Burp.

Energydrink is benzine voor een machine. Vandaar ook die onmenselijk vieze smaak. Het hoort bij de marketing. Op de website van energiedrankje TAKE OFF zie je ene Jack N’Gine (vrij vertaald: ‘Jan de Motor’) die de lezer als volgt toespreekt. „Hoi. TAKE OFF geeft de frisse kick als mijn aandrijving begint te haperen, zodat alles weer op rolletjes loopt – op het werk, een feestje, in mijn vrije tijd of onderweg.”

De mens is een autistische prestatiemachine geworden, schrijft de Duitse-Koreaanse filosoof Byung-Chul Han in zijn pas verschenen pamflet De vermoeide samenleving. Het is een ingewikkeld filosofisch werkje, maar je zou het kunnen samen vatten met deze boerenwijsheid: te veel van het goede is niet goed.

En er is nu te veel van het goede, zegt de filosoof. Er is een dictatuur van positiviteit, van „overproductie, overprestatie, overcommunicatie”. De moderne mens is een hyperactieve en hysterische neuroot, die zichzelf vrijwillig uitbuit en afmat en die dat vrijheid noemt. Het is een energieke, alerte mens, ja. Maar het is de alertheid en energie van wilde dieren op de savanne, schrijft Byung-Chul Han.

We zijn beesten, wildlife. Heel vermoeiend.

Zie ook het logo van Red Bull: twee energieke, rode stieren die voor een ondergaande zon zinloos tegen elkaar aanknallen.