De extra dag

Het was op de vooravond van de 29ste februari. Op het journaal legde een deskundige uit hoeveel de gemiddelde particulier en de neringdoende middenstand er met die extra dag op voor- of achteruit gaan. Voor mij om geen touw aan vast te knopen en eerlijk gezegd, het interesseerde me ook niet. Ik vroeg me af of de kleine kinderen van deze tijd weten wat een schrikkeljaar is, en dat niet alle maanden evenveel dagen hebben. Ik denk dat ik het een jaar of 78 geleden van mijn moeder heb geleerd met behulp van een rijmpje:

Dertig dagen heeft september, april, juni en november.

De andere hebben er dertig en één.

Behalve februari. Die heeft er vier maal zeven,

en in een schrikkeljaar nog één daarneven.

Dat heb ik toen voor kennisgeving aangenomen en me verder niet in die mysterieuze 29ste februari verdiept.

Intussen was de schrikkeldag van 2012 aangebroken. Terwijl ik over dit stukje zat na te denken, leek het me opeens verstandig toch even in Wikipedia te kijken. Ongelofelijk. Die stortvloed van feiten, verklaringen, wetenswaardigheden. Waar halen ze het vandaan? En dat allemaal vrijwillig bijeengebracht, zonder commercieel belang. Over internet als geheel heb ik mijn gemengde gevoelens. Waren we een jaar of twintig geleden tevredener, gelukkiger, toen we nog niet deze enorme beschikbaarheid hadden aan wetenschap, films, roddel, porno en wat heb je verder, gecombineerd met de totale vrijheid van meningsuiting?

Dat is geen vraag. Waren we gelukkiger toen de rotatiepers en de explosiemotor nog moesten worden uitgevonden? Toen de formule van het buskruit nog moest worden ontdekt? Toen we nog geen wielen hadden? De tijden veranderen maar worden ze objectief beter of slechter? Stel je voor dat een oermens uit het wielloze tijdperk opeens, zonder waarschuwing in een modern spitsuur werd verplaatst. Het zou me niet verbazen als hij binnen een uur gek van wanhoop zou worden en hartstochtelijk zou verlangen naar zijn hunebed.

En ik verzeker u: na deze prachtige fase van onze digitale beschaving komt de volgende die misschien nog prachtiger is, of – dat weet je nooit – de digitale verwoesting inluidt. Probeer je eens een voorstelling te maken van de mondiale wanhoop die daarvan het gevolg zou zijn. Misschien is nu al een duivels brein bezig de grondslag voor zo’n catastrofe te leggen.

Om meer te weten te komen over het schrikkeljaar wilde ik dus in Wikipedia kijken. En nog voor ik de encyclopedie had bereikt werd ik door Google al bediend. Op 29 februari 1792 is Gioacchino Rossini van de beroemde opera’s geboren. Die mededeling was versierd met een leuk plaatje, genre tekenfilm, van een guitig kijkende zangeres in gezelschap van drie kikvorsen van wie er twee vrolijk guitig kijken en de derde boos maar ook guitig.

Deze guitigheid is uitgevonden door Walt Disney. De absolute oerguitigheid wordt door Mickey Mouse vertegenwoordigd die dit jaar zijn 84ste verjaardag viert en even vitaal, springlevend is als toen hij werd geboren. In 2028 wordt hij honderd. Intussen heeft hij een wereldfamilie van guitigkijkers veroorzaakt, van Donald Duck en Oom Dagobert tot bij ons Loekie de Leeuw (van de reclameblokken op de televisie) en, vrees ik soms, ook Heer Bommel en Tom Poes.

De uitvinding van het guitig kijken heeft in een wereldbehoefte voorzien. Deze guitigheid is levenskrachtiger gebleken dan de grote ideologieën, het communisme en het fascisme. En misschien, ik durf het niet met zekerheid te zeggen, zijn er in de loop der jaren ook derivaten gegroeid. Ik noem de drang om leuk uit de hoek te willen komen. Leuk is misschien wel het meest universele woord van deze tijd. Luister naar de radio, één keer een hele dag, en tel hoeveel keer er leuk wordt gezegd. Klik op YouTube een paar filmpjes aan, komisch, tragisch, misdaad, het maakt niet uit wat. En dan zie je links onder vier woorden: Ik vind dit leuk. En een hokje waarin je een kruisje kunt zetten.

Is een schrikkeljaar leuk? Reken maar van yes. Om te beginnen is 29 februari de enige datum waarop een meisje een jongen ten huwelijk mag vragen. Dan zijn er in Nederland meer dan tienduizend mensen die op de schrikkeldag geboren zijn en dus mathematisch-chronologisch gesproken maar eens in de vier jaar echt jarig zijn. Die buitenkans zullen ze zich niet laten ontgaan. En dan is er nog een klein, theoretisch voordeel. Een schrikkelmens dat de afgelopen week zijn veertigste verjaardag heeft gevierd, kan zich ook als een wezen van tien beschouwen. En dat kan dan weer een goede aanleiding zijn om even een beetje leuk te doen. Ten slotte de belangrijkste vraag. Is het waar dat je door het verschijnsel van de schrikkeljaren eens in de vier jaar een dag langer leeft? Helaas, nee. In overeenstemming met de bewegingen van aarde en zon hebben we onze tijd in overzichtelijke eenheden verdeeld. Maar dat heeft niets met de lengte van ons leven te maken. Amen.