VVD: laat coffeeshops stoppen met handel in hasj

Coffeeshops zouden niet langer hasj mogen verkopen. Een meerderheid in de Tweede Kamer wil een einde maken aan het gedogen van deze softdrug.

VVD-Kamerlid Ard van der Steur zou minister Opstelten (Veiligheid en Justitie, ook VVD) vandaag vragen om maatregelen te nemen om hasj niet langer te gedogen. Ook coalitiepartner CDA en gedoogpartner PVV zijn hiervoor.

De verkoop van hasj in Nederlandse coffeeshops betekent indirect een financiering van internationale criminele organisaties, zegt Ard van der Steur. „Het is wonderlijk dat douane, politie en justitie er alles aan doen om hasj buiten onze landsgrenzen te houden, om vervolgens via de verkoop in de coffeeshop alsnog die internationale handel te bevorderen.” Hasj uit Nederlandse coffeeshops wordt vooral in het buitenland geproduceerd, in tegenstelling tot wiet. Van der Steur: „De grootste leveranciers zijn Afghanistan, Marokko, Libanon en Pakistan.”

Vanmorgen kreeg Van der Steur wisselende reacties op zijn voorstel om hasj uit de coffeeshops te weren: critici zeggen dat met het opheffen van het gedogen de handel niet zal stoppen. „Huisdealers, scooterdealers en 06-lijnen trekken champagne open”, reageerde de Vereniging voor Opheffing van het Cannabisverbod vanmorgen.

Vandaag debatteert de Kamer met minister Opstelten en minister Schippers (Volksgezondheid, VVD) over het drugsbeleid. Naast het einde aan het gedogen van hasj zal vooral de wietpas onderwerp van debat zijn. Vanaf 1 mei moeten coffeeshops in de zuidelijke provincies (Zuid-Holland, Zeeland, Brabant en Limburg) de ‘clubpas’ invoeren. Per 1 januari volgt de rest van Nederland. Alleen Nederlandse ingezetenen mogen dan nog de coffeeshop binnen, en elke coffeeshop mag maximaal tweeduizend leden hebben. Die ledenlijst moeten de shops zelf bijhouden.

Opstelten wil met de pas drugstoeristen weren. De oppositie én veel gemeenten zijn echter kritisch over deze maatregel: de illegale handel zal erdoor groeien, voorspellen ze.