Niets is heilig voor Schlingensief

Christoph Schlingensief: Fear at the Core of Things. T/m 29 april. BAK, Lange Nieuwstraat 4, Utrecht. Wo t/m za 12-17u, zo 13-17u.

Nog steeds stromen de condoleances binnen, elke week, al ruim anderhalf jaar lang. Van mensen die toevallig langs zijn oude huis in Oberhausen lopen en schrijven hoe erg ze hem missen. Van mensen die hem danken wegens zijn strijd voor de verdrukten. Die hem bewonderen om zijn ongebreidelde energie, zijn aanstekelijke levenslust, zijn politieke moed, wegens zijn weerbarstige, lawaaierige oeuvre dat nooit meer verder zal groeien. Hij – dat is Christoph Schlingensief, Duits theatermaker, operaregisseur, politiek dier, filmmaker, beeldend kunstenaar. Geboren in 1960 en gestorven in de zomer van 2010 aan de gevolgen van longkanker.

Schlingensief was het archetypische enfant terrible, dat de leugens, obsessies en de wreedheid van de westerse intelligentsia, van neoliberale politici, rechts-extremisten, hippies, galeriehouders, kunstkopers en van zichzelf in zijn werk genadeloos onder de loep nam. Uitgehoond, bespuugd en geroemd werd hij om zijn project Ausländer Raus, toen hij in 2000 op de Wiener Festwochen een Big Brother-achtige show op poten zette waar voorbijgangers asielzoekers konden wegstemmen.

Berucht waren zijn ensceneringen van Wagners Parsifal op de Bayreuther Festspiele. Altijd koos Schlingensief de kant van het anti-establishment, en nooit was van tevoren duidelijk wie tot dat establishment hoorde.

De meesten kennen zijn naam van vorig jaar, toen het Duitse Paviljoen op de Biënnale van Venetië de Gouden Leeuw in de wacht sleepte. Medewerkers van Schlingensief hadden het gebouw veranderd in een betrekkelijk sobere kerk, waar postuum een eredienst werd opgevoerd voor de man met de woeste haardos. Wie dat requiem in drie dimensies toen niet zag, moet zich nu naar BAK in Utrecht spoeden. Want daar is een spectaculair ingerichte tentoonstelling te zien, die zich concentreert op drie hoofdwerken uit Schlingensiefs oeuvre.

BAK is daarvoor van kelder tot zolder verbouwd. Het eerste werk, met de onmogelijke titel Animatograph-Icelandic-Edition (House of Parliament/House of Obsession) Destroy Thingvellir (2005), is een kakofonisch, multimediaal ‘kijkzintuig’, dat zich deels in IJsland afspeelt, deels in een Thais restaurant, deels in een kermiscarrousel en deels in een wrakkige garage. Om Animatograph... te kunnen ervaren moet je letterlijk op handen en knieën kruipen en je tegen alle regels in achter een toonbank van een restaurant wurmen. Animatograph… stelt alles ter discussie: niet alleen de democratie, maar ook de kunst van Joseph Beuys en Dieter Roth, de strategie van de struisvogel, de Katholieke Kerk, de vorm van de zalm, en de kijker zelf.

Vanuit deze zintuiglijke totaalervaring gaat het geconcentreerder terug en omhoog in BAK. Op de bovenste verdieping is een reconstructie te zien van Schlingensiefs nog steeds huiveringwekkende Ausländer Raus-project in Wenen. Foto’s, krantenknipsels, maar vooral een documentaire brengt haarfijn in beeld hoe hypocriet zowel links is als rechts.

Daarbij blijkt nog eens hoe groot de moed is geweest van de kunstenaar die het thema buitenlanderhaat op zo’n compromisloze manier, met gevaar voor eigen leven, voor het voetlicht durfde te brengen. Daarbij vergeleken tijgeren Martijn Engelbregt en Jonas Staal – Nederlands enige echt politieke kunstenaars – nog in rompertjes rond.

Het derde werk in Utrecht is het oudste. Das Deutsche Kettensägemassaker (1990) is een schots en scheve parodie op de Amerikaanse horrorklassieker The Texas Chain Saw Massacre uit 1974. De Duitse Val van de Muur is in 1990 nog maar net een feit. Het roofkapitalisme krijgt vorm in de personages van een slager en zijn geflipte familieleden. De liefde voor de schattige ‘Ossies’ in hun nostalgische Trabantjes blijkt in 1990 al verdampt. Allemaal leuk en aardig, die eenwording. Maar kijk, zegt Schlingensief, kijk, wat jullie wérkelijk willen.

Op 8 maart om 20 uur wordt in het Hamburger Bahnhof in Berlijn de benefietveiling ‘Auktion 3000’ georganiseerd voor de bouw van Schlingensiefs Afrikaanse operadorp in Burkina Faso. Kunstenaars als Marina Abramovic, Andreas Gursky, Matthew Barney, Wolfgang Tillmans en Georg Baselitz stellen gratis werk ter beschikking.