Uw aangifte? Die is blijven liggen

Het Openbaar Ministerie wil straks zeven dagen in de week open zijn, om veelvoorkomende misdrijven sneller aan te pakken.

Redacteur Justitie

Utrecht. Voor de moderne officier van justitie is het de ideale straf: de jongens die ’s ochtends zijn opgepakt wegens vernielingen in het winkelcentrum moeten liefst nog dezelfde avond op dezelfde plek met een bezem aan de slag. „Zo tast je pas werkelijk de machtspositie aan van die macho jongens. Bovendien is het een goed gebaar naar de winkelende mensen die last hebben van die jongens”, zegt Marc van Nimwegen.

Procureur-generaal Van Nimwegen geldt binnen het Openbaar Ministerie (OM) als een van de grondleggers van een nieuwe manier om veelvoorkomende criminaliteit aan te pakken. De ZSM-aanpak noemen ze het. ‘Zo snel en selectief mogelijk’, betekent dat. Sinds een jaar wordt er in vijf arrondissementen mee geëxperimenteerd. Het moet het antwoord zijn op de haperende strafrechtketen.

Voor de buitenwereld mag het niet meer dan logisch lijken, binnen het OM zien ze het als een kleine revolutie. De officier van justitie, die volgens Van Nimwegen traditioneel werkte in een „abstracte papieren werkelijkheid”, fungeert voortaan als poortwachter bij „de justitiële polikliniek”. In overleg met politie, advocatuur en instanties als slachtofferhulp, reclassering en eventueel kinderbescherming bepaalt de magistraat meteen na aanhouding wat er met een verdachte moet gebeuren. „Ons werk is veel zinvoller als er snel en zichtbaar een effectieve sanctie wordt opgelegd.”

De gangbare werkwijze bij het OM is dat de aanklagers processen-verbaal krijgen van de politie. Instanties als de reclassering of de advocaat brengen stukken in en pas vele maanden na het delict beslist justitie wat er met een verdachte gebeurt. De officier kan een zaak seponeren wegens gebrek aan bewijs, de verdachte een transactie of taakstraf aanbieden of, omdat de zaak gecompliceerd is, dagvaarden om voor de rechter te verschijnen. „Als besloten werd een zaak zelf af te doen, eindigde die afweging vaak in het opsturen van een acceptgiro om een boete te betalen”, zegt de procureur-generaal.

Volgens de ZSM-methode moet er meer op maat worden gereageerd, met veel aandacht voor het slachtoffer. Sinds vier jaar heeft het OM via de zogeheten strafbeschikking meer mogelijkheden om zelf, zonder inschakeling van de rechter, een verdachte te straffen met sancties als een schadevergoedingsmaatregel, een stadionverbod of ontzegging van de rijbevoegdheid.

„Vroeger stuurde het OM het slachtoffer alleen een ‘voegingsformulier’ waarop hij kon aangeven wat de schade was”, vertelt Van Nimwegen. „Nu schrijven we geen brief meer, maar wordt het slachtoffer gebeld om meteen te overleggen hoe het leed kan worden hersteld. Onze eigen mensen komen uit hun traditionele bureaucratische patronen. We proberen wat meer van deze tijd te zijn.”

Hoe dit in de praktijk werkt, is bijvoorbeeld te zien in het hoofdbureau van politie aan het Paardenveld in Utrecht. Op zaterdagochtend om 9 uur zitten medewerkers van politie, justitie, slachtofferhulp, reclassering en kinderbescherming rond een groot elektronisch scherm. Daarop staan de namen van een dertigtal verdachten die afgelopen nacht zijn opgepakt. Op het bord staat voor welk delict mensen zitten en hoe lang ze nog in verzekering mogen blijven voordat justitie een beslissing moet nemen. De overlegruimte heeft een videoverbinding met het arrestantencomplex in Houten, zodat verdachten via een camera kunnen worden gehoord.

In het overleg worden alle verdachten een voor een ‘behandeld’. Er is een man die een taxichauffeur mishandelde omdat hij flirtte met zijn vriendin. Er is een wildplasser die een middelvinger opstak naar de politie. Tijdens de bijeenkomst wordt veel getelefoneerd om verdere documentatie op te vragen en schades vast te stellen.

Volgens Van Nimwegen moet de officier van justitie niet blijven hangen in het formele justitiële circuit, maar ook maatschappelijke netwerken inschakelen. „Je moet veel meer betekenis geven aan de taakstraf. Die heeft in Nederland een soft imago gekregen.”

Schoffelen bij de plantsoenendienst is niet in alle gevallen een geschikte taakstraf. In de ideale situatie wordt er een verband aangebracht tussen delict en sanctie. Bij justitie wijzen ze trots op de wijze waarop ze onlangs Marokkaanse jongens aanpakten die in Amsterdam joden lastigvielen. De daders moesten met joodse jongeren opknapwerk doen op de joodse begraafplaats Zeeburg. „Die taakstraf heeft positieve effecten gehad in beide gemeenschappen.”

Probleem met de ZSM-aanpak is dat pogingen van justitie om alle verdachten ook vroegtijdig te laten bijstaan door een advocaat, nog geen vrucht hebben afgeworpen. Binnen de advocatuur valt kritiek te beluisteren.

Jan Leliveld, bestuurslid van de Orde van Advocaten: „Als berechting sneller kan, is het goed dat het sneller gebeurt. Maar dit mag niet gaan schuren met de zorgvuldigheid, en dat risico is levensgroot. Nu de rechterlijke toetsing in veel strafzaken achterwege blijft en verdachten de gevolgen van hun beslissing in de stressperiode soms niet goed kunnen overzien, is het extra belangrijk dat een advocaat als procesbewaker de verdachte bijstaat.”

Volgens Leliveld moet verplicht contact met een advocaat vast onderdeel zijn van de nieuwe aanpak. „Je hoeft niet voor elke kleine zaak een heel circus op te tuigen, maar contact met een advocaat is geen sinecure. Soms kan een kort gesprek voldoende zijn.”

OM en advocatuur overleggen nog over een manier waarop juridische bijstand aan verdachten het beste kan worden geregeld.

Voor eind volgend jaar wil justitie in het hele land volgens de nieuwe methode werken. De ‘justitiële polikliniek’ is dan zeven dagen in de week 16 uur per dag open. Het OM verwacht dat het aantal strafzaken dat de rechter haalt uiteindelijk wordt gehalveerd. Van Nimwegen: „Vroeger was het bijna een automatisme de rechter in te schakelen. Nu gaat het gemiddelde niveau van de zaken die bij de rechter komen omhoog.”

Volgens Van Nimwegen wordt het werk voor de officier van justitie aangenamer. „Die ziet direct de betekenis ervan. Door de rechtstreekse confrontatie met de gewone werkelijkheid zal hij zich meer betrokken voelen bij de frustraties van burgers en slachtoffers.”