Hulpkonvooi Rode Kruis heeft Homs bereikt - Frankrijk sluit ambassade

Een satellietfoto van de wijk Baba Amr in Homs. Het regeringsleger claimde gisteren de opstandige wijk weer volledig onder controle te hebben. Foto Reuters / DigitalGlobe

Een hulpkonvooi van het Rode Kruis heeft de Syrische stad Homs bereikt en staat klaar om de wijk Baba Amr binnen te gaan. Gisteren kreeg het Rode Kruis toestemming van het regime om voedsel en medicijnen te brengen naar de wijk die al weken onder vuur ligt. Ook mogen de hulpverleners mensen in nood evacueren. Dat meldt persbureau Reuters.

Eerder liet het Rode Kruis weten dat een konvooi bestaande uit zeven vrachtwagen met voedsel en andere hulpgoederen onderweg van van Damascus naar Homs. In Homs staan vrijwilligers en ambulances van de Syrische Rode Halve Maan, de zusterorganisatie van het Rode Kruis, klaar om samen met Baba Amr binnen te gaan.

Het regeringsleger claimde gisteren de opstandige wijk Baba Amr, gelegen in de stad Homs, weer volledig onder controle te hebben. Dat gebeurde nadat het Vrije Syrische Leger, de belangrijkste groep van gewapende opstandelingen, bekend maakte zich “om tactische redenen” uit Baba Amr te hebben teruggetrokken.

Frankrijk sluit ambassade Syrië

Op de EU-top in Brussel maakte de Franse president Nicolas Sarkozy bekend dat hij heeft besloten de ambassade in Syrië te sluiten wegens de toenemende onderdrukking van de Syrische bevolking. Frankrijk volgt hiermee Groot-Brittannië op. Gisteren besloot de Britse minister van Buitenlandse Zaken Hague de ambassade in Syrië “per direct te sluiten”. Ook zijn alle diplomaten eergisteren teruggetrokken uit Damascus omdat er wordt gevreesd voor hun veiligheid.

Carolien Roelants, Midden-Oostendeskundige van NRC, noemde de sluiting van de Britse ambassade een “opmerkelijke stap”.

“In Damascus is het tot dusver betrekkelijk rustig gebleven. Is dit een teken dat het ook daar begint te wankelen? Ik heb daar tot nu toe nog geen tekenen van gezien. Het is mogelijk dat Groot-Brittannië oordeelt dat de diplomaten niet meer goed hun werk kunnen doen, doordat ze niet meer door het land kunnen reizen en dat het daarom zinloos is om in het land te blijven.”